Spreekt Aziz de waarheid?

Als zijn verhaal klopt, is hij geen bedreiging voor Nederland, maar wat als hij liegt?

Is de Syriër oprecht? De Volkskrant heeft geprobeerd zijn verhaal zo veel mogelijk te verifiëren. Zijn zaak toont de dilemma's voor veiligheidsdiensten in de omgang met personen uit een oorlogsgebied.

Aziz kijkt uit over Amsterdam waar hij woont en werkt. Beeld Aurélie Geurts

Zaterdag 25 november verschijnt een voicemailbericht van een onbekend nummer. Het is ingesproken op vrijdagavond om 23.25 uur. De man spreekt met een kalme, donkere stem in redelijk verstaanbaar Engels. Hij wil met de Volkskrant spreken.

Hij beweert dat hij de bedoelde IS-strijder is waarover de Volkskrant en Nieuwsuur een dag eerder hebben bericht. Die op een bijeenkomst in De Balie opdook. 'Ik ben die man.' Hij zegt geschrokken te zijn van alle ophef. Ook omdat het gebaseerd is op iets 'wat niet waar is'.

Dat intrigeert. Terugbellen kan alleen niet: hij heeft geen telefoonnummer achtergelaten. In de middag belt hij weer. Hij bevestigt dat hij in De Balie was, dat hij 31 jaar is en met valse papieren naar Nederland is gekomen. Hij zegt dat hij in Amsterdam werkt. Hij wil graag zijn verhaal vertellen. Over zijn betrokkenheid bij IS doet hij vaag. We maken een afspraak.

Dan ontstaat wat aarzeling. Is het verstandig om met iemand af te spreken die bij IS zat? Waarvan de veiligheidsdiensten ook nu nog vinden dat hij een zwaar geval is? Zo zwaar, dat ze hem sinds zijn komst naar Nederland in de zomer van 2014 in de gaten houden? Aan de andere kant: het kan een kans zijn om meer te weten te komen over hoe hij naar Nederland is gekomen, over de bedreiging die hij vormt en hoe om te gaan met personen die bij IS zaten.

Samen met Eelco Bosch van Rosenthal, journalist van Nieuwsuur die ook meewerkte aan het eerste verhaal, besluiten we dat een persoonlijk gesprek de voorkeur heeft.

Na de eerste ontmoeting rijzen de twijfels. Is zijn verhaal wel oprecht? We proberen het zo veel mogelijk te verifiëren. Bronnen rond veiligheidsdiensten die eerder zeiden dat hij een zwaar geval is, blijven bij die stelling, maar willen niet zeggen waarop ze dat baseren. Ze blijven benadrukken dat hij een 'IS-strijder' was en geen 'IS-sympathisant'. Ook daarover geen details. Ze willen geen toelichting geven.

De activisten van Raqqa is Being Slaughtered Silently zeggen nogmaals dat een van hen hem in 2011 in Aleppo zag met IS. Hij zou een beveiligingsfunctie hebben gehad. Ze kunnen geen bewijs leveren. De Syriër was destijds inderdaad net uit de gevangenis, maar IS bestond toen nog niet in Syrië.

Zijn verblijf bij Ahrar al-Sham zou de interesse van veiligheidsdiensten kunnen verklaren. Hoewel de groep niet op de Europese lijst van terroristische organisaties staat, had Ahrar al-Sham een nauwe band met andere jihadistische groepen. De groep ontstond in 2011 in Idlib en vormde een front met onder andere Al Nusra - waaruit later IS ontstond. In 2014 raakten Ahrar al-Sham en IS gebrouilleerd en gingen ze elkaar bevechten.

Syriër die opdook in debatcentrum De Balie ontkent oud-IS-strijder te zijn

De Syriër die in september opdook in debatcentrum De Balie in Amsterdam en door aanwezigen werd herkend als een oud-IS-strijder, verblijft sinds 2014 in Nederland. Hij heeft een verblijfsvergunning en werkt in een café in Amsterdam. Dat vertelt hij in een gesprek met de Volkskrant en Nieuwsuur.

Ook zijn verblijf in de beruchte Saydnaya-gevangenis kan hem in het blikveld van de diensten hebben gebracht. Verder is niet uit te sluiten dat hij op een lijst staat die door informanten aan een geheime dienst is gegeven. Enkele van zijn vrienden zijn ook bij IS terechtgekomen.

Bronnen in de regio zijn lastig te benaderen. Communicatie met het noorden van Syrië verloopt moeizaam en niet iedereen is te vertrouwen. Openbare bronnen bevestigen de details die hij geeft over Ahrar al-Sham en de situatie toen hij Syrië verliet.

Inlichtingendiensten wisselen permanent informatie uit over mogelijke IS-strijders en terroristen. Het hoeft daarbij niet altijd om geverifieerde informatie te gaan, soms gaat het om een 'hoogstwaarschijnlijk' geval. De NCTV en de AIVD kunnen alleen niets zeggen over individuele gevallen. Zij willen geen vragen beantwoorden.

Het verhaal van de Syriër toont de dilemma's voor veiligheidsdiensten in de omgang met personen uit een oorlogsgebied. Als zijn verhaal klopt, is hij geen bedreiging voor Nederland. Tegelijk is de interesse van de AIVD ook verklaarbaar: hij was bevriend met personen die later bij IS gingen, heeft heftig geweld meegemaakt, is gemarteld, heeft moeten vechten in de gevangenis, kreeg onderdak bij een leider van een islamitische gevechtsgroep. En hij loog over zijn personalia. Inlichtingendiensten werken met waarschijnlijkheden. De Syriër zal niet worden gezien als een directe bedreiging, eerder als een 'mogelijk' gevaar.

Na het eerste gesprek volgt nog een ontmoeting. Hij oogt kalm en evenwichtig, zijn verhaal komt overtuigend over. Hij heeft geen afkeer van de westerse democratie, omarmt die eerder. Maar wat als hij liegt en hij wel heeft gevochten bij Ahrar al-Sham of andere jihadistische groepen? Het is niet uit te sluiten. In het begin van de oorlog was er een veelvoud aan groepen die tegen Assad streden. Pas nadat de Syriër eind 2012 naar Turkije was gegaan werd IS groter en ontwikkelde de groep zich tot de gevreesde terroristische organisatie.


'Ik ben die man die ze een IS-strijder noemen'

Tijdens een bijeenkomst in Amsterdam werd hij door Syrische activisten herkend als IS-strijder en bij veiligheidsdiensten geldt hij als een 'zwaar geval'. Maar met IS heeft hij nooit iets te maken gehad, zegt hij. Daarom wil hij zijn verhaal vertellen. (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.