Spelers redden Ayckbourns satire

Satire op de Engelse roep om meer politie, na de rellen in 2011. Helaas met ongeloofwaardige personages.

Een tuinkabouter en een kruisbeeld. Dat zijn de pijlers waarop de Engelse toneelschrijver Alan Ayckbourn zijn nieuwe (75ste!) toneelstuk Burgerwacht (Neighbourhood Watch) laat rusten. Zowel de kabouter als het kruisbeeld staan in de tuin van Martin en zijn zus Hilda, die samenwonen in wat je gerust een keurige middenklasse wijk kunt noemen. Martin is vooral gehecht aan de tuinkabouter die ooit van zijn vader was, Hilda aan Jezus omdat zij nogal religieus is.


Raar stel die twee, verdwaald in een nog raarder stuk. Ayckbourn mag dan een grote staat van dienst hebben met zijn venijnige, zwarte komedies over de keerzijde van wellevendheid en modern leven, hier slaat hij de plank volledig mis. Burgerwacht is een veel te lang, uitleggerig, soms gênant ontsporend en tenslotte uitermate vervelend toneelstuk. Dat is een grote teleurstelling, want de première van een nieuwe Ayckbourn, dit keer bij Toneelgroep Maastricht in (gast)regie van Jeroen van den Berg, is altijd iets om naar uit te kijken. Kruistochten bij Toneelgroep Amsterdam en Huis & Tuin bij het Nationale Toneel waren tenslotte niet voor niets gebeurtenissen.


In Burgerwacht wonen Martin en Hilda samen in een keurige buurt, maar ze zijn bang. Net als enkele van hun buren. Bang voor de buitenwereld, voor het woonblok in de verte waar gespuis schijnt te wonen, voor de opstandige jeugd die oprukt. Kortom: voor de gehele ontspoorde samenleving. Als dan opeens de tuinkabouter door de ramen vliegt, is het hek van de dam. Met elkaar besluiten ze een buurtcomité op te richten, hun wijk af te schermen met een groot hek en een burgerwacht in te stellen. Vanaf dat moment gaat alles mis.


Ayckbourn schreef Neighbourhood Watch in 2011 als satire op de roep om meer en strengere politie, nadat in enkele Engelse steden ernstige rellen waren uitgebroken. Ongetwijfeld om hiermee de bange burger een spiegel voor te houden. Hij maakt van zijn personages echter zulke ongeloofwaardige types, dat je ze nauwelijks serieus kunt nemen. Het stuk zelf bestaat voornamelijk uit vergadersessies in Martin en Hilda's huis, waar iedereen in- en uitloopt. Er zijn nog een paar zijlijntjes (over een mishandeld meisje, gefnuikte lesbische gevoelens et cetera), maar tegen het eind weet je echt niet meer wie wie is, wat er buiten gebeurt en waarom.


De voorstelling van Toneelgroep Maastricht speelt zich af in een vierkant waar het publiek omheen zit. Daarboven hangen vier videoschermen met bewegend behang, waarop voornamelijk een grauw woonblok en donkere luchten te zien zijn. Die setting is nog het aardigst aan deze toneelavond. Peter Bolhuis speelt buurman Ron Bazuin (jawel) op de van hem bekende bonkige, maar juiste manier, Fabian Jansen is als Martin af en toe net iets teveel roodaanlopend opgefokt. Mirjam Stolwijk (Hilda) weet als enige een avondlang een verzenuwd soort acteren vast te houden, dat hier gepast is. Door naar haar te kijken, kom je deze nieuwe Ayckbourn nog net door. Aan die spelers ligt het verder niet, wel aan die rottige tuinkabouter.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden