Speurtocht naar doping van de toekomst

Terwijl sommige sporters hun heil zoeken in nieuwe verboden middelen, beproeven anderen hun geluk met ouderwetse epo. De verwachtingen zijn hooggespannen, want het blijkt lastig om fraudeurs te betrappen.

AMSTERDAM - Blijft het aloude epo populair? Of staan atleten in de rij voor nieuwe, onvindbare middelen waarvan velen het bestaan nog lang niet kennen? Wat wordt, kortom, het dopingmiddel waarvan sporters zich in 2013 zullen bedienen om records te breken en toppen te bereiken?

De Italiaanse procureur die een onderzoek leidt naar de handel en wandel van dopingarts Michele Ferrari, liet zich onlangs drie middelen ontvallen die het dit jaar weleens zouden kunnen gaan maken. Benedetto Roberti heeft hoge verwachtingen van epo zeta, Chinese epo en Aicar, vertelde hij in een interview.

Zijn die vermoedens, gebaseerd op zijn onderzoek dat zich concentreert rond het profwielrennen, gerechtvaardigd? Drie dopingexperts geven hem deels gelijk.

1.Epo zeta

Epo zeta, of epo z, is volgens procureur Roberti niet op te sporen, terwijl het patent ervan al in september 2010 is aangevraagd door een Italiaanse fabrikant. Is dit dus het nieuwe wondermiddel?

Dat niet, zeggen de deskundigen. Volgens directeur Herman Ram van de Dopingautoriteit is het middel niets anders dan een variant op het bekende epo, een lichaamseigen hormoon dat het uithoudingsvermogen vergroot. 'Zoals er wel dertig epo-varianten over de hele wereld te verkrijgen zijn', aldus Ram. 'En allemaal zijn ze op te sporen via een dopingtest.'

Dit laatste bevestigt Peter Van Eenoo, directeur van het dopinglab in Gent. Elk lab dat dit wil, kan een sporter aan een epo-controle onderwerpen. Desondanks zijn er nog steeds atleten die hun geluk met epo beproeven, ook omdat het gemakkelijk verkrijgbaar is. De winnaar van de Ronde van Turkije, de Bulgaar Gabrovski, werd vorig jaar op die manier positief bevonden.

Gebruikt een sporter het middel in een lagere dosering, dan is de kans echter groot dat het dopinglab machteloos staat. Dit zogeheten microdoseren is trouwens een euvel dat de dopingjagers ook bij andere middelen parten speelt.

Elke epo-variant krijgt een letter uit het Griekse alfabet toebedeeld. De aloude vorm van epo is epo alfa. Epo zeta is dus de zesde versie, hoewel die telling in de loop der jaren door de war is geschopt. Het middel staat ook bekend onder de merknaam Retacrit en dook vorig jaar op in de dopingzaak rond een Russische biatleet.

2.Chinese epo

Over de populariteit van Chinese epo is Roberti duidelijk. Het middel was vorig jaar zo in trek bij de Olympische Spelen, dat hij het heeft omgedoopt tot 'koningin van de Spelen'. Bewijzen daarvan gaf hij niet prijs. Tijdens het toernooi zijn er tot dusverre geen sporters positief bevonden op epo-gebruik.

De naam wekt de suggestie dat er in het machtige sportland China een middel te verkrijgen is dat beter werkt dan alle andere, in Europa verkrijgbare, vormen van epo. Dat is niet zo, zeggen de experts.

Ram: 'Chinezen zijn mensen zoals jij en ik. Dus werkt epo bij hen hetzelfde als bij ons.' Epo is bovendien moeilijk (na) te maken, terwijl dat bijvoorbeeld minder het geval is bij anabolen.

Is epo geproduceerd in China opspoorbaar? Ram zegt van wel, net als Van Eenoo. Epo is immers epo en de 'streepjescode' waarmee het middel kan worden opgespoord, is toepasbaar op de meeste varianten. Of die nu in China of Chili worden vervaardigd.

Maar, zegt Van Eenoo, wat nu als die ene epo-versie net iets te veel afwijkt van het moedermiddel? Dan krijgen de laboratoria het ineens een stuk moeilijker. Bovendien wordt een sporter bij een dopingcontrole niet standaard doorgelicht op het gebruik van epo. Hij kan dus vrijuit gaan, hoewel de kans daarop een stuk kleiner is als hij voor zijn beroep op een fiets zit.

3.Aicar

Een poeder dat vanuit Oost-Europa aan een opmars in de sport bezig is; meer liet Roberti niet los over Aicar. Het middel prikkelt de verbeelding en maakt al enige tijd de tongen los.

Exercise in a pill, beweging in een pilletje, is de slagzin waarmee het wordt aangeprezen. Aicar zou hetzelfde effect op het lichaam hebben als een stevige duurtraining, zij het dat de sporter na inname geen vin hoeft te verroeren. Wie wil dat nu niet?

Dat het middel door sporters wordt gebruikt, en dan vooral als pil en niet als poeder, is wat Van Eenoo vermoedt. Het spul is al een aantal jaar op de markt. En in België zijn diverse partijen door de douane onderschept. Van Eenoo kan niet zeggen voor wie de bestellingen waren bestemd.

Volgens Ram is het spul te duur om werkelijk populair te kunnen worden: wie er echt van wil profiteren, is al gauw 1.000 euro per dag kwijt. Van Eenoo houdt het echter op honderd euro. 'Dat hoeft niet veel te zijn voor iemand die zijn brood verdient als profsporter.'

Volgens Ram en Van Eenoo is Aicar traceerbaar bij een dopingcontrole. Maar de stof is lichaamseigen, net als testosteron. Daardoor wordt het pas opgemerkt als de sporter een opvallend grote dosis heeft genomen.

Dopingexpert Douwe de Boer: 'Het komt van nature in je lichaam voor. Daarom moet je ondubbelzinnig kunnen aantonen dat de Aicar die je aantreft, daar niet thuishoort.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden