Springdance toont verschil in humor

DANS..

Annette Embrechts

Hoe verschillend de voorstellingen in het Utrechtse festival Springdance ook zijn, er tekende zich een opvallende scheiding af tussen buitenlandse en Nederlandse bijdragen. Waar de choreografen van eigen bodem blijk gaven van een voorliefde voor de pure dans, zochten hun buitenlandse collega's hun heil in theatrale, betekenisvolle bewegingen.

Wendy Houstoun, mede-oprichtster van de Engelse groep DV8, ging daar met haar twee solo's het verst in. In Daunted en Happy Hour presenteerde ze een opvallend soort stand up dans door pratend hyperalert te reageren op haar bewegingen en andersom. Leek dat in de eerste solo nog een springerig maar indringend gesprek met een psychiater, in Happy Hour kroop ze wisselend in de huid van een barman en zijn dronken klant.

De Noorse Ingun Bjrnsgaard probeerde grappig te zijn in haar twee slapstickprojecten The solitary shame announced by a piano en Pli à Pli. Bij het eerste persifleerden vier vrouwen en drie mannen in een decor van douchegordijnen contactuele intimiteiten. Ze boerden, beten en graaiden naar elkaars ledematen om zo op een irriterende manier gewicht te geven aan niets. Ook de mix van klassiek en speels ballet, gezet op pianomuziek, sloeg dood op de flauwe humor, net als in Pli à Pli, al was het daar de barokdans die het in een parodie moest ontgelden. Dat deze choreografe in Scandinavië en Duitsland succes oogst, bewijst dat van een Europees gevoel voor humor nooit sprake kan zijn.

Ook de Amerikaanse John Jasperse haalde in zijn kwartet Madison as I imagine it grapjes uit met emmers, muntjes en rubberen handschoenen, maar bracht die als bloedserieuze kost, in een traag en stug tempo. Nog trager voltrok zich de performance van Boris Charmatz en zijn collega's. Terwijl uit tien ghettoblasters een plingplong-muziek klonk, zochten hun naakte lichamen contact met elkaar en een catwalk. Geen drive, geen dans, geen theater, alleen maar lijven die de ene pose na de andere opzochten. Daarmee onttrekt Charmatz zich, net als tijdens Springdance '97, aan alle wetten van bewegingstheater, maar hij stelt er in Herses wel erg weinig spanning tegenover.

Het Nederlandse talent Nanine Linning zag haar in opdracht van Springdance gemaakte duet Cardiac Motion geflankeerd door twee bijdragen van P.A.R.T.S, de dansschool van Anne Teresa de Keersmaeker. Charlotte Vanden Eynde maakte een studentikoos duet over kijken en bekeken worden met haar jaargenote Sharon Zuckerman. In huidkleurige hemdjurkjes etaleerden ze hun lichamen op twee lessenaartjes alsof ze thuis op de bank zaten.

Tom Plischke stak er politiek bewust tegen af met zijn monotoon schokkende lichaam op een bandopname van de stem van Antonin Artaud en massageluiden tijdens de val van de Muur. Linnings duet met haar prachtige tegenspeelster Mirjam ter Linden was tenslotte een toonbeeld van een choreografische oefening. Eenvoudig opgebouwd met wegdraaiende benen en cirkelende armen volgens een muzikaal patroon van pompend bloed door twee hartkamers. Stijlvol maar meer een werkplaatsproject dan een festivalvoorstelling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden