Speurder met 6 miljoen klanten

Op 23 mei 1960 maakte de Israëlische minister-president Ben Goerion bekend dat oorlogsmisdadiger Adolf Eichmann zich in een Israëlische gevangenis bevond. Een dag werd een telegram bezorgd bij Simon Wiesenthal in Wenen. Afzender was de directie van het holocaustcentrum Yad Vashem in Jeruzalem: 'Hartelijk gefeliciteerd met je schitterende resultaat.'


Tot aan het eind van zijn lange leven, Wiesenthal stierf in 2006 op 96-jarige leeftijd, was dit een van de fijnste stukjes papier die hij bezat. Biograaf Tom Segev trof het aan in een persoonlijk mapje, waarin hij ook vergeelde foto's vond van Wiesenthals geboortestad Buczacz (in toenmalig Oostenrijk-Hongarije, nu Oekraïne), alsmede een Israëlisch paspoort, een lijst van de concentratiekampen waarin hij gevangen had gezeten, plus een paar liefdesbriefjes die Elizabeth Taylor hem ooit stuurde.


De Israëliërs hadden Eichmann, de SS'er die verantwoordelijk was voor de logistiek van het transport van miljoenen mensen naar de Duitse vernietigingskampen, in Buenos Aires opgepakt. Dat was gebeurd na tips van Wiesenthal. De 'nazi-jager' had Eichmann al vijftien jaar op de korrel. Eerdere pogingen hem in Oostenrijk te grijpen waren mislukt, maar eind jaren vijftig wist Wiesenthal hem opnieuw te traceren in Argentinië. Eichmann woonde daar onder het pseudoniem Ricardo Klement. Na een lang proces in Jeruzalem werd hij opgehangen.


De Israëlische historicus Tom Segev (1945) wijdt in De nazi-jager vele pagina's aan Wiesenthals jacht op Eichmann. Segev kon, na toestemming van diens dochter Pauline, als eerste biograaf maanden speuren in het uitgebreide archief van de Oostenrijker. Veel wisten we al, maar veel ook niet, zoals het feit dat Wiesenthal vele jaren in dienst was van de geheime Israëlische dienst, de Mossad. De onthulling van Segev dat Wiesenthal samen met Israëlische agenten in 1948 Eichmann in Oostenrijk al bijna te pakken had, was bij de verschijning van de biografie zelfs even wereldnieuws.


De man die zichzelf 'de privédetective van zes miljoen klanten' noemde, spoorde veel meer oorlogsmisdadigers op. Meer dan 1.100 werden er dankzij zijn inspanningen getraceerd, onder wie de Gestapo-agent die Anne Frank oppakte.


Hij reconstrueerde de ontsnappingsroutes van de nazi's en wist sommige van hen op te sporen in verre landen: van Ecuador tot Ethiopië, van Ierland tot Syrië. 'Hij vond er een in Nepal en een ander op de Canarische Eilanden.'


Het hadden er nog meer kunnen zijn, maar al een paar jaar na de oorlog werd er door overwinnaars én verliezers een niet al te hoge prioriteit aan de jacht op oorlogsmisdadigers gegeven. 'De stomste nazi's waren degenen die na de ineenstorting van het Derde Rijk zelfmoord pleegden', zei Wiesenthal ooit. Daarmee doelde hij op de halfslachtige acties al kort na het einde van de Tweede Wereldoorlog om oorlogsmisdadigers te vervolgen.


Hij kon het niet verdragen dat voormalige nazi's ongestraft bleven. In Duitsland en Oostenrijk klommen sommige van hen hoog op de maatschappelijke ladder. Het leidde soms tot slepende vetes tussen Wiesenthal en de autoriteiten. Zo had Wiesenthal een haatvolle verhouding met de Oostenrijkse premier Bruno Kreisky, een Jood nota bene, die voormalige nazi-aanhangers in zijn regering opnam.


In dit licht is het opmerkelijk dat Wiesenthal zijn leven lang in Wenen bleef wonen. Daar zat hij in zijn kantoortje, te midden van stapels paperassen over voortvluchtige nazi's, over schoften als de kamparts Josef Mengele, die zich nooit zouden laten pakken. Daar ook ontving hij zijn hatemail. Een brief met alleen de adresregel 'aan het Joodse varken' werd keurig bezorgd. Wiesenthal protesteerde terstond bij de minister van Binnenlandse Zaken, want wat dacht die postbode wel?


Zeker, hij had naar Amerika kunnen verhuizen, waar hij bekendstond als de beroemde 'nazi-jager'. Waarom komt u niet hierheen?, vroeg een Amerikaanse inlichtingenofficier hem eens. 'Mensen zoals u kunnen bij ons carrière maken. Rode en groene verkeerslichten bepalen bij ons wat er op de wegen gebeurt, de rest wordt bepaald door Joden.'


Hij kwam wel vaak en graag in Israël, maar er zich blijvend vestigen, nee, ook dat deed hij niet. (Hij ligt er overigens wel begraven, in Herzlyia, nabij Tel Aviv.)


Segev schreef een indrukwekkende biografie, vol interessante anekdotes, zoals over de vriendschappelijke band die Wiesenthal opbouwde met Hitlers architect Albert Speer. Helaas komen we over het persoonlijke leven van de man die zes concentratiekampen overleefde (hij fantaseerde er wel eens een negental bij, er werd hem soms verweten dat hij het eigen lijden aandikte) weinig te weten. Zo blijft zijn relatie met echtgenote Cyla - 'het is niet gemakkelijk mijn vrouw te zijn', zei hij zelf - in het vage.


Zijn personage werd in boeken en films als The Boys From Brazil vaak als een karikatuur weggezet. De 'nazi-jager' - hij had een hekel aan dat woord - werd afgebeeld als een Oost-Europese Jood die Engels sprak met een zwaar accent. Maar de man die de media als geen ander kon bespelen, speelde het spel volgaarne mee. Hij staat als adviseur op de titelrol van The Odessa File, een film gebaseerd op de thriller van Frederick Forsyth, waarin een onzinverhaal wordt geschetst over de werkelijk bestaande nazi Eduard Roschmann.


Wiesenthal ('we hebben het een beetje overdreven') had er geen problemen mee. Je wist maar nooit. Wellicht zat er iemand in de zaal die hem een gouden tip kon bezorgen. En zowaar, in juli 1977 zag iemand de film in Buenos Aires. Hij herkende Roschmann als een buurtgenoot en tipte de politie. Voordat die echter tot actie kon overgaan, was de vogel gevlogen, naar Paraguay. Daar kreeg de gevluchte man vier weken later een hartaanval. Twee dagen later belegde Wiesenthal een persconferentie: 'Eduard Roschmann is dood.'


Tom Segev: De nazi-jager - het leven van Simon Wiesenthal.


Vertaald door Kees Meiling. Balans; 448 pagina's; € 29,95. ISBN 978 94 6003 213 4.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden