Staatsbedrijven met geldgebrek

'We schatten dat de investeringen kunnen oplopen tot wel 10 miljard euro in het komende decennium', zegt Gasuniebaas Paul van Gelder. Het bedrag is nog niet hard, maar het komt uit een bedrijfsvisie-in-wording, die later deze maand wordt gepresenteerd. Het geld is bedoeld voor de 'basis van de duurzame energievoorziening' van Nederland, die deels op gas zal gaan draaien.

MICHAEL PERSSON

DEN HAAG - Gasunie is de tweede grote eigenaar van belangrijke energietransportnetten die aankondigt dat het de komende tijd veel geld nodig heeft voor zijn infrastructuur. Eerder was het de beurt aan Tennet, het bedrijf dat de hoogspanningsleidingen beheert. Tennet maakte dit voorjaar bij de Autoriteit Financiële Markten duidelijk dat het de komende tien jaar 9 tot 11 miljard euro uit de markt wil halen. Ook vanwege de duurzame energievoorziening. Bij elkaar 20 miljard dus. Een kapitaalinjectie van 1.200 euro per Nederlander.

Het zijn grote bedragen, en ze stellen de belangrijkste energietransporteurs van Nederland voor grote problemen. Wie gaat dat betalen? En de tweede vraag: waren de aankopen die deze twee staatsbedrijven de laatste jaren in het buitenland hebben gedaan, wel zo verstandig?

Het zijn interessante bedrijven, Tennet en Gasunie. Hun mission statements bevatten woorden als kwaliteit, betrouwbaarheid en voorzieningszekerheid. Zonder energie staat alles stil. Het is niet voor niets dat de staat voor honderd procent eigenaar is. Nog wel.

Hun transportnetten vormen de ruggengraat van de Nederlandse energievoorziening. De kleinere botjes van dat geraamte worden gevormd door kleinere netwerkbedrijven, zoals Alliander, Stedin en Enexis, die de afgelopen jaren zijn afgesplitst van Nuon, Eneco en Essent. Ook deze bedrijven zijn in handen van de overheid (gemeenten en provincies), vanwege hun strategische belang voor de energievoorziening.

Hoe zat het ook alweer? Nadat de Nederlandse energiemarkt in de paarse jaren negentig was geliberaliseerd, dreigden de energiebedrijven (nog bestaande uit zowel centrales als leidingen) zich vol overgave te storten in riskante buitenlandse avonturen. Dat was nu ook weer niet de bedoeling, schrok politiek Den Haag. Stel dat door een faillissement van een roekeloos energiebedrijf de stroom ineens ophield met stromen.

De oplossing kwam van PvdA-Kamerlid Ferd Crone: splitsing. De energieproducenten mochten volledig geprivatiseerd op avontuur, maar de netwerken zouden in handen van de overheid blijven. Want voor een falende centrale vind je wel een andere, voor een falend netwerk niet.

Voor de hoofdnetten, van Tennet en Gasunie, gold dezelfde filosofie. Te belangrijk om het risico van omvallen te lopen. En dus werden het staatsbedrijven.

Ironisch genoeg zijn het nu juist deze staatsbedrijven die op buitenlands avontuur zijn gegaan. Gasunie kocht in 2008 een groot Duits gasnet, Tennet kocht in 2010 een groot deel van het Noord-Duitse elektriciteitsnet. Gevolg: Gasunie moest vorig jaar een half miljard afboeken op die aankoop, vanwege tegenvallende inkomsten. Tennet probeert vanwege dit dreigende probleem delen van de Duitse aankoop weer te verkopen.

De bedrijven hebben voor hun investeringen al zoveel geld geleend, dat ze grote moeite hebben nieuwe investeerders te vinden. Tennet deed een beroep op het Rijk, Gasunie zag dat ook als uitweg.

Maar het Rijk heeft niet veel geld. En dus kondigde minister Verhagen van Economische Zaken vorige week aan dat de netwerkbedrijven, hoe strategisch belangrijk ook, toch voor een deel geprivatiseerd mogen worden. Maximaal voor 49 procent, maar toch. Ze hebben geld nodig.

Het is de omgekeerde route. Om de netwerkbedrijven te weerhouden van risico's, moesten ze in overheidshanden blijven. Nu de netwerkbedrijven toch risico's hebben genomen, mogen ze deels worden verkocht.

Grote vraag is: hebben Gasunie en Tennet hun hand overspeeld?

Nee, vindt Paul van Gelder van Gasunie. 'Je wilt gewoon in Duitsland zitten. Zeker nu aardgas, met het afscheid van de kerncentrales en de groei van windenergie, een belangrijke grondstof wordt om elektriciteitscentrales flexibel te laten draaien. Duitsland is onderdeel van onze internationale ambities.'

Voor Tennet pakt de Duitse Atom-ausstieg minder positief uit. Juist door het afscheid van de kerncentrales moet Tennet in Duitsland veel sneller gaan investeren in de uitbreiding van het hoogspanningsnet, om stroom van de windparken naar het zuiden te transporteren. Het bedrijf is, in de persoon van directeur Mel Kroon, de afgelopen weken voortdurend op pad geweest in Duitsland, op zoek naar investeerders voor het verplichte aansluiten van windparken in de Noordzee.

Beide bedrijven hebben buiten de waard gerekend. De tarieven die Tennet en Gasunie als monopolisten mogen rekenen voor het transporteren van stroom en aardgas, worden bepaald door een toezichthouder, in Duitsland de Bundesnetzagentur. En die heeft die tarieven nogal zuinigjes vastgesteld. Daardoor vallen de inkomsten op de netten tegen. 'De Duitse regulering maakt niet al onze plannen rendabel', zegt Van Gelder. 'Dat beperkt onze plannen.'

Overnames

Volgens energieadviseur Ebel Kemeling van Spring Associates hebben de bedrijven 'iets te scherp aan de wind gevaren'. Vooral de banken die bij de overnames hebben geadviseerd, hebben de macht van de reguleerder onderschat. 'De jongens en meisjes van de banken die Tennet hebben geadviseerd, hadden wel iets harder mogen nadenken over het risico dat je loopt. Je hebt te maken met een regelgever die kan bepalen wat jij mag verdienen, in een land dat niet wars is van industriepolitiek. Dit risico wordt door banken en financiers consequent te laag ingeschat. Die hebben er natuurlijk belang bij om een transactie te doen.'

Hoe de toezichthouder een monopolist met ogenschijnlijk gegarandeerde inkomsten kan maken of breken, bleek vorige maand ook in Nederland. De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) concludeerde dat Gasunie de afgelopen vijf jaar door te hoge tarieven een miljard euro te veel heeft ontvangen voor het aardgastransport. Die tarieven waren gebaseerd op een te gunstige berekening door de overheid - die daar als enig aandeelhouder van Gasunie ook belang bij had. Dat mag dus niet.

Het is nog niet definitief, maar als het oordeel van de NMa standhoudt heeft dat grote effecten voor zijn bedrijf, zegt Van Gelder. 'We dreigen een lagere kredietwaardigheid te krijgen.'

Als dat gebeurt, stijgen ook de rentelasten, omdat die gekoppeld zijn aan de rating. En dan kan de Gasunie niet meer investeren in bijvoorbeeld de gasrotonde, de invoer van groen gas, en de connecties met het buitenland. Van Gelder: 'Bedenk wel dat die lage tarieven voor de helft ten goede komen aan buitenlandse gasklanten, terwijl het dividend dat binnenkomt bij hogere tarieven, binnen de grenzen blijft, bij de overheid.'

De oplossing van Verhagen, gedeeltelijke privatisering, lost het probleem niet op, zegt Van Gelder. 'Integendeel. Private kapitaalverschaffers zullen juist hogere rendementseisen stellen. Dat zal toch van hogere tarieven moeten komen.'

Uiteindelijk ligt het probleem dus bij de reguleerder. Ook in Duitsland. Gasunie en Tennet blijven verwoed in gesprek met de Bundesnetzagentur, zeggen ze.

De (staats)bedrijven Gasunie en Tennet hebben flink geïnvesteerd in het buitenland. Dat was geen onverdeeld succes. Nu is er (veel) geld nodig. Wie wil investeren?

Europees netwerk van Gasunie is 15.000 km lang

De Nederlandse Gasunie stamt uit 1963, een paar jaar na de ontdekking van het Slochteren-veld. Aanvankelijk was het bedrijf eigendom van Esso en Shell. In 2005 werd het bedrijf gesplitst in een handelstak (Gasterra, nog steeds voor de helft in bezit van de twee oliebedrijven) en een transporttak (Gasunie, in handen van de staat). Gasunie bezit nu 15.000 kilometer aan leidingen, waarvan 3.500 in Duitsland. Het is mede-eigenaar van de BBL-buis naar Engeland, en van de onlangs geopende Gate-terminal voor geïmporteerd vloeibaar gas. Ook heeft Gasunie een aandeel van 9 procent in Nord Stream, de leiding van Duitsland naar Rusland.

Tennet (1998) is 'de eerste grensoverschrijdende elektriciteitstransporteur van Europa', vermeldt de website trots. Met 20.000 kilometer aan hoogspanningsverbindingen en 35 miljoen eindgebruikers is het een van de grootse energie-transporteurs in Europa. Tennet is verantwoordelijk voor alle hoogspanningslijnen hoger dan 110 kilovolt. Tennet heeft onderzeese verbindingen met Noorwegen en Engeland.

In Nederland is het bezig met 500 kilometer aan grote nieuwe verbindingen van 380 kilovolt, die voor een (klein) deel ondergronds komen te liggen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden