BESCHOUWING

Staren, stikken en verstillen bij de videokunst van Levi van Veluw

Deze week in Zwagerman kijkt: Staren, stikken en verstillen: de fijnzinnige destructiekunst in The collapse of cohesion, the room van Levi van Veluw.

The collapse of cohesion, the room Beeld Levi van Veluw/Galerie Ron Mandos

The Suffocation Rooms van Phineas Q. Eldridge is een even verleidelijk als verwarrend totaalkunstwerk waarin je je kunt begeven zoals de nieuwsgierige Alice in Alice in Wonderland zich, afwisselend krimpend en groeiend, door een hal met tal van deuren allerlei vertrekken binnenging en daar de wonderlijkste avonturen beleefde.

The Suffocation Rooms, een samenstel van kamers die variëren van benauwend klein tot intimiderend groot, kan alleen worden tentoongesteld in de grootst denkbare museumzalen. Alle kamers van The Suffocation Rooms zijn identiek gemeubileerd. Telkens weer dezelfde sobere, akelig ogende tafel en twee stoelen met zittingen van vinyl; telkens dat behang dat is volgeschreven met onontwarbare krabbels. Maar: hoe groter de kamer, des te groter die tafel en stoelen het interieur groeit mee met het formaat van de vertrekken.

In iedere kamer heerst een andere temperatuur: in de kabouterkamer is het ijskoud, in de grootste kamer lijkt het wel een sauna. Het meubilair groeit niet alleen mee met het formaat van de kamers, de meubels lijken per kamer voor je ogen te verouderen. In de kleinste kamer, waar het vrieskoud is, is alles spic en span; in de grootste kamer, waarin de tafel en stoelen boven je uit torenen zodat je als volwassene er onderdoor kunt lopen, zijn ze versleten.

Hoe groter, hoe warmer het is. Hoe kleiner, hoe properder het meubilair. Alleen de hutkoffer, die in iedere kamer in een hoek staat, blijft van dezelfde omvang. In de kleine kamer neemt die koffer bijna alle ruimte in en de claustrofobie neemt direct bezit van je als je je langs die koffer wurmt. In de grootste kamer oogt de hutkoffer als een luciferdoosje.

The Suffocation Rooms onderzoekt de mate van verstikking die de bezoeker wel móét ervaren bij het betreden van al die ruimten. Waar is de claustrofobie het hevigst? In die piepkleine kamer die je half kruipend moet binnengaan en waar het lijkt te vriezen, of in de laatste kamer, waar het niet-meegegroeide interieur oogt als poppenhuisparafernalia en waar het zo heet en benauwd is dat je, ondanks de zee van ruimte, naar adem hapt?

Het idee achter The Suffocation Rooms is vermoedelijk dat iedere huiselijke omgeving elementen bevat die het verblijf tot een onvrijwillige ballingschap, zeg maar gerust een vorm van gevangenschap, kunnen maken. Home is where the heart is nou nee. Home is where your fear grows zoiets. Als het zelfs thuis niet meer veilig is en als cocoonen gevoelens van verstikking oplevert, waar moet je dan heen? Naar buiten? In het micro-universum van The Suffocation Rooms bestaat er geen 'buiten' meer; je lijkt er nauwelijks uit te kunnen ontsnappen.

Martelkamer

Phineas Q. Eldridgde maakt het de bezoeker bepaald niet makkelijk, zacht gezegd. Waar eindigt museumbezoek en begint de geraffineerd gefabriceerde martelkamer?

The Suffocation Rooms is misschien wel het enerverendste kunstwerk waarmee ik de laatste tijd heb kennisgemaakt. Gezien heb ik het niet. Het werk is opgetrokken uit taal, en figureert in de roman De vlammende wereld (2014) van Siri Hustvedt, die eerder essaybundels over kunst publiceerde. Daarin duidt en interpreteert zij niet alleen kunstwerken, maar beschrijft ze ook zeer nauwgezet, na er, lijkt het, uren naar te hebben gekeken.

Die uitgebreide kijksessies hebben zich uitbetaald, want Hustvedt blijkt in De vlammende wereld in staat fictieve kunstwerken, vooral installaties en totaalkunstwerken, zó gedetailleerd te kunnen beschrijven zonder dat één moment de sleur van de opsomming dreigt dat de lezer de sensatie ervaart die een kunstwerk 'in het echt' oproept. Alle hoeken en gaten van The Suffocation Rooms lijk ik te hebben verkend en Hustvedt heeft mij alle gradaties van de beoogde verstikking laten voelen.

In het CODA Museum in Apeldoorn is bij de tentoonstelling 'Sounds of Silence' de videoserie The Collapse of Cohesion, The Room te zien, van de jonge beeldend kunstenaar Levi van Veluw (1985). Het kunstwerk dateert van vorig jaar, dus Van Veluw kan onmogelijk op de hoogte zijn geweest van het fictieve kunstwerk zoals beschreven in De vlammende wereld, maar wie ernaar kijkt, met The Suffocation Rooms nog vers in het geheugen, beleeft een verwarrende ervaring: het-kunstwerk-uit-de-roman en Van Veluws The Collapse of Cohesion lijken op onderdelen onderling inwisselbaar.

Goed, bij Van Veluw zien we geen twee stoelen maar één en in de video ontbreken de wanden met duizend-en-een krabbels, maar verder is het alsof de verstikkende kamer uit de fictie tastbaar leven is vergund.

In The Collapse of Cohesion, The Room is een spartaans ingerichte ruimte te zien die wel iets wegheeft van een schrijversvertrek: een stoel, een houten tafel met daarop een mok en twee cahiers, en aan weerszijden van de tafel twee stellingkasten: een hoge en een een lage. Op de planken van de kasten ordners en dozen. Wie maakt van deze kamer gebruik? Wat zit er in de ordners? Zijn de cahiers volgeschreven of moet het schrijfwerk nog beginnen? Wanneer betreedt iemand dit vertrek?

De ruimte blijkt onbenut en in de begeleidende tekst in het CODA Museum wordt de vergelijking getrokken tussen The Collapse of Cohesion, The Room en De aardappeleters van Van Gogh, dat hij maakte kort voor zijn omzwervingen in Antwerpen, Parijs en Arles. Overheerst bij Van Veluw de grijstint, in De aardappeleters domineert de zompig bruine kleurstelling, met aan tafel een knoestige boerenfamilie die zich onder een olielamp tegoed doet aan een dampend bord aardappelen. Geen van de disgenoten heeft een eigen bord, wel schenkt een van de boerenvrouwen aan de tafel thee in.

Gum de personages weg, vervang de olielamp door een moderne lamp, verwijder de, op een na, stoelen en voilà, daar is Van Veluws decor, waar op zeker moment een ondefinieerbaar fijnstof naar binnen wordt geblazen. Terwijl de stof zich in de ruimte verspreidt, vallen in een surreëel laag tempo, alsof het meubilair onder narcose is, de kasten om, stort de tafel in en en wordt de stoel weggeblazen.

Onverwachte elegantie

We zien geen explosie: de ruimte lijkt te imploderen. De ineenstorting heeft dankzij de vertraging een onverwachte elegantie: het lijkt een ontbindings- en onttakelingsballet voor tafel, stoel en stellingkasten. Terwijl je toekijkt hoe het meubilair uiteindelijk op de grond ligt en lijkt te zijn verpulverd door de kalme tornado van fijnstof, is het alsof die fijnstof ook jou te pakken krijgt en je ten prooi raakt aan vernietiging en verstikking; alsof je via Van Veluws video in Hustvests The Suffocation Rooms wordt gezogen.

C.O. Jellema dichtte, in Door eenen spiegel (1984): 'Staren is uit de dingen stilte drinken/ je kunt niet verder (...).' Dát is het proces waarvan Van Veluw de toeschouwer deelgenoot maakt. Je staart en terwijl voor je ogen een spartaanse kamer aan gruzelementen gaat, drink je de peilloze stilte in waarmee dit proces van verpulvering gepaard gaat.

Flinters

In het slotbeeld van The Collapse of Cohesion is de stof neergedaald als duinzand na een storm aan zee en resteert van het meubilair niets dan flinters en brokstukken, als aangespoeld wrakhout; opnieuw in de woorden van C.O. Jellema uit hetzelfde gedicht: 'Materie die de glans afstraalt van wat niet meer beweegt: het spiegelblinken/ aan oppervlaktes die geluidloos klinken.'

Niet uitsluitend de dingen zelf verpulveren in The Collapse of Cohesion. Door de slowmotion wordt benadrukt dat, zoals de titel aangeeft, het in de kern de samenhang der dingen is die ontregeld raakt. Zo, stel ik mij voor, kan ook een 'noodlijdend' brein door kortsluiting uiteenvallen, onhoorbaar voor derden, als de macabere 'Sounds of Silence', de geluidloze klank.

Sounds of Silence, CODA Museum, Apeldoorn, t/m 15/1.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.