ReportageMali

Staatsgreep in Mali verliep vreedzaam, maar fundamentalisten kunnen nu hun kans grijpen

Het Malinese volk had schoon genoeg van president Ibrahim Boubacar Keïta en diens onvermogen om de rap verslechterende veiligheidssituatie in het land een halt toe te roepen. Dinsdag greep het leger in en dwong IBK, zoals hij in eigen land wordt genoemd, tot aftreden en tot de ontbinding van zijn regering.

Malinese soldaten rijden dinsdag triomfantelijk door de hoofdstad Bamako na de staatsgreep die president Ibrahim Boubacar Keïta deed aftreden. Beeld AFP

Al maanden protesteerden burgers tegen zijn falende economische- en veiligheidsbeleid, de corruptie en zelfverrijking, en riepen om zijn aftreden. De staatsgreep, zoals de machtswisseling veroorzaakt door het leger inmiddels wel kan worden aangeduid, vertoont wonderlijk vreedzame kenmerken. De 75-jarige IBK nam dinsdagnacht op televisie kalmpjes afscheid en zei geen andere keuze te hebben dan af te treden om nodeloos bloedvergieten te voorkomen. Legerrebellenleider kolonel-majoor Ismaël Waguée beloofde woensdag direct verkiezingen en een transitieregering waarin ook burgerbewegingen worden betrokken. ‘We willen niet de macht maar stabiliteit om binnen afzienbare tijd algemene verkiezingen te organiseren die ons een sterk bestuur moeten geven.’

In de hoofdstad Bamako was het gewone leven woensdag alweer hervat; geen geweld, anarchie, boze burgers of protesterende regeringsfunctionarissen. Alleen de internationale gemeenschap heeft de staatsgreep streng veroordeeld en zit in zijn maag met de precedentwerking van een militaire coup. De Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (Ecowas) heeft de grenzen met Mali gesloten en sancties aangekondigd als de orde niet wordt hersteld. ‘De angst bestaat daar dat regeringen in andere instabiele West-Afrikaanse landen als Ivoorkust en Burkina Faso straks ook worden afgezet’, zegt Mirjam de Bruijn, hoogleraar Afrika Studies aan de Universiteit Leiden vanuit Bamako.

VN-vredesmacht

Ook voor de Westerse internationale gemeenschap die al jaren vergeefs in Mali zit om terrorisme te bestrijden, betekent een staatsgreep gezichtsverlies, zegt De Bruijn. Dit geldt zeker voor Frankrijk dat zich na de vorige staatsgreep in 2012 achter IBK heeft geschaard en diens zwakke leger steunt met de troepenmacht Barkhane van vierduizend militairen. Ook de 12 duizend-koppige VN-vredesmacht Minusma, waaraan ook Nederland tot vorig jaar deelnam, heeft het terreurgeweld in Mali niet kunnen stoppen, noch kunnen verhinderen dat het is uitgewaaierd naar buurlanden Burkina Faso en Niger.

Hoewel een staatsgreep nooit een ideaal scenario is voor een machtswisseling hoeft dit voor Mali niet perse negatief uit te pakken. Slechter dan tot nu toe kon het namelijk niet gaan. De instituties functioneren amper of slecht. In het noorden en inmiddels ook het centrum van het land is de staat zijn controle vrijwel volledig kwijt. Etnische en jihadistische groeperingen maken er de dienst uit, burgers hebben zelf de wapens opgepakt om zich te verdedigen. In deze straffeloze geweldsspiraal zijn de economische perspectieven voor de jeugd nihil.

De afgelopen maanden gingen burgers en vooral jongeren massaal de straat op om te pleiten voor verandering. De zogeheten ‘5 juni beweging’ wordt geleid door de salafistische imam Mahmoud Dicko. De grote vraag is of hij de coupplegers gaat steunen. Mogelijk heeft het leger willen voorkomen dat Dicko met zijn groeiende populariteit de macht zou grijpen en van het land een streng islamitische staat zou maken, suggereert De Bruijn.

Niet passief afwachten

Onduidelijk is nog of de schijnbaar gematigde legereenheden die de coup hebben gepleegd voldoende steun hebben in het hele land. Het Nationaal Comité voor de Redding van het Volk, zoals de coupplegers zichzelf noemen, beloven een nieuw Mali en zeggen verdere ‘chaos, anarchie en onveiligheid’ te willen voorkomen. ‘Als ze menen wat ze zeggen, kan deze staatsgreep juist een nieuwe kans voor Mali betekenen’, zegt antropoloog en Sahel-kenner Jesper Bjarnesen van de Nordic Africa Institute in Zweden.

Net als De Bruijn vindt ook Bjarnesen dat de internationale gemeenschap ‘die nu eenmaal ter plaatse is’ de machtsgreep niet alleen moet veroordelen. ‘Het kon zo niet verder met Mali. Als er voldoende draagvlak is in het land om een nieuwe inclusieve regering te vormen, dan moet de internationale gemeenschap diplomatieke steun verlenen en nu niet passief afwachten wat er gebeurt.’

Mali verviel in chaos toen Toeareg-separatisten in 2012 een coalitie vormden met aan Al Qaida-gelieerde islamitische fundamentalisten en kortstondig een kalifaat stichtten. Na ingrijpen van oud-kolonisator Frankrijk konden de jihadisten worden teruggedrongen, maar de regering van IBK is er nooit in geslaagd de eenheid in het land te herstellen en de zich achtergestelde etnische groeperingen zoals de Toeareg en Fulani een stem te geven.

Het lijkt een onmogelijke opgave voor een nieuwe regering om het vertrouwen van deze gewapende groeperingen terug te winnen zodat zij de wapens neerleggen en de staat zijn gezag weer kan uitoefenen. ‘Het scenario is bepaald niet positief’, aldus De Bruijn. Maar haast is geboden. Voorkomen moet worden dat het machtsvacuüm wordt ingevuld door fundamentalistische groeperingen.

Lees verder

Smokkelaars die zich laten beschermen door jihadisten. Jihadisten die garen spinnen bij etnische conflicten. De Sahel is een nieuwe inkomstenbron voor IS en Al Qaida. Staat hier de wieg van een nieuw jihadistisch kalifaat?

Waarom duizenden buitenlandse troepen Al Qaida er maar niet onder krijgen in Mali – integendeel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden