Statenleden wisten van bankierstaak

De financiële fractiewoordvoerders in de Provinciale Staten van Zuid-Holland waren tot in detail op de hoogte van de bankierspraktijken van de provincie....

Van onze verslaggevers Ferry Haan en Milja de Zwart

De statenleden hebben de afgelopen weken volgehouden dat zij niet wisten dat Zuid-Holland geld leende om het met winst weer uit te lenen. Ook noemden zij de onthulling 'schokkend' dat slechts één man, ambtenaar K. Baarspul, wist wat er omging in de leningenportefeuille.

Maar op 5 juli, drie dagen voordat het financiële beleid van Zuid-Holland in opspraak kwam, stelde Freeke in schriftelijke vragen over wijziging van de Wet financiering lagere overheid: 'Gemeenten mogen van hun treasury-functie geen zelfstandig profitcenter maken. Is dit te verkopen, als de provincie dit zelf wel doet met jaarlijks forse baten hieruit?'

De rekeningencommissie, waarvan sinds 1995 naast Freeke ook de tegenwoordige voorzitter H. Hieltjes (VVD) en de vanwege de bankiersaffaire afgetreden PvdA-gedeputeerde De Jong lid waren, heeft in 1996 en 1997 speciaal aandacht besteed aan het treasury-beleid.

In 1996 rapporteerde de interne-controlegroep van de afdeling Financiën dat de kasbeheerder alleen 'leningsovereenkomsten sloot met goudgerande ondernemingen'. Daarop stelde de rekeningencommissie aan Gedeputeerde Staten de vraag of er een limiet per onderneming werd gehanteerd.

Het antwoord was bevestigend. Zuid-Holland hield zich hierbij aan de tamelijk conservatieve richtlijnen van het pensioenfonds ABP.

Het jaar erop onderwierp huisaccountant Ernst & Young de treasury aan een gedegen onderzoek. Daarbij wees de accountant de provincie op een 'continuïteitsprobleem', vanwege de 'relatief grote afhankelijkheid van de deskundigheid van één persoon'.

De rekeningencommissie hebben Gedeputeerde Staten daarom gevraagd 'hoe de kennis voor de provincie bewaard kan blijven'. Daarop stelden Gedeputeerde Staten vast dat 'de treasury inmiddels een aanvaarde taak binnen de provincie' was.

De activiteiten van treasurer Baarspul waren niet alleen bij de statenleden bekend. Het hele provinciehuis was op de hoogte. De afdeling Financiën organiseerde met enige regelmaat cursussen voor de tweeduizend ambtenaren van Zuid-Holland.

Ambtenaren op het provinciehuis herinneren zich dat dan ook altijd Baarspul kwam opdraven. Hij legde voor iedereen die het wilde horen tot in detail uit wat het 'bankieren' van de provincie inhield. Eén van de cursisten van Baarspul was ook de hoogste ambtenaar op het provinciehuis, de griffier A. Korff.

Sinds 1995, toen Gedeputeerde Staten buiten de statenleden om het besluit namen te gaan bankieren, heeft Zuid-Holland 20,6 miljoen winst geboekt. Deze rentebaten stonden gewoon in de jaarrekeningen vermeld. Provinciale Staten konden het geld vrijelijk besteden aan publieke werken. Ook het openingsfeest van het nieuwe provinciehuis zou ervan zijn betaald.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden