Stagnatie als politieke cultus

Toen wij de afgelopen vijf dagen voor de vijfhonderdste keer vernamen dat de vijftigjarige Europese Unie de afgelopen 62 jaar erin was geslaagd oorlog in Europa te voorkomen, drong de vraag zich op welke oorlog dat dan was....

Michaël Zeeman Stagnatie als politieke cultus

Vijftig, ’t is een respectabele leeftijd en voor een verstandshuwelijk van inmiddels mohammedaanse dimensies – 27 partners! – is het zelfs van een duizelingwekkende duurzaamheid. Maar is dat reden te gaan opscheppen?

Veel vijftigers doen het – en gouden huwelijksjubilea zijn doorgaans een demonstratie van misplaatste triomfantelijkheid. Voor de jarige zijn de valse verwachtingen even onverbiddelijk uitgekristalliseerd als zijn tekortkomingen. En huwelijksjubilarissen die tot zeven keer toe de seven years itch wisten te overleven, vieren veeleer hun gebrek aan fantasie dan hun doorzettingsvermogen. Na het feest wachten de pensioenvoorzieningen en de dood. Vijftigste verjaardagen zijn net iets te uitbundige maskerades van trieste tekortkomingen.

Geen wonder dat de feestredenaars aan het snoeven slaan.

Vrede, welvaart, veiligheid, samenwerking: geen woord zo groot of het werd met groot gemak en nog groter geweld gebezigd, tijdens de plechtige bijeenkomsten die moesten bejubelen dat vijftig jaar terug het Verdrag van Rome door de zes initiatiefnemers werd ondertekend. De club van die zes is sedertdien zo populair geworden, dat iedereen er wel lid van wil worden, tot aan gene zijde van de Bug en de Prut, ja, tot aan de andere kant van de Bosporus en de Middellandse Zee aan toe.

Dat geen van de 27 feestvierders nog durft te dromen van de toekomst en dat twee van de initiatiefnemers weigerden hun handtekening te zetten onder een vervolgafspraak is het verhulde geheim van het verjaardagsfeest. Ooit was de droom dat de Europese samenwerking de verschillen tussen de naties zou doen vervagen. Inmiddels weten we dat de nationale en regionale identiteiten door die samenwerking slechts sterker en gedifferentieerder werden: naarmate er meer Europa kwam, kwam er meer gevoel voor Catalanen, Duitstalige Belgen, Friezen en tweetalige plaatsnaamborden in de Provence. Maar is dat erg – en, vooral, staat dat die samenwerking in de weg? Ik bedoel, is de onbeantwoorde vraag naar die gemeenschappelijkheid en de viering van de culturele verschillen werkelijk een obstakel gebleken in de omgang tussen de landen en volkeren van Europa?

Want die vijftigste verjaardag laat bovenal een merkwaardige discrepantie zien tussen de geleefde werkelijkheid van de burgers van de landen die samenwerken in de EU enerzijds en de politieke en bestuurlijke werkelijkheid van hun verdragsorganisatie anderzijds. De zoektocht naar een voor alle deelnemers draaglijke definitie van hun gemeenschappelijke identiteit of een iedereen bevredigende inleiding op de Europese Grondwet inzake hun gedeelde culturele en historische erfenis is in belangrijke mate scholastiek geworden. Ondertussen hebben miljoenen Europeanen zich de mogelijkheden van grensoverschrijdende samenwerking allang toegeëigend: de grootste klagers over de Europese bureaucratie zijn doorgaans de grootste gebruikers van de Europese ruimte. De klachten gaan ook nooit over de vrijheden en de mogelijkheden die wij als eerste generatie hebben, maar over de beperkingen die daar nog voor gelden.

Midden vorige week trok de hele karavaan van nationale politieke elites en Europese naar Rome, vlak voor het weekeinde reisden zij spoorslags verder naar Berlijn. In niets lijken de groepsportretten meer op de tafereeltjes die van de ondertekenaars van de Vrede van Münster, het Congres van Wenen of de Vrede van Versailles. Zij lijken zelfs niet meer op de opnamen die gemaakt zijn van de verdragsondertekening in Rome, 25 maart 1957. ’t Is een ontspannen stelletje, dat helemaal niet primair in de weer is de vrede te redden.

Zij lijken evenmin op de studenten, docenten, wetenschappers, kunstenaars, ondernemers, vertalers, sporters, vakantiegangers, hooligans, belastingontduikers, en festivalbezoekers die dagelijks per auto of per prijsbreker in het luchtverkeer het continent doorkruisen. De stagnatie is een politieke cultus. Het identiteitsdebat dat door de erfgenamen van de verschillende naties en culturen van Europa wordt gevoerd, is vergelijkbaar met het soort gesprekken dat je op vijftigste verjaardagen voert. Gebrek aan ambitie, aan levenslust, is een veel grotere dreiging dan die van ruzie.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden