Sterretjes-kunst mist duidelijke stellingname

Rehab..

amsterdam Kijk door de ogen van grafisch ontwerpers Ben Laloua en Didier Pascal naar de beelden in de media en een wereld van verbazing openbaart zich. Waarom bedient een reclame voor schoenen zich in ’s hemelsnaam van een halfnaakte vrouw bubbelend in een cognacglas vol water?

Hoe komt een serieuze fotograaf, die in 1972 de beroemde foto maakte van een Vietnamees meisje vluchtend voor een napalmaanval, er toe om 35 jaar later zijn camera te richten op een huilende Paris Hilton op weg naar de gevangenis?

Niet alleen de fotograaf is veranderd, ook de kranten en het publiek hebben hun interesse verlegd. Die kunnen van Privé tot de Volkskrant, van Hot Stars tot Daily Mail geen genoeg krijgen van de Werdegang van sterretjes als Paris Hilton en Britney Spears, alsof hun tragiek maar in de buurt komt van het leed van het napalmmeisje.

Op de switch van fotograaf Nick Ût kunnen volksstammen sociale wetenschappers hun tanden stukbijten. Ook de conclusie van Laloua en Pascal dat Hilton en consorten ons troost bieden doordat ze een bijbelse lijdensweg van succes, vallen, boetedoening en wederopstanding nieuw leven inblazen, verlangt naar uitgebreide studies. Het zijn ijzersterke constateringen, maar wat doe je ermee in een tentoonstelling in het Stedelijk Museum Bureau Amsterdam?

De grafisch ontwerpers wilden zich onthouden van stellingname en kozen ervoor de opmerkelijke beelden te neutraliseren en ze zo opnieuw de wereld in te slingeren. Ze patchworkten de beeltenis van de vrouw in het cognacglas op een zachte deken en vertaalden de sterrenfoto’s in naïeve striptekeningen die niet misstaan in een tienerblad. Dat is grappig, maar de nieuwe beelden voegen weinig toe aan de bestaande.

Gelukkig geeft het thema kunst en media aanleiding om twee andere kunstenaars naar Amsterdam te halen, die wel meeslepende beelden produceren. Al in 1992 begon de Duitse Christian Jankowski met zijn Schamkasten, een fotoserie waarin gewone mensen in gewone mensenkleren in een aftandse etalage zitten met een tekstbord op hun schoot. De meest onnozele teksten komen voorbij: ‘Ik schaam me ervoor dat niemand met me wil slapen.’ De sobere zwart-witfotografie, de kneuterige teksten en ‘echte’ mensen vormen een stil en visionair protest tegen de inmiddels onontkoombare Oprah Winfrey-schaamteshow.

De echte ster van deze tentoonstelling is de kunstenaar Meiro Koizumi (1976). Zijn korte film Human Opera XXX is absurdistisch en biedt tegelijk een groteske blik in de amusementsindustrie.

Net als Peter R. de Vries betaalt Koizumi in Human Opera XXX voor een waargebeurd verhaal. Maar het vertellen van het tragische verhaal voor de camera levert nog geen spannend beeld op. Dus grijpt Koizumi in. Hij schminkt zijn slachtoffer, geeft hem zilveren slangen om vast te houden en een toeter om op te blazen. Als een leeggezogen wegwerpartikel blijft de man uiteindelijk achter. Intussen heeft de vampier wat hij wil: een bloedstollende reportage.

Marina de Vries

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden