Stempel 'Grozny' vrijbrief martelen

Met zijn magere lijf en gebogen schouders, zijn schrikachtige manier van doen en zijn lichte stotter lijkt Wacha Legajevitsj in niets op een Tsjetsjeense guerrillastrijder....

Van onze correspondent Bart Rijs

Maar in de ogen van de Russische politiecommando's die de 38-jarige ingenieur half januari bij een van de blokposten in het noorden van Tsjetsjenië aanhielden, zei de stempel 'Grozny' in zijn paspoort genoeg. Met zestien anderen werd Legajevitsj in een dievenwagen naar een 'filtratiekamp' in het dorp Tsjernokozovo gebracht, waar hij twee weken aan een stuk werd afgeranseld en vernederd door de Russische bewakers.

De Tsjetsjenen moesten 24 uur met hun gezicht tegen de muur staan in een ijskoude cel van twee bij vijf, waar het excrement op de vloer lag. Na middernacht werden ze één voor één naar buiten geroepen; de mannen die in de cel achterbleven hoorden doffe klappen, daarna krijsen en kreunen.

'Ze riepen mij als dertiende naar buiten', herinnert Wacha Legajevitsj zich. 'Ze schopten me in mijn lever en maag, tot ik krimpend van pijn over de vloer rolde. Ik moest met mijn handen achter mijn hoofd gevouwen op mijn knieën naar een ondervragingskamer aan het eind van de gang kruipen. Hoe sneller je kruipt, lachten ze, hoe minder klappen je krijgt. Op de drempel van de kamer moest ik zeggen: ''Meneer de commandant, Wacha Legajevitsj is naar u toe komen kruipen. Dank u wel voor de ontvangst. Mag ik binnen komen?''

De internationale organisatie Human Rights Watch, die in de buurrepubliek Ingoesjetië getuigenissen verzamelt over de filtratiekampen, zegt dat vele honderden Tsjetsjeense gevangenen systematisch zijn gemarteld en soms verkracht. Volgens mensenrechten onderzoeker Peter Bouckaert zijn de bewijzen onomstotelijk. 'Wat daar gebeurt is te erg voor woorden.'

Het kamp in Tsjernokozovo is zichtbaar vanaf de weg: een verwaarloosd bakstenen gebouw met vier wachttorens, dat is omgeven door een wirwar van prikkeldraad en gedeeltelijk schuilgaat achter een metershoge houten schutting. Moskou weigert journalisten, het Internationale Rode Kruis en de waarnemers van de Europese Veiligheidsorganisatie OVSE ondanks herhaaldelijke beloftes binnen de omheining toe te laten.

Zie verder pagina 5, kolom 1

'Ze doen alles om je te vernederen'

Vervolg van pagina 1

De Russische autoriteiten doen de gruwelverhalen over de filtratiekampen af als nonsens. Vanwege de kritiek uit het Westen heeft interim-president Vladimir Poetin het hoofd van de Russische Migratiedienst, Vladimir Kalamanov, tot mensenrechtenrapporteur voor Tsjetsjenië benoemd. Het is 'niet onmogelijk' dat de mensenrechten in Tsjetsjenië worden geschonden, moest Kalamanov toegeven. Maar de kans is klein dat hij, als een gedweeë uitvoerder van de directieven van het Kremlin, leger en politie tot de orde zal roepen.

Russische soldaten en politiecommando's kammen sinds begin dit jaar de dorpen en steden in Tsjetsjenië uit op zoek naar strijders. Zo willen ze voorkomen dat de Tsjetsjenen het leger net als in de oorlog van 1994 tot 1996 met aanvallen in de rug verzwakken en demoraliseren. Toen was het enige resultaat van de massale arrestaties dat de Tsjetsjeense bevolking zich als één man tegen de Russen keerde. 'Vanaf de eerste tot en met de laatste dag doen ze alles om je fysiek, psychologisch en moreel te vernederen', zegt Wacha Legajevitsj. 'Het ergst is het gevoel van je eigen zwakte; alsof je langzaam door een enorme machine wordt vermorzeld.'

De gevangenen in Tsjernokozovo worden door de ondervragers geprest te bekennen dat ze guerrillastrijders zijn, of anders om de namen en adressen van guerrillastrijders te geven. Ze worden geslagen met rubberen knuppels en metalen staven; soms tot ze bewusteloos zijn. Overdag is slapen verboden en 's nachts worden ze wakker gehouden met keiharde muziek van de Russische rockgroep Handen Omhoog en gegil uit de ondervragingskamer. Ze lijden verschrikkelijke dorst; het rantsoen is drie slokken water per dag. Elke overtreding, hoe klein ook, wordt bestraft met een afranseling op de gang.

De kampbewakers verbergen hun gezichten onder zwarte bivakmutsen, dragen legeruniformen zonder emblemen en noemen elkaar nooit bij naam of zelfs maar bij rang. Velen zijn dag en nacht dronken, en lijken plezier te beleven aan het kwellen van de gevangenen. Ze zouden deel uitmaken van de 'speciale eenheid' van het ministerie van Justitie die is getraind om gevangenisopstanden neer te slaan.

Ali Zajpoelajev zat tien dagen in Tsjernokozovo totdat zijn familie erin slaagde hem voor duizend roebel (tachtig gulden) vrij te kopen. De 24-jarige vrachtwagenchauffeur moest net als de andere gevangenen spitsroeden lopen naar de ondervragingskamer. Hij hoorde hoe een vrouw in een cel naast de zijne de bewakers smeekte haar niet aan te raken. 'Eerst hoorden we haar gillen, en daarna niets meer', vertelt hij.

Zajpoelajev is net terug van een bezoek aan de dokter: hij heeft een zwevende nier en een verschoven tussenwervel aan de knuppels van de bewakers overgehouden. 'Nee, ik voel me niet goed', zegt hij. 'Maar wat geeft dat? Ik ben uit het kamp.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden