Staan we op de rand van WO III?

Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog opereren de Verenigde Staten en Rusland militair op hetzelfde slagveld. Wordt Syrië het nieuwe Sarajevo, waar in 1914 het startschot klonk voor de Eerste Wereldoorlog?

Grote schade in de Syrische stad Aleppo als gevolg van de oorlog die vijf jaar geleden begon Beeld afp

De burgeroorlog in Syrië begint steeds meer een wereldoorlog in het klein te worden. Steeds meer landen zijn direct of indirect bij het conflict betrokken: Rusland, de Verenigde Staten, Turkije, Israël, Frankrijk, Jordanië, Qatar, Saoedi-Arabië en tientallen andere landen, waaronder zelfs het verre Nederland. Maar hoe groot is het gevaar dat het geweld overslaat op de buitenwereld en het op een echte wereldoorlog uitloopt?

Het is inmiddels zo druk dat je bijna begint terug te verlangen naar de Koude Oorlog, toen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie 'proxy-oorlogen' tegen elkaar voerden in de Hoorn van Afrika en landen als Angola en Mozambique. Via handlangers probeerden ze elkaar dwars te zitten zonder dat ze rechtstreeks met elkaar in conflict kwamen.

Ook in Syrië bedienen de Verenigde Staten en Rusland zich van 'proxies': de VS gebruiken de gematigde rebellen en de Koerdische YPG-militie om de terreurgroep Islamitische Staat (IS) te bestrijden, terwijl Rusland het Syrische leger steunt om zijn belangen in de regio veilig te stellen. Maar na vijf jaar vechten is de burgeroorlog uitgemond in een onontwarbare kluwen van bondgenootschappen, toevallig samenvallende belangen en vijandschappen. Kan Syrië het nieuwe Sarajevo worden? Daar loste Gavrilo Princip in 1914 het schot dat een kettingreactie in Europa veroorzaakte met als gevolg de Eerste Wereldoorlog.

Zeker is: Hoe langer de oorlog duurt, hoe verder de buitenstaanders in het conflict worden gezogen door hun cliënten en hoe groter het gevaar dat zij rechtstreeks met elkaar slaags raken. Dat risico is vooral toegenomen sinds Rusland eind september vorig jaar besloot zich in de strijd te mengen, toen het zag dat zijn cliënt, de Syrische president Assad, steeds meer in het nauw raakte.

Grondoffensief

Daarmee ontstond een unieke en riskante situatie: voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog opereren de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie/Rusland militair op hetzelfde slagveld. Om ongelukken te voorkomen spraken de twee grootmachten af informatie uit te wisselen over hun gevechtsvluchten. Maar tot echte coördinatie is het nooit gekomen, zeker niet nadat duidelijk werd dat het Russische ingrijpen niet tegen IS is gericht, maar vooral tegen de rebellen die door de VS, Saoedi-Arabië en de Golfstaten worden gesteund. Uit vrees het doelwit te worden van de S-400-luchtdoelraketten die Rusland in Syrië heeft opgesteld, mijden Amerikaanse gevechtsvliegtuigen nu het luchtruim boven het westen van Syrië.

Sinds de komst van de Russen rukt het Syrische leger steeds verder op, onder dekking van Russische luchtaanvallen en gesteund door Iraanse militairen en de Libanese sjiitische Hezbollah-beweging, een aartsvijand van Israël. Tegelijkertijd biedt Rusland ook rugdekking aan de Koerdische YPG-militie, die door Turkije wordt beschouwd als een terroristische organisatie. Ankara is bang dat de Koerden bezig zijn een ministaatje te vormen langs de grens met Turkije en ook de Koerden in Turkije zullen aansteken met hun streven naar een onafhankelijk Koerdistan. Onder druk van Ankara mag de Koerdische militie, net als IS en het jihadistische al-Nusra Front, niet meepraten over een mogelijke vredesregeling van het conflict.

Rusland staat welwillend tegenover de Koerdische strijders, ook al zijn die ook tegen het bewind van president Assad. Het lijkt erop dat Moskou graag zou zien dat de YPG-strijders een bufferzone in handen krijgen langs de hele grens met Turkije. Kennelijk rekent Moskou erop dat de YPG de grens dan op slot zal doen, zodat de islamistische rebellengroepen geen wapens en strijders meer kunnen aanvoeren vanuit Turkije.

Buffer

Een door de Koerden beheerst gebied zou als een buffer voor het Assad-regime dienen tegen Turkije. Rusland had al lang genoeg van het 'gestook' van Turkije in Syrië, maar beschouwt het land sinds het neerschieten van een Russisch gevechtsvliegtuig eind vorig jaar als een regelrechte vijand.

Ironisch genoeg krijgen de YPG-strijders niet alleen steun van Rusland, maar ook van de Verenigde Staten. Washington beschouwt hen als veruit de effectiefste strijders onder de anti-Assad-rebellen, maar merkt nu dat zij een eigen agenda hebben, waardoor de VS in een lastig parket zijn geraakt.

De Turkse premier Ahmet Davutoglu daagde de VS en andere NAVO-bondgenoten donderdag uit om eindelijk eens partij te kiezen: voor Turkije of voor de 'terroristen' van YPG. Zij worden door Turkije verantwoordelijk gehouden voor de bloedige aanslag van deze week in Ankara.

Kort voor die aanslag zinspeelde Turkije al op een grondoffensief in Syrië, zij het niet op eigen houtje. Islamitische staten als Saoedi-Arabië, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten hebben zich bereid verklaard troepen te sturen. Maar die landen verlangen wel het fiat van de VS, de leider van de meer dan veertig landen tellende 'wereldwijde coalitie tegen IS', de terreurgroep die een groot deel van Syrië (en Irak) in handen heeft.

De VS voelen niets voor een grondoffensief, dat onherroepelijk zal leiden tot een escalatie van het geweld in een oorlog die al ruim een kwart miljoen levens heeft gekost. Volgens diplomaten en defensiedeskundigen oefenen de Amerikanen achter de schermen druk uit op Turkije om af te zien van het sturen van troepen.

Tekst gaat verder onder de video.

Handout van Artsen zonder Grenzen in verband met de verwoesting van een ziekenhuis in de noordelijke provincie Idlib. Beeld epa

Artikel 5

De VS en andere NAVO-landen, zoals Nederland, vrezen door toedoen van bondgenoot Turkije 'meegezogen' te worden in een oorlog die niet de hunne is: tegen de Koerden. De vijandelijkheden tussen de YPG en het Turkse leger 'compliceren' volgens minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders de toch al schier ondoorgrondelijke situatie in Syrië.

Turkije heeft eerder met succes een beroep gedaan op de NAVO. Een aantal lidstaten, waaronder Nederland, plaatste Patriot-luchtdoelgeschut nabij de grens met Syrië. De NAVO opereert sinds kort ook met Awacs-'spionagevliegtuigen' in de oorlogsregio. Het gaat in beide gevallen om defensieve wapens. Deelname van NAVO-landen aan een grondoffensief is een heel ander verhaal.

Het zou er namelijk toe kunnen leiden dat de NAVO en Rusland in Syrië rechtstreeks tegenover elkaar komen te staan. Dat is een scenario dat beide kampen willen vermijden, ook al beschouwt Rusland de NAVO nog steeds als 'vijand nummer één'. Sinds de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie (nu Rusland) de beschikking hebben over kernwapens zijn ze uiterst omzichtig geweest: een rechtstreekse botsing zou tot een escalatie kunnen leiden met het risico dat het in het uiterste geval uitloopt op een kernoorlog.

Maar ook als de NAVO-landen afzien van een riskante grondoperatie, kan het bondgenootschap toch betrokken raken bij een botsing tussen Turkije en Rusland. In geval van een aanval op zijn grondgebied kan Ankara een beroep doen op artikel 5 van het NAVO-verdrag, dat stelt dat een aanval op één van de lidstaten zal worden opgevat als een aanval op alle NAVO-landen. Tot nog toe hebben de NAVO-landen dat artikel nog maar één keer in werking gesteld: na de aanslagen van 9/11 op het World Trade Center en het Pentagon.

Maar het is wel duidelijk dat de NAVO-partners de lat hoog zullen leggen en Turkije niet zomaar te hulp zullen schieten. Al na het neerschieten van het Russische gevechtsvliegtuig door Turkije in november bleek er onder de NAVO-landen de nodige irritatie te bestaan over het roekeloze optreden van de Turken. Tegen een kernmacht trekt niemand graag ten strijde, dus zal de 'wereldoorlog' waarschijnlijk beperkt blijven tot het onoverzichtelijke gedrang op het slagveld in Syrië.

Een Syrische man slaapt op het dak van een verwoest gebouw in Damascus. De wijk Barzeh is onder controle van rebellen, terwijl andere delen van de stad worden gecontroleerd door Syrische overheidstroepen. Beeld epa

Koerdische groep eist aanslag Ankara op

De bomaanslag in Ankara, waarbij deze week 28 mensen om het leven kwamen, is opgeëist door de Koerdische Vrijheidsvalken (TAK). Deze militante Turkse beweging is voortgekomen uit de in Turkije verboden Koerdische partij PKK. De TAK zegt op zijn website dat de aanslag een vergelding is voor de 'manipulaties' van president Erdogan tegen het Koerdische volk. Turkije had eerder de Koerdische militie YPG in Syrië aangewezen als verantwoordelijke. De YPG noemde deze 'ongefundeerde' beschuldiging een voorwendsel van Turkije om een invasie in het noorden van Syrië te beginnen. Turkije dringt hier al de hele week op aan bij zijn bondgenoten.

Rusland heeft vrijdag om een bijeenkomst van de VN-Veiligheidsraad gevraagd. Moskou wil dat de Veiligheidsraad een resolutie aanneemt waarin geëist wordt dat er een einde komt aan acties die de soevereiniteit van Syrië ondermijnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden