Star tech

'Mad professor' onder de jonge, spraakmakende Nederlandse ontwerpers die Jeroen Junte voor zijn dit weekend verschijnende boek sprak: Joris Laarman, van, onder veel meer, de bone chair.

In een hoekje van de Amsterdamse ontwerpstudio van Joris Laarman (32) staat een tafel met de contouren van een zwerm vogels. Een vernikkeld exemplaar is het, een in metaal bevroren duikvlucht van duizenden kleine vogeltjes. Een prototype dat hij maakte voor de gereputeerde New Yorkse galerie Friedman Benda, hotspot voor kunstzinnige designobjecten. Al ziet Laarman zijn tafel vooral als 'een heel duur foutje'. Bij het transport naar de galerie raakte het kunstwerk met een waarde van enkele tienduizenden euro's namelijk beschadigd - meerdere vogels zijn afgebroken of bekrast. Dat kan toch hersteld worden? Laarman haalt zijn schouders op: 'Ach, nu ik die tafel daar zo zie staan, denk ik: dat had beter gekund, ik was er toch al niet zo tevreden over. Dus heb ik nu geen zin meer om er nog wat van te maken.'


Pixeltafel

Het is typerend voor Laarman, een ontwerper bij wie de ideeën over elkaar heen buitelen. Hij zoekt voortdurend naar nieuwe technieken, nieuwe toepassingen, nieuwe materialen; eindeloos schaven en schuren aan een product wordt dan al snel saai. Vandaar ook dat zijn oeuvre alle kanten op schiet - van een barok betonnen verwarmingselement tot een futuristisch lampje van levende cellen. 'Kijk even mee', zegt hij, wijzend op zijn computerscherm. Te zien is een filmpje van kleine blokjes die schijnbaar vanzelf naar elkaar bewegen en aan elkaar kleven. De blokjes zijn voorzien van een magnetische microchip en kunnen zo worden geprogrammeerd dat ze samen een figuur vormen. 'Stel je voor, dat je met zulke programmeerbare bouwstenen een product kunt realiseren. Ben je het ontwerp zat, dan herprogrammeer je het tot iets nieuws.'


Hij heeft een voorschot op deze techniek genomen met een tafel die is opgebouwd uit honderdduizenden kleine metalen blokjes - hij ziet eruit als een gepixelde afbeelding van een tafel in lage resolutie. 'De blokjes zijn met een afbreekbare en oplosbare lijm aan elkaar gehecht, en kunnen dus eenvoudig opnieuw worden gebruikt voor weer een ander ontwerp.'


Dit najaar werd Laarman, geboren in de Achterhoek, door de gezaghebbende The Wall Street Journal verkozen tot een van zeven Innovators of the Year - andere laureaten waren onder anderen de beeldend kunstenaar Ai Wei Wei, de Deense architect Bjarke Ingels (getipt als de nieuwe Koolhaas) en miljardairs Bill Gates en Warren Buffet (voor hun filantropische activiteiten). Reden: Laarman weet hightech die de laboratoria van 's wereld beste universiteiten nog niet eens heeft verlaten te vertalen naar alledaagse, begrijpelijke producten.


Zijn meest controversiële ontwerp is In Vitro, een lampje met een lichtgevend membraam van levende cellen, die in een laboratorium genetisch zijn gekruist met het gen van vuurvliegen. De lamp is ontwikkeld met wetenschappers van de Technische Universiteit Twente. 'Ik ben eigenlijk een soort beeldhouwer die de juiste mensen inschakelt om ideeën te realiseren.'


Al is hij met dit ontwerp zijn tijd té ver vooruit. Vooralsnog blijven de cellen niet leven en staat de lamp op sterk water om het membraam te conserveren. Onder een glazen stolp oogt de lamp als een archeologische opgraving uit de toekomst.


Een ontwerper die zo ver voor de troepen uitloopt, krijgt ook kritiek te verduren. Met zijn In Vitro-lamp was hij een ethische grens gepasseerd, zo klonk het. Wat gaf hem het recht om levend materiaal te manipuleren voor design? 'Er lijden geen dieren voor deze lamp', pareert Laarman. 'Het zijn cellen die in een laboratorium zijn ontwikkeld.' Daarbij, de voordelen zijn groot. 'De lamp heeft geen stroom nodig om licht te geven en is ook nog eens biologisch afbreekbaar.' Bovendien: wat Laarman doet met levende cellen is slechts kinderspel. 'Er worden nu al levende organismen ontwikkeld die geprogrammeerd kunnen worden om ziektes in ons lichaam op te ruimen.'


Klimopradiator

Pratend over genetische manipulatie lijkt het al weer eeuwen geleden dat hij in 2003 cum laude afstudeerde aan de Design Academy Eindhoven met de Heatwave, een betonnen verwarmingselement dat als een klimop over de muur slingert. 'Het idee is simpel: door de grillige vorm wordt er meer warmte afgegeven dan bij een normale radiator. Bovendien houdt beton warmte langer vast.' De Heatwave werd opgepikt door ontwerpplatform Droog en meteen daarna door de internationale pers. 'Ik wilde een praktisch ontwerp maken, maar alle aandacht ging uit naar de vorm. Overal las ik dat ik commentaar zou leveren op het gebrek aan decoratie in Nederlandse design.'


Vervolgens ging het snel met Laarman. Zijn toepassingen van onorthodoxe materialen en experimentele productietechnieken worden steeds verfijnder. Met de Bone Chair promoveerde hij van aanstormend talent naar de gevestigde orde. Met behulp van software uit de auto-industrie ontwikkelde hij een stoel die zijn vorm ontleent aan het groeipatroon van botten. 'De constructie wordt dikker of dunner op plekken waar er meer of minder kracht op staat. Botten groeien volgens hetzelfde principe. Ik voer de zithouding, de afmetingen en andere data in de computer in, waarna de software uitrekent hoe de constructie er uit zal zien.' Het resultaat is een grillige stoel waarin de structuren van botten zijn te herkennen.


Voor het gerenommeerde meubelmerk Vitra werkte hij aan een stapelstoel volgens hetzelfde concept, geschikt voor massaproductie. Op zijn scherm laat hij een stoel zien waarbij alleen in de verbinding tussen poten, leuningen en zittingen nog vaag iets van een botstructuur te herkennen is. 'Het hele principe van een ideale vorm is zo verwaterd tot een soort stijl', schampert hij over het resultaat. 'Saai dus.' Dan steekt hij zijn energie liever in een nieuw idee. Hij heeft er genoeg.


Eigenlijk was hij ook wel klaar met de Bone Chair, waarvan het prototype onlangs werd aangekocht door het Rijksmuseum in Amsterdam. 'Het ontwerp lijdt aan overexposure.' Toch produceert hij nog steeds zeven verschillende modellen. Het zijn futuristische edities van de organische meubels, en ze worden voor astronomische bedragen verhandeld in het kunstcircuit. 'Zonder deze inkomsten zou ik geen onderzoek kunnen doen en dus ook geen nieuwe projecten kunnen ontwikkelen', zegt Laarman. Daarom heeft hij de begane grond en de kelder van zijn reusachtige kantoorpand omgebouwd tot een professionele productiewerkplaats, waar hij inmiddels acht mensen in vast dienst heeft werken. Daar staat tussen het stof zo'n peperdure eyecatcher: een bijna vier meter lange, glimmende tafel. 'Het frame is van aluminium. Het tafelblad is van wolfraam carbide, bijna het hardste materiaal dat er is. Met een diamantslijper wordt het wolfraam gepolijst.'


Zijn grootste drijfveer is zijn nieuwsgierigheid. Zijn belangrijkste vaardigheid is zijn niet te stuiten creativiteit. Onbevangen fladdert hij langs uiteenlopende disciplines als kunst, wetenschap, techniek en design. Misschien is zijn volgende project wel helemaal geen product, maar een film - met zijn vriendin Anita Star, interviewster en documentairemaakster, werkt hij momenteel aan een opzet voor een film over de toekomst. Of misschien ontwerpt hij wel een gebouw. Voor een museum buigt hij zich over een huis dat zich eenvoudig laat aanpassen aan de wensen van de bewoners - 'een 21ste-eeuwse versie van het Rietveld- Schröderhuis', zoals hij zelf zegt. 'Ik vraag me af hoe zo'n huis met flexibele wanden eruit zou zien als er gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden en ideeën van onze tijd.'


Uiteraard wordt deze architectuur gerealiseerd met behulp van dezelfde nieuwe digitale productietechnieken als die waarmee hij zijn designprojecten uitvoert. 'Tegenwoordig kunnen muren van beneden naar boven worden opgespoten met een robotarm of kunnen bakstenen automatisch worden gestapeld volgens een voorgeprogrammeerd patroon.' Een gebouw dat op de computer is ontworpen kan zo eenvoudig worden gerealiseerd.


iTunessysteem

Het is zijn rotsvaste overtuiging dat de wereld ingrijpend zal veranderen het komende decennium. 'De econoom Schumpeter heeft al voor de Tweede Wereldoorlog voorspeld dat er tijdens elke economische crisis revolutionaire innovaties worden gedaan.' In de huidige crisis zijn dat de ontwikkeling van bio- en nanotechnologie en artificiële intelligentie, is zijn overtuiging. 'Hiermee kunnen we niet alleen enorme verbeteringen aanbrengen in het bedenken en het maken van producten, maar ook in hoe we met deze producten omgaan. We gooien veel te veel te snel weg.'


Ook revolutionair is digitale fabricage, waarbij producten op de computer worden ontworpen en vervolgens met digitaal gestuurde machines eenvoudig kunnen worden vervaardigd. Met een 3D-printer worden producten zelfs laag voor laag opgebouwd, zodat ze kant-en-klaar uit één machine rollen, net zoals een A4-tje met tekst uit een inktprinter. 'De consument kan tot op zekere hoogte zelf bepalen hoe deze producten eruit gaan zien.' Met internetondernemer Michiel Frackers en Droog-directeur Renny Ramakers werkt hij samen in MakeMe, waar consumenten online digitale ontwerpen kunnen bestellen - 'een soort iTunes, zeg maar' - die ze kunnen laten vervaardigen bij een bedrijfje of een werkplaats in de buurt.


Zijn bevlogen toekomstvisie staat enigszins op gespannen voet met zijn studio, die doet denken aan het laboratorium van een mad professor - overal liggen losse snoeren en schetsen en op een kookstel staat een pan met gesmolten metalen. In kasten staan schaalmodellen en vormstudies. Een houten plaat waaruit stalen pinnen steken is een eerste prototype van een interactieve bank die van vorm kan veranderen. 'Deze pinnen worden weggewerkt in de bekleding en kunnen straks de vorm van de zitting veranderen door ze naar buiten of opzij te duwen.' Al moet ook dit nog verder worden uitgewerkt, lacht hij verontschuldigend. Zijn grootste frustratie is dat hij wordt beperkt door de stand van de techniek. 'Soms heb ik het gevoel dat ik science fiction wil realiseren.'


Ontwerpers ondervraagd

Veel jonge spraakmakende Nederlandse ontwerpers werken in zelf opgerichte werkplaatsen en produceren in kleine oplages. Voor het boek Hands on: Dutch Design in de 21ste eeuw (WBooks, € 49,50, ISBN 978 90 891 0297 3), dat dit weekeinde verschijnt, bezocht Volkskrant-criticus Jeroen Junte een aantal van hen in hun ateliers en sprak met hen over de herwaardering van ambachtelijke productie, de zoektocht naar nieuwe digitale productiemethodes en de flirt met de beeldende kunst in hedendaags design. Het boek bevat interviews met onder anderen Joep van Lieshout, Christien Meindertsma en Maarten Baas. Het interview met Laarman is een bewerkte versie van een interview uit dit boek.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden