Steenrijk in straatarm Suriname

De Hindoestaanse elite in Suriname wordt steeds machtiger en rijker, terwijl het land verpaupert. 'Ze doen tenminste iets in een land dat op sterven na dood is', zegt de een....

DE VERGUISDE rijsthandelaar crosst door zijn velden. Imro Manglie bestuurt zijn Landrover ('heb ik al tien jaar, een Mercedes hoef ik niet') alsof hij deelneemt aan een rally. Zonder een blik te werpen op de weg - niet meer dan een reepje modder tussen twee arealen in - wijst hij links en rechts op de vierhonderd hectare drassige Nickeriaanse grond.

Ooit was het van arme landbouwers, nu mag een van Suriname's grootste rijstproducenten er planten.

Een belangrijke les in straatarm Suriname: geef miljoenen aan een politieke partij en begin dan te oogsten. Manglie (47) deed het in 1996. Hij sponsorde Desi Bouterse's NDP, waarna hij een lap grond, de Stalweide geheten, in het rijstdistrict Nickerie verwierf. Het is Surinaams cliëntelisme ten voeten uit.

Maar nou willen 'die idioten in het parlement' dat hij, dé man die Suriname tot ontwikkeling brengt, het weer teruggeeft. 'Sta-pel-gek zijn ze!', roept Manglie. 'Schoppen kunnen ze krijgen.'

Hij stuurt de wagen richting zijn kantoor, waar hij een party heeft. 'Kom, kom, kom, mijn gasten zijn er zo', zegt hij. Als gastheer Manglie even later zijn keurig verzorgde gazon oprijdt, hebben de glimmende Grand Cherokees en Landcruisers al bezit genomen van de oprijlaan.

Desi Bouterse vertoeft - sportshirt, baseball-pet - in een partytent. Het secretariaat van de president is er ook, evenals veel prominente hindoestanen. Ivan Graanoogst, voormalig waarnemend legerbevelhebber en thans Suriname's grootste groentehandelaar, keuvelt met zijn dochter. President Wijdenbosch kan elk moment arriveren.

Manglie, gestoken in een simpel overhemd, spijkerbroek en bruine instappers: 'Ik, een van de rijkere hindoestanen van dit land? Heb je mijn auto gezien? Ik draag geen Rolex-horloge, mooie kleren interesseren mij niet en ik hou niet van recepties. Ik heb een flink bedrijf opgebouwd. Maar ik ben altijd gewoon gebleven. Heel gewoon.'

Hindoestaanse zakenlieden van het kaliber Manglie zijn steenrijk in een land dat straatarm is. 'Ze doen tenminste iets in een land dat op sterven na dood is', zegt de een. 'Het zijn profiteurs en uitbuiters', verkondigt de ander. Zeker is dat de 'nieuwe rijken' steeds machtiger en rijker worden, terwijl Suriname verpaupert en afglijdt naar wanorde en apathie.

Sommigen van deze elite-groep hebben hun vermogen vergaard met de drugshandel, wordt in Paramaribo met grote stelligheid beweerd. Het 'Koelie-kartel', wordt deze criminele tak genoemd. Andere hindoestanen zijn ongekend rijk geworden door de importhandel, de lucratieve handel in buitenlandse valuta of met de rijstexport.

Ze wonen in witte paleizen met fonteinen, Griekse zuilen en manshoge hekken. In hotel Torarica of op de vele privé-feesten genieten ze van de weelde. Wie het rijk zijn in de ex-kolonie, een land met het karakter van een dorp, te beperkt vindt, gaat even winkelen in Miami of op Curaçao.

Allemaal hebben ze één ding gemeen: ze zouden hun positie niet hebben bereikt zonder de hulp van de grotendeels creoolse elite van (ex)militairen die de revolutie links lieten liggen en zelfverrijking tot kunst verhieven. Deze belangenverstrengeling heeft nog meer hindoestanen, die traditioneel al sterk vertegenwoordigd zijn in de handel, exorbitant rijk gemaakt.

Het heeft ertoe geleid dat iemand als Harry Tewarie, onder meer grondhandelaar, de straten van Paramaribo doorkruist in een spiksplinternieuwe Rolls-Royce - één van de twee die Suriname bezit. Tewarie moet voorzichtig zijn tijdens zijn uitstapjes: de straten in Suriname zijn berucht vanwege de vele gaten en modderpoelen.

'DE MAN is een schurk', wordt geroepen tijdens een bijeenkomst bij miljonair Roy Bhikharie (48), directeur van 's lands grootste meelbedrijf De Molen. Een van de gasten ontploft bijkans als een andere miljonair ter sprake komt: de man achter de regering-Wijdenbosch. 'Alles wat in de stad wordt gebouwd, is van hem. Hij is echt een schurk'.

Gedoeld wordt op Dalipkoemar Sardjoe, de hindoestaanse handelaar die het schopte van videotheekhouder tot 'eigenaar van Suriname'. Auto's, verzekeringen en valutahandel: zelfs aan de Ballast Nedam-bruggen verdient de meest besproken hindoestaan van het land bergen geld. Vorige week werd bekend dat hij mogelijk drie Surinaamse staatsbanken gaat opkopen die het kabinet wil privatiseren.

Een andere gast van Roy Bhikharie neemt 'Dilip' in bescherming. 'Hij heeft tenminste guts. Hij investeert in Suriname. Wat doen al die andere miljonairs met hun geld? Alles wordt veilig op bankrekeningen in het buitenland gezet.'

Sardjoe zelf ziet het nut van een gesprek niet in. 'De Volkskrant? Wil ik niet in staan, meneer. Tot ziens.'

In de avondkrant staan dagen later opvallende beschikkingen van minister Errol Alibux van Natuurlijke Hulpbronnen, in de volksmond the Lyer geheten. Lappen staatsgrond zijn weer aan Sardjoe gegeven. Evenals aan politie-chef Hunsel, vice-president Radhakishun, minister Moestadja en de regeringsgezinde vakbondsleider Grep.

Het kan allemaal in het Suriname van Wijdenbosch.

'Dilip is de penningmeester van deze regering', zegt George Pahlad, een vermogende rijstbaron. Voor de ingang van de Pub, een bruine kroeg in Paramaribo waar de elite samenkomt, vertelt Pahlad hoe Sardjoe in juni een parlementslid omkocht om de afzetting van Wijdenbosch onmogelijk te maken. 'Iedereen zegt dat ik het was, maar dat is een leugen. Ik ben echt niet rijk.'

Bhikharie lacht bij zijn zwembad. Sardjoe is zijn neef. Op de lijst van vermogende hindoestanen die Surinamers plegen op te stellen, komt Bhikharie ook vaak voor. Hij is bij lange na niet zo vermogend als Sardjoe, maar toch. Zijn villa in de stad mag er zijn. Hij noemt de namen van bekende Surinamers die in zijn straat wonen.

'Dit huis heb ik ooit voor héél weinig geld gekocht, toen het slecht ging met Suriname', zegt de psycholoog die zakenman werd. 'Ik heb geen fortuin, ik heb geen aandelen en ik ben gewoon werknemer van De Molen.'

Bhikharie's familie bezit de helft van het bedrijf. Oud geld dus. In het hindoestaanse miljonairsgilde past hij eigenlijk niet. Hij is een progressief man. Bhikharie ageert tegen de wanorde in het land, hij hekelt de armoe en tomeloze zelfverrijking. Al sinds de jaren tachtig is de ondernemer actief in tal van maatschappelijke organisaties. Bhikharie trekt zich het tragische lot van Suriname aan.

'Noem mij één rijke die zijn bek opendoet tegen de gevestigde orde', vraagt de voorzitter van de Associatie voor Behoorlijk Bestuur. 'Ik had mezelf allang kunnen verrijken. Genoeg kansen heb ik gehad.'

De ondernemer heeft behoefte het beeld van Sardjoe als grote profiteur recht te zetten. Nee, niet omdat Dilip familie is. Zondag zitten de twee vaak uren te praten. Over vroeger. Over sport. Maar niet over politiek en staatszaken.

Bhikharie: 'Dilip is zeker niet rijk geworden dankzij de militairen. Hij was al eerder een rijk man. Ik praat het niet goed, maar de belangenverstrengeling met de politiek, die deze nieuwe elite zo wordt aangerekend, bestaat natuurlijk al veel langer. Hoe denk je dat partijgebouwen in dit land worden gefinancierd? Politieke partijen doen niet aan fondsenwerving.'

MANGLIE is apetrots op zijn onderneming. Vlak voor de maaltijd toont hij de secretaresses en medewerkers van de president zijn rijstbedrijf. Waar 25 jaar geleden nog moeras was, staat nu één van de modernste rijstondernemingen van het land.

Op zijn duizend hectare, goed voor tienduizend ton rijst per jaar, wapperen NDP-vlaggen en prijken propagandaborden met een lachende Wijdenbosch en de Ballast Nedam-brug over de Coppename-rivier. 'Werknemers die het woord vakbond kunnen schrijven, kunnen meteen opdonderen', zegt hij serieus tegen de dames. Iedereen lacht. Meneer Manglie houdt van grapjes, ze weten het. Wordt Sardjoe doorgaans negatief bejegend in Suriname, over Manglie wordt milder geoordeeld.

Zijn voorkeur voor discipline en netheid wordt geprezen. 'Kijk maar goed op de fabriek', adviseert een student in Paramaribo vlak voor het vertrek naar Nickerie. 'Het is er brandschoon en dat is een prestatie in dit land.'

Inderdaad, geen vuil of stof te zien. Werknemers zijn constant aan het vegen. 'Discipline, dat ontbreekt er in dit land', filosofeert Manglie in zijn kantoor. 'Iedereen doet maar wat. Men bouwt zomaar een hek op het erf, auto's worden brutaal ergens geparkeerd in de stad. De Nederlandse mentaliteit zou in Suriname meer moeten worden overgenomen. Gewoon hard werken en niet voortdurend klagen.'

Maar hij heeft toch vooral veel bereikt dankzij de sponsoring van de NDP? Inderdaad, Bouterse's partij steunt hij sinds zeven jaar. En de invloedrijke oud-militair Graanoogst, nu presidentieel adviseur, kent hij reeds vijftien jaar, betoogt Manglie. Maar hij heeft zeker niet geprofiteerd ten koste van het Surinaamse volk.

Manglie: 'Dit bedrijf heb ik zelf opgebouwd. Het enige wat ik van deze regering heb gekregen, is de Stalweide. Ik kon ook minister of baas van de luchtvaartmaatschappij SLM worden. Ik zei toen: honderden overbodige SLM-werknemers moeten ontslagen worden. En de vliegprijs naar Amsterdam zal flink omlaag moeten. Zodat het volk goedkoop kan reizen. Maar ze durfden het niet aan. Dan houdt het toch op?'

Dat gezeur over de Stalweide begrijpt de zakenman echt niet. Alsof Manglie heel Suriname heeft gekregen. Hij rijdt naar een stukje grond, vlakbij zijn bedrijf, dat nog steeds van een groep kleine landbouwers is. Een paar koeien zakken diep weg in het ondergelopen stuk land. Verder is er niemand te bekennen. De rijstondernemer maant ons goed te kijken naar dit 'concentratiekamp voor koeien'.

Manglie: 'Denk je dat ze een koe begraven als er eentje doodgaat? Hou toch op. Die beesten krijgen geen medicijnen, ze worden zelfs niet gemolken. Pas als er eentje kalfjes heeft gekregen, komen die lui langs. Ik onderhoud tenminste de wegen hier, ik leg dammen aan. Kijk hoe mijn rijst er bijstaat. Door wat ik hier presteer, moeten ze mij juist miljoenen hectaren erbij geven. Ja, toch?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden