Stadje keert zich tegen Tsjetsjenen na moord

Een handgemeen om een meisje, uitmondend in een dodelijke steekpartij, leidend tot een dagenlang durende 'volksopstand'. Dat is wat de afgelopen week gebeurde in het Russische provinciestadje Poegatsjov. Rusland is een kruitvat van etnische spanningen, concluderen media en analisten.

MOSKOU - Het slachtoffer, de 20-jarige net afgezwaaide paratroeper Roeslan Marzjanov, was etnisch half Tataars, half Russisch. De dader, de 16-jarige Tsjetsjeen Ali Nazirov, werd naderhand door familieleden, die het slachtoffer naar het ziekenhuis snelden, aan de politie overgedragen. 'Het gaat niet om etniciteit', zei Roeslans vader achteraf, 'maar om wodka en Ruslands transformatie tot een land van alcoholici.'

Deze poging om de steekpartij met een scalpel terug te brengen tot niet-etnische proporties faalde jammerlijk - net als de pogingen van de autoriteiten. Daags na het incident liep een menigte van anderhalf duizend inwoners van Poegatsjov (dat 40duizend zielen telt) te hoop tegen de Tsjetsjenen. Hun eis: gooi alle Tsjetsjenen de stad uit.

De politie voorkwam een poging het café - waar drie jaar geleden ook een etnische Rus was doodgestoken - in brand te steken. De oproerpolitie moest herhaaldelijk blokkades van de federale snelweg en van het treinverkeer opheffen. Dagenlang gingen honderden mensen de straat op in wat in de Russische media al 'de nieuwe Poegatsjov-opstand' werd genoemd. Want de ironie wil dat dit stadje in de Sovjettijd deze 'erenaam' kreeg als herinnering aan de 18e eeuwse Poegatsjov-opstand in deze regio.

Met groot machtsvertoon is de 'opstand' inmiddels de kop ingedrukt: politieversterkingen, het oppakken van nationalistische leiders die naar de stad wilden komen, de instelling van een lokaal alcoholverbod en de uitschakeling van pinautomaten. Ook is de lokale politiechef ontslagen, zijn twaalf Tsjetsjenen opgepakt wegens ongeldige documenten en hebben de Tsjetsjenen zelf hun 'moeilijke' of 'agressieve' jongeren tijdelijk weggestuurd.

Poegatsjov is maar de jongste in een serie uitbarstingen van interetnische spanningen de laatste jaren in verschillende Russische regio's. President Poetin noemt deze spanningen 'een grote bedreiging' voor Rusland. Wie tornt aan de 'etnische vrede', wacht vervolging. Poetin is zelfs voorstander van een mediaverbod op het vermelden van de etnische achtergrond van criminele verdachten. Maar de incidenten spreken een andere taal. In de Komsomolskaja Pravda stelt Andrej Epifantsev dat de structurele redenen ervoor deels economisch zijn: in de Kaukakus heerst armoede, geweld en werkloosheid. De federale subsidies (in Tsjetsjenië 85procent van het budget) worden gejat door lokale elites, die dit geld weer elders in Rusland investeren. 'Absurd', zegt Epifantsev, en het helpt de positieve meningsvorming over de Kaukasus-republieken niet bepaald.

Maar belangrijker is nog dat de Kaukasus feitelijk allang volgens andere wetten leeft dan de rest van Rusland en dat zowel Russen als Kaukasiërs zich nog altijd in wederzijdse 'staat van oorlog' voelen. Het liberale Vedomosti schrijft in een hoofdcommentaar: 'Een typische Tsjetsjeen of Dagestaan lost zijn problemen informeel op, buiten de overheid. Een typische Rus vermoedt dat je niet op hulp van de staat kunt rekenen, maar hoopt er toch op.'

Als er dan een conflict ontstaat, luidt het ook in andere media, staat de Tsjetsjeen die de steun heeft van zijn clan of diaspora sterker dan de individuele Rus - die niemand heeft. In een aantal recente gevallen, schrijft staatspersbureau Ria Novosti, 'zijn demonstranten verontwaardigd over wat zij zien als het vermogen van etnische gemeenschappen om door omkoping van de politie de straf voor misdaden te ontlopen of verzachten'. In 2010 leidde zo'n geval tot een totaal ontspoorde demonstratie van duizenden nationalisten - pal naast het Kremlin.

Epifantsev concludeert dat de cirkel rond is: in de jaren negentig vochten Tsjetsjeense separatisten tegen Rusland, nu willen Russische separatisten voorgoed af van de Kaukasus. 'De leus 'Houd op met het voeden van de Kaukasus' voldoet niet meer, nu wordt het 'Goodbye, Kaukasus, en tot ziens!'

Volgens een recente peiling van Levada Center zou een kwart van de respondenten 'blij zijn' als de Kaukasus afsplitst van Rusland, nog eens 27 procent kan er goed mee leven en 12 procent vindt dat Tsjetsjenië de facto al geen deel meer uitmaakt van Rusland.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden