Sprong over het spoor

Een beetje Bosschenaar heeft aan één binnenstad genoeg, zo wordt er wel gemopperd op de nieuwe stadswijk achter het spoor....

Vroeger, ja vroeger, kwam Jan van Haaren vaak genoeg achter het station van Den Bosch. Hij wist precies waar de gaten in het hek zaten, stak het spoor over en trok de wijde polder in, bijvoorbeeld om van vlierhout een pijl en boog te maken.

En nu, ja nu, is Jan van Haaren een gedrongen scepticus van 66 jaar. Hij zit in Infocentrum Paleiskwartier, bij benadering de plek waar hij ruim vijftig jaar geleden pijlen en bogen maakte. Om het spoor over te steken, hoeft hij tegenwoordig alleen maar gebruik te maken van de Passerelle.

Wat eens een polder was, is nu een teken des tijds: zo'n prestige-object van een gemeente die wil meetellen en dat prestige-object heet Paleiskwartier. Maar Jan van Haaren zien ze zelden in de Passerelle.

Het mocht wat, bromt de stadsgids annex plaatselijk historicus als hij zoete herinneringen heeft opgehaald aan vroeger en heeft gemopperd op wat het Bossche gemeentebestuur in foldertaal de 'tweede binnenstad' noemt. Meneer, een beetje Bosschenaar heeft aan één binnenstad genoeg en de oude voldoet nog prima.

'En nu maar eens kijken of mijn auto nog altijd onder water staat', schampert Jan van Haaren bij het afscheid. Hij heeft zijn auto geparkeerd in de vorige maand geopende Parkeergarage Paleiskwartier. Onder het centraal waterbassin, wel zo groot als drie voetbalvelden achter elkaar, is een even grote parkeergarage gesitueerd met twee lagen. Op een van de ruim duizend vakken moet de wagen van Jan van Haaren staan.

Een klein uurtje eerder is Willem van der Made ons voorgegaan in die oneindige parkeergarage. Van der Made is een rijzige, borstelige figuur, een man man die je op het eerste gezicht ook heel wat scepsis zou toedichten. Maar hij is ontembaar in zijn enthousiasme als het Paleiskwartier ter sprake komt en dat doet het ruim twee uur. Willem van de Made is directeur stadsontwikkeling van de gemeente Den Bosch.

In het Brabants Dagblad werd het Paleiskwartier de 'love baby' van Van der Made genoemd. Het is een begrip dat hij zelf niet gauw in de mond zal nemen, maar het zegt wel alles over zijn betrokkenheid. Vanaf begin jaren negentig, toen voor het eerst werd gedacht aan een drastische opknapbeurt van de stationsbuurt, is Willem van der Made de spin in het web.

Een decennium later is zijn love baby een flink uit de kluiten gewassen tiener. Weinig steden in Nederland zijn er zo goed in geslaagd om een vervallen stationsbuurt zo voortvarend en veelomvattend aan te pakken. 'Hoeveel plannen er voor een stationsgebied in de la zijn verdwenen, dat is werkelijk onvoorstelbaar.'

Wat er in Den Bosch in 2008 gerealiseerd moet zijn, is in omvang vergelijkbaar met Kop van Zuid in Rotterdam. Twaalfhonderd woningen moet het Paleiskwartier over zes jaar tellen. Voor kantoren is tachtigduizend vierkante meter gereserveerd en dertigduizend vierkante meter voor winkels, horeca en sociaal-culturele voorziening. Tezamen vergt dat een investering van 500 miljoen euro. En dat is dan nog maar Paleiskwartier I. De hijskranen rukken ook nog verder op. Binnen afzienbare tijd wordt begonnen met de aanleg van een groot ziekenhuis, waarin de complete tweedelijnszorg van de stad moet samenkomen.

Als Van der Made de conceptie van zijn love baby in de tijd moet plaatsen, dan ligt dat in het begin van de jaren tachtig. Dat was de tijd van stedelijke knooppunten. Den Bosch was dat niet. Dat was de tijd van het NS-plan Rail 21 met voorrang voor belangrijke stations. Den Bosch had dat niet. Kortom, Den Bosch lag op zijn gat en vond dat het tijd werd de rug te rechten. De vierde nota ruimtelijke ordening bood daartoe een financieel handvat. De centrale overheid vroeg daarin onder meer aandacht voor verwaarloosde stationsbuurten en die had Den Bosch dus wel.

Om te kunnen investeren in zijn openbare ruimte bedacht de gemeente een constructie van publiek-private samenwerking (pps). Samen met projectontwikkelaars en externe financiers wilde Den Bosch een volwaardige partner zijn bij grote stadswerken, met alle risico's vandien.

Zoals zoveel Nederlandse steden had Den Bosch zijn rug gekeerd naar de wijk achter het station. In de jaren van wederopbouw was de polder een bedrijventerrein geworden. Twee Bossche apothekers waren er groot geworden met Interpharm, het Amerikaanse Remington had er een vestiging geopend en dan had je ook nog De Gruyter, De Spar en de firma Simson, van de bandenplak.

De Wolfsdonken heette dat bedrijventerrein en was in de jaren van die plannenmakerij net zo naargeestig geworden als de naam doet vermoeden. Van der Made: 'Het enige leven dat je er had, was de tippelzone.'

Van de Nederlandse Spoorwegen kreeg de gemeente een kontje bij haar sprong over het spoor. Omdat het station niet meer voldeed, kon Den Bosch met zijn Passerelle op de proppen komen. Om de ene stad met de andere te verbinden, moest het idee van een stationshal worden losgelaten en moesten alle voorzieningen een plekje krijgen op de passage.

'We hebben het voor de poorten van de hel moeten wegslepen', zegt Van der Made. De NS dreigden een paar keer af te haken en Den Bosch moest met een paar miljoen over de brug komen om dat te voorkomen. 'Maar daarmee is wel dit hele verhaal in gang gezet. We hebben nu niet een station, maar een stationsgebied.'

Dankzij het arrondissement Den Bosch kreeg de gemeente voet aan de grond. Gerechtshof en rechtbank zaten op één locatie aan de rand van de binnenstad. Er moest een dependance in de buurt komen, maar de gemeente had net besloten daaraan niet meer mee te werken. Geen molochen in de binnenstad, naar het spoor ermee.

De Rijksgebouwendienst werd getrotseerd en een dreigement dat de hele handel naar Eindhoven zou verhuizen, werd genegeerd. Sinds vier jaar zit het complete arrondissement in een spiksplinternieuw Paleis van Justitie, beeldbepalend middelpunt van een wijk in wording. Voorwaarde was wel dat de hoeren verkasten. 'De rechters wilden niet tegen een tippelzone aankijken.' Hun wens ging in vervulling.

Het Paleis van Justitie is een classicistisch en indrukwekkend ontwerp van de Belgische architect Charles Vandenhove. Het gebouw is bewust in strijd met de destijds heersende gedachte dat justitie laagdrempelig moest zijn. Wie het Bossche Paleis van Justitie als geverbaliseerde betreedt, moet nooit meer willen terugkomen.

Behalve middelpunt is het Paleis van Justitie ook naamgever van de wijk. Aanvankelijk was de werktitel La Gare, maar op een gegeven moment werd er zoveel verfranst in Den Bosch dat de bewoners daartegen in opstand kwamen.

Aan de overkant zetelt de BV Paleiskwartier. Met bouwonderneming Volker Wessels Stevin, de financiële partijen NIB en Pensioenfonds Stork zit Den Bosch in de pps. De gemeente loopt dus voor 25 procent risico bij dit project. 'Maar het is wel dé manier om geloof in zo'n project te krijgen', zegt Van der Made. Bovendien houdt de de gemeente in zijn persoon voortdurend een vinger aan de pols.

Wonen, werken en studeren zijn de drie kernbegrippen voor het Paleiskwartier. Vijfduizend mensen, ruim de helft van buiten de stad, komen hier te wonen. Met name Armada, een project van de Londense architect Tony McGuirk springt in het oog. Het zijn zes bolvormige flatgebouwen die als zeilschepen aan het bassin liggen aangemeerd, klaar om Eindhoven in te nemen.

Tijdens werkuren zullen tienduizend mensen extra het Paleiskwartier bevolken. Ze zijn voornamelijk in de dienstensector werkzaam. De kantoren zijn zoveel mogelijk langs het spoor gerangschikt en vormen volgens het ontwerp van stedebouwwkundige Shyam Khandekar de harde schil, een geluidswal voor het treinverkeer.

Aan de andere kant wordt het Paleiskwartier begrensd door de Onderwijsboulevard en het nieuw aangelegde Westerpark. Voormalig sportcomplex Concordia is een leercomplex geworden. Zo'n twintigduizend studenten volgen er een mbo of hbo-opleiding. Bovendien strijkt het Stedelijk Gymnasium komend schooljaar neer op de binnenplaats van Le Carréfour. Het onderwijs moet het Paleiskwartier tot leven wekken en 's-Hertogenbosch er van kindsbeen mee vertrouwd maken. Van der Made: 'Iedere Bosschenaar is straks in het Paleiskwartier naar school gegaan.'

Voordat de sprong over het spoor echt is voltooid, moet er inderdaad nog wel een generatie overheen. De uitbater van brasserie La Cour (het Frans gaat nooit helemaal verloren in deze bourgeoisstad) sluit zijn zaak in het weekeinde. Doordeweeks kan hij zijn brood al behoorlijk verdienen, maar op zaterdag en zondag kun je een kanon afschieten in het Paleiskwartier. Heb geduld, zegt Willem van de Made tegen de eigenaar van La Cour. Het gaat goed komen, echt waar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.