Spijt, nee dat heeft Rasmussen niet

Vandaag verschijnt de biografie van bijna-Tourwinnaar Michael Rasmussen. Hoe geloofwaardig is zijn verhaal? En heeft het gevolgen voor mensen die werken in het Nederlandse wielrennen?

Het verhaal van Rasmussen, dat kennen we nu toch wel?

De grote lijnen van zijn mislukte carrière zijn bekend. Begonnen als mountainbiker, als wegrenner in 2003 terechtgekomen bij de Rabobank waar zijn dromen met hem op de loop gingen. In 2007 uit de Tour gezet na leugens tegen de dopingcontroleurs, waarna hij zijn ontslag voor de rechter aanvocht in een feuilleton dat zijn weerga niet kende. Rasmussen verloor die rechtszaak in hoger beroep en moet ruim 600 duizend euro aan de bank terugbetalen.


Begin dit jaar gaf hij toe dat hij zo'n beetje alle soorten doping thuis in voorraad had. De vraag blijft: wie van de ploegleiding wist dat hij die middelen innam? Alle verantwoordelijken, zei Rasmussen onder ede in de rechtszaal. Die verantwoordelijken ontkenden op hun beurt, eveneens onder ede. Zo blijft het tot in lengte van dagen het woord van de Deen tegen dat van Theo de Rooij, Erik Breukink en dokter Geert Leinders, sleutelfiguren die allang niet meer voor de ploeg werken.


Het boek, waarvan de Nederlandse uitgave vandaag verschijnt, kleurt zijn weergave van de werkelijkheid verder in. Het staat bol van de anekdotes, bijvoorbeeld over Piet de Vos. Hij is al jaren de buschauffeur van de Rabobankploeg, nu Belkin geheten. Toen de Franse politie in de Tour van 2007 zijn bus binnenviel, wist De Vos niet hoe snel hij de doping die in de koelkast werd bewaard, in veiligheid moest brengen. Dit deed hij, aldus Rasmussen, door de dynepo tijdelijk in zijn onderbroek te stoppen.


Hoe geloofwaardig is iemand die doping jarenlang ontkende?

Dat is de million dollar question waarop niemand het antwoord weet. In de rechtbank maakten Rasmussen en Rabobank elkaars verhalen met de grond gelijk. En dat hij zijn dopinggebruik jarenlang ontkende, deed zijn reputatie geen goed. Bovendien kleeft er een beeld aan hem dat wel nooit zal veranderen: dat van de maniakale solist, die zijn rijstkorrels aftelde voor het avondeten en stickers en plaatjes van zijn fiets trok om zo licht mogelijk tegen de bergen op te kunnen fietsen.


Maar Rasmussen is de enige niet die lang om zijn dopinggebruik heen draaide. Hij is niet minder geloofwaardig dan voormalige ploeggenoten als Boogerd en Thomas Dekker, of betrapte Tourwinnaars als Armstrong, Contador en Landis. Bovendien hebben Boogerd en Dekker nooit willen of mogen vertellen hoe ze aan hun doping kwamen en hoeveel de ploegleiding van Rabobank ervan wist.


Rasmussen kondigde al aan dat hij in Gele koorts alles op tafel zou leggen. Hij spaart niets of niemand, ook verdachte renners niet die dopinggebruik nooit hebben toegegeven, zoals Denis Mentsjov. De Rus speelde zonder meer vals, aldus Rasmussen.


Wat vaststaat, is dat hij zeker niet in alle opzichten 'een kat in het nauw is die rare sprongen maakt', zoals oud-ploeggenoot Pieter Weening verbitterd reageerde.


Ryder Hesjedal gaf vorige week toe dat hij inderdaad in 2003 doping nam, zoals Rasmussen schrijft. Belkin-ploegleider Frans Maassen bevestigde een voorval in de Tour van 2005, waar Rabobank uitleg moest geven over verdachte bloedwaarden van de Deen. En Bram de Groot erkende dat Rasmussen best gelijk kan hebben als hij stelt dat ook de mindere goden van de ploeg in de Tour van 2007 pilletjes met testosteron slikten.


Bovendien is er nog een ontnuchterend verschil met collega-zondaars. Rasmussen betuigt geen spijt. Sterker: zou hij de kans hebben om zijn carrière overnieuw te doen, dan had hij precies dezelfde keuzen gemaakt. Na alle bekentenissen van renners die zich tussen de tranen door schuldig zeiden te voelen tegenover hun familie, is zoiets weleens fijn om te lezen.


Is hij niet gewoon op geld uit?

Voor niets gaat de zon op. Ja, dus. Armstrong bekende ook niet gratis bij Oprah Winfrey op tv. Al bezweert Rasmussen dat het niet zijn leidmotief was voor dit boek, geschreven met een Deense journalist. Hij lijkt vooral op zoek naar genoegdoening. In 2007 werd hij geslachtofferd door Rabobank voor een probleem dat pas een probleem werd toen de Tourdirectie dat als zodanig ging zien. Tot die tijd spande heel Rabobank zich in om het geel naar Parijs te brengen.


Sindsdien wil hij de wereld overtuigen dat hij een van de frontsoldaten was in een 'atoomoorlog' waar de toppers elkaar met gelijke wapens bestreden. Dat zal trouwens best zo zijn, al is het maar omdat hij de degens kruiste met collega-zondaars als Armstrong, Contador en Valverde.


Naar die genoegdoening zal hij vermoedelijk eeuwig kunnen zoeken. De Rabo-verantwoordelijken van toen ontkennen of zwijgen als het graf. En het wielrennen van nu wil de geschiedenis zo snel mogelijk vergeten.


Kan het boek gevolgen hebben voor mensen die nog in het wielrennen actief zijn?

Ja, al zijn het niet zijn vroegere ploeggenoten die voor hun baan hoeven te vrezen. Van het negental Raborenners dat de Tour van 2007 reed, zijn alleen Thomas Dekker en Pieter Weening nog actief. Dekker is al bestraft voor dopinggebruik en Weening heeft zijn ploeg Orica-Greenedge achter zich staan, zo bleek deze week.


Nijpender kan het worden voor personeelsleden van de Raboploeg die nu voor opvolger Belkin werken. Zij hebben allemaal een bindende verklaring getekend in het kader van het dopingakkoord tussen de Nederlandse profploegen en de wielerunie. Daarin werd hun ook gevraagd of ze 'relevante informatie' over anderen wisten.


De vraag is nu hoe zwaar de Belkin-leiding eraan tilt als niet de (volledige) waarheid verteld blijkt. Ploegarts Dion van Bommel mocht in maart aanblijven nadat hij door Rasmussen in de rechtszaal werd beschuldigd van het onterecht verstrekken van medische attesten. Belkin wil volgens de woordvoerder eerst het boek hebben gelezen, voordat de betrokken personeelsleden eventueel om uitleg zal worden gevraagd.


Gele koorts - ten koste van alles naar de top. Door Michael Rasmussen en Klaus Wivel. Uitgeverij De Geus, 319 pagina's, prijs 19,95 euro.


Passages uit Gele koorts

In de kliniek van Wenen werd de situatie steeds penibeler en op een nacht in februari 2006 goot de arts in paniek de hele voorraad bevroren atletenbloed in de Donau. Daar gingen mijn Tour de France-overwinningen kopje-onder.

Over de Oostenrijkse bloedbank Humanplasma, waar Rasmussen en anderen zakken met bloed opsloegen om dit later in wedstrijden weer in te brengen

Ik sprak onze ploegarts, Dion van Bommel, en vroeg hem wat ik in hemelsnaam mankeerde. Hij schreef een verklaring dat ik astma had zodat ik salbutamol kon gebruiken. Ik heb geen astma, maar op die manier kon ik die astmaspray gebruiken.

Over Van Bommel, nog steeds werkzaam bij Rabobanks opvolger Team Belkin

De dopingregels worden steeds draconischer en steeds vernederender. Ik heb bij drie gelegenheden moeten poepen waar mensen bij waren die ik niet kende. Twee keer in mijn eigen huis.

Over de verscherpte antidopingreglementen

Thomas Dekker praatte honderduit over de Italiaanse sportarts Luigi Cecchini, de man naar wie Bjarne Riis Tyler Hamilton had verwezen. Dekker kletste er ook op los over bloedzakken die in de kelder van Cecchini hadden gehangen en over hoe de dokter bijna werd betrapt. Dekker zei dat hij ook bloedzakken voor de Tour wilde hebben, net als Boogerd en ik.

Over voormalige ploeggenoten Dekker en Boogerd, die net als Rasmussen doping bekenden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden