Statenleden hebben de plicht verder te kijken dan hun neus lang is

Dit zijn de ingezonden brieven uit de Volkskrant van woensdag 4 maart

Verdedig wind op land

De meerderheid van de Statenleden gelooft niet dat de met het Rijk afgesproken ambities over het aantal molens gehaald worden, zo blijkt uit een enquête van de Volkskrant. Daar zijn de Statenleden echter zelf mede debet aan. In het provinciale debat voeren min of meer reële én vermeende bezwaren tegen windmolens (lelijk, herrieschoppers, waardedaling van huizen) de boventoon. Van provinciale parlementariërs mag echter verwacht worden dat zij een brede afweging maken.

In onze duurzame energiemix van de toekomst is wind op land een onmisbare pijler, want wind op land is relatief goedkoop: met relatief weinig subsidie kunnen ze concurreren met stroom uit vervuilende kolen- of gascentrales. Wie denkt zonder te kunnen, sluit zijn ogen voor de realiteit van klimaatverandering.

Statenleden hebben de plicht verder te kijken dan hun neus lang is. Bovendien is hun inzet cruciaal bij het afkicken van gas en kolen. Zij mogen best wat beter hun best doen om wind op land te verdedigen tegen morrende kiezers. Of (gratis tip): richt je eens op de miljoenen mensen die windenergie best okay vinden, mits ze bijvoorbeeld kunnen meedelen in de winst.

Door mee te huilen, maken Statenleden de problemen met windmolens een self-fulfilling prophecy. Op de korte termijn wellicht electoraal bevredigend, maar na de verkiezingen gelden de afspraken met het Rijk onverminderd hard.

Joris Wijnhoven,campagneleider klimaat en energie bij Greenpeace

Energieakkoord niet dood

Martin Sommer wijst in zijn column 'Het Energieakkoord is dood' (O&D, 21 februari) op een belangrijk fenomeen van de elektriciteitsmarkt: door meer windenergie gaat de groothandelsprijs omlaag en als de kosten van windturbines niet nog sneller dalen, moet de subsidie omhoog. De conclusie dat daarmee het Energieakkoord dood is, is echter voorbarig.

Voor burgers is het immers niet belangrijk wat subsidie of marktprijs is, maar gaat het om de totale elektriciteitsrekening. In de Nationale Energieverkenning 2014 wordt - met alle onzekerheden - voorzien dat deze tot 2020 licht kan dalen. Duitsland laat dat nu al zien: na jarenlange stijging zijn de subsidiekosten gestabiliseerd, de totale kosten voor de burger dalen.

Of energie de komende decennia overvloedig zal zijn, zoals Sommer denkt, is de vraag. De huidige lage olie- en gasprijzen remmen investeringen af, zodat we over enkele jaren weer een tekort kunnen hebben, waardoor ze kunnen stijgen.

In de Energieverkenning is daarmee rekening gehouden. Energieprijzen zijn inherent onzeker. Door meer wind- en zonne-energie wordt een nieuwe ordening van de elektriciteitsmarkt nodig.

Het systeem moet vooral flexibeler worden. Misschien gaat de rekening er wel heel anders uitzien, net zoals je nu voor telefoon vaak in bundels betaalt en niet meer per minuut. Energiecentrum Nederland (ECN) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) zullen in oktober nieuwe sommen publiceren. Maar de dood van het Energieakkoord hoeft dit niet te betekenen.

Pieter Boot Planbureau voor de Leefomgeving

Geef senaat terugzendrecht

'Laat de Eerste Kamer in zijn waarde', zo kopt de bijdrage van senator Sophie van Bijsterveld (O&D, 26 februari). Dat ben ik geheel met haar eens. Maar als zij komt tot suggesties voor verbetering van de politieke inzet van de Eerste Kamer, dan verwerpt zij helaas de invoering van het recht om wetsvoorstellen terug te zenden naar de Tweede Kamer. Dit recht zou 'bureaucratisch (zijn) en geen meerwaarde (hebben)'. Wat er 'bureaucratisch' aan is, begrijp ik niet.

En meerwaarde heeft terugzend-recht juist wél! Als immers de senaat een wetsvoorstel een onvoldoende kan geven, en terug kan sturen naar de Tweede Kamer, dan kan de Kamer er nog eens naar kijken, en eventueel verbeteringen aanbrengen. Zo doen de Britten dat. Daardoor heeft de House of Lords (hoewel niet gekozen!) meer invloed op de wetgeving dan onze senaat. Want die kan wel commentaar hebben, maar vervolgens alleen voor of tegen stemmen. Vrijwel altijd voor. Daarmee heeft de senaat weinig invloed op de inhoud.

De Eerste Kamer moet niet zozeer macht hebben (kunnen verwerpen), als wel invloed. Dat krijg zij juist door het terugzendrecht.

Erik Jurgens, Amsterdam emeritus-hoogleraar staatsrecht; lid van de PvdA-fractie in de senaat 1995-2007

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden