staat van de nederlandse film

'Morgen gaat het beter' was ooit de titel van een televisieserie over de Nederlandse film. Jaar in jaar uit moet, bij voorbeeld naar aanleiding van de Nederlandse Filmdagen, worden geconcludeerd dat het met de documentaires uitstekend gaat, maar dat de speelfilms niet om over naar huis te schrijven zijn....

PETER VAN BUEREN

Máár, kan telkens aan deze droeve mededeling worden toegevoegd: er zijn toch weer een paar nieuwe talenten ontdekt - op de filmacademie of op een andere kunstschool, waar ze ook wat aan film doen.

Vol verwachting kijken we telkens weer uit naar een nieuwe Nederlandse film, in de hoop dat het meevalt of eindelijk zelfs iets heel behoorlijks is.

Goed, onze jongens in den vreemde doen de internationale filmwereld telkens weer versteld staan. Paul Verhoeven heeft zich omhoog gevochten naar de top van Hollywood en Jan de Bont, ooit Verhoevens cameraman, heeft een eerste film geregisseerd (Speed) die de zomerhit in de Amerikaanse bioscopen dreigt te worden.

En even zo goed, (nieuwe hoop) gaat Jos Stelling volgend jaar als eerste Nederlandse regisseur met De vliegende Hollander de Gouden Palm in Cannes winnen, maar intussen kan toch niet gesproken worden van een bloeiend bestaan van de Nederlandse Cinema.

De moed niet opgevend zijn we naar de opnamen gegaan van wéér twee nieuwe films van Nederlandse regisseurs die we serieus dienen te nemen en naar wier werk met enige verwachting mag worden uitgekeken.

Nouchka van Brakel is bezig met de verfilming van Aletta Jacobs - een zoektocht, over de eerste Nederlandse vrouw die afstudeerde aan de universiteit, maar zelfs in feministische kringen lichtelijk in vergetelheid is geraakt. Kan interessant worden!

En Ate de Jong, die ook ooit naar Hollywood vertrok maar niet de status van Paul Verhoeven bereikte, verfilmt in Boedapest All Men are Mortal, naar een boek van Simone de Beauvoir. Een Nederlands-Engels-Franse coproduktie met een internationale cast. Internationaal gezien een 'kleine' film (budget ruim tien miljoen gulden), maar mikkend op een publiek dat groter is dan alleen het Nederlandse.

Kan mooi worden, met Irène Jacobs en Stephen Rea, hoofdrolspeler uit The Crying Game.

Met deze twee films, en natuurlijk De Vliegende Hollander van Jos Stelling - die, let op, volgend jaar de Gouden Palm in Cannes gaat winnen - zul je zien dat er straks weer met respect gesproken wordt over die dekselse Nederlandse regisseurs. Bij Holland Film Promotion kunnen ze de leuze van enkele jaren geleden weer tevoorschijn halen: 'Holland has more'. En als straks die werkplaats van Rob Boonzaajer Flaes het ene na het andere talent ruimte biedt om zich te ontwikkelen tot een internationaal niveau, dan zijn we weer snel vergeten dat het met de Nederlandse film bar en boos gesteld is. Nee wacht maar, morgen gaat het beter!

Peter van Bueren

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden