Spekman: 'Niet bang om een splinterpartij te worden'

PvdA-voorzitter spreekt van een geslaagde regeringsperiode

Vlak voor de verkiezingen sprak verslaggever John Schoorl met Hans Spekman, een hoopvol gesprek. Vandaag maakte Spekman bekend dat hij opstapt. Lees hier het interview terug.

Beeld Robin De Puy

Hans Spekman (50) zat in zijn Opel Zafira en hij zette een cd van Dolly Parton op. Niet om het een of ander, maar hij raakte ontroerd, had de tranen in zijn ogen, van dat ene liedje, Coat of Many Colors*. Over hoe zij in armoede opgroeide en haar moeder een jas maakte, van her en der vergaarde vodden. Barst, dacht Spekman, ik heb zoiets ook thuis op zolder. Alleen is het geen jas die uit losse stukken bestaat maar een broek.

Dit veelkleurig katoenen mozaïek houdt hij nu triomfantelijk in de lucht, in zijn Utrechtse woonkamer. Hij wijst op de eerste lappen stof, in rood en geel en groen gemengd, en op de vele stukken die er weer dwars overheen zijn gestikt. Dat heeft zijn moeder gedaan. De bonte pantalon is kapot - het licht valt op de vele scheuren - maar hij gooit 'm nooit weg.

In deze broek ging hij in het begin van zijn politieke loopbaan naar de Utrechtse gemeenteraad. Hij maakte er een plechtige Europese dienstreis in, naar Brno (Tsjechië), als lokaal PvdA-kanon. Hij weet zelfs nog dat hij de broek in Amsterdam kocht. De vormloze broek wordt wederom opgetild. Door al het knip- en naaiwerk is-ie wat aan de zware kant geworden.

Zijn moeder verstelde altijd alles, zelfs haar onderbroeken, opdat hij en zijn drie zussen er een beetje knap bij liepen - al zou je dat niet altijd zeggen, voegt hij er grinnikend aan toe. Dat wilde ze graag, ze zette alles opzij voor hem en zijn zussen. En dat - ja precies dat - herkent hij in het liedje van de Amerikaanse countryzangeres: de inzet van ouders die het niet zo makkelijk hebben, en het beste doen voor hun kind, arm maar warm.

Although we had no money

I was rich as I could be

In my coat of many colors

My momma made for me

Coat of Many Colors

Coat of Many Colors is een door Dolly Parton (1946) geschreven liedje dat in 1971 uitkwam. Ze schreef het in 1969 in de tourbus op de achterkant van een rekening van de stomerij. Het nummer wordt beschouwd als een belangrijke Amerikaanse cultuurhistorische vertelling, en is om die reden opgenomen in the Libary of Congress. De originele voddenjas is overigens gesneuveld, maar een nieuwe versie van haar moeders hand is te zien in het museum in Dollywood, het aan haar gewijde pretpark in Mississippi.

Truien

Behalve de broek in vele kleuren zijn er ook de truien die aan zijn moeders toewijding zijn verbonden, prominente pijlers van zijn garderobe. Die kan hij niet weggooien omdat haar handen eraan hebben gezeten. Hij heeft wollen sokken bewaard, van die lekkere dikke wintersokken, die zij gemaakt heeft. Dat emotioneert hem, ook nu, hij is een beetje een weekdier de laatste tijd. En er waren die bijpassende moederlijke levenslessen, die nu lopende het gesprek regelmatig voorbijkomen.

Zoals uit het verhaal dat moeder Spekman tot haar dood in 1996 ontroerde, over die schaatswedstrijd uit 1930 - ook een evergreen van Dolly Parton waardig. Ze was op geleende botte schaatsen eerste geworden. Daar won ze een dubbeltje mee, dat ze thuis moest inleveren voor de huishoudpot. Maar dat was niet de bedoeling, want ze wilde sparen voor zangles. Altijd moest ze zelf om de anekdote huilen. Niet omdat ze dat dubbeltje terug wilde om te leren zingen, maar omdat ze toen zo boos was geworden dat ze het voor zichzelf wilde houden.

Spekman op het PvdA-congres in januari Beeld ANP

'Als je vooruit wilt komen, moet je allemaal iets inleveren, samen.'


Dat is er bij hem ingeramd, zegt Spekman, en bij zijn oudere zussen Barbara, Baradina en Anneke. Eerlijk delen is daarom altijd in zijn vizier, ook voor dit nakomertje dat het tot topbestuurder in de landelijke politiek heeft geschopt. Als er een snoepje over was, dan moest hij dat geven aan kinderen die altijd door anderen werden overgeslagen.


Een groot deel van de mensen voelt dat niet, zegt hij - die noodzaak. Dat is in zijn optiek het eeuwigdurend gevecht. Dan heeft hij het over de hoge heren, die de werknemers piepelen. Daarom is er de strijd. De sociaal-democratie. Het collectief. Tegen de ieder-voor-zich-samenleving; de verzzp'ing van de arbeidsmarkt en de vermaseratisering van de woningbouw.

Dansend leesbrilletje

Hans Spekman zit aan tafel, in zijn rijtjeshuis in de Utrechtse wijk Zuilen, en er komt een golf aan sociaal-democratische getuigenissen voorbij, met het leesbrilletje dansend op zijn ongekamde coiffure. Het behoeft weinig verbeelding om hem de vuist te zien ballen, rode banieren te zien wapperen en de dappere strijdvaardige arbeiders de barricades op te zien gaan - voor het ontwaken van de verworpenen der aarde. Zijn woorden zijn gedoopt in sociaal-democratisch optimisme, en getoonzet in een volksverheffend verlangen.

Daarom werd hij ook partijvoorzitter in 2012, na zich eerder als Utrechtse wethouder en Kamerlid als een straatvechter te hebben gemanifesteerd. Meer dan een bestuurder, moest hij in deze functie een kapitein zijn, gezien de nautische metaforen die hij hanteert. In zwaar weer was de partij terechtgekomen. De sociaal-democratische principes moesten worden verankerd. Hij moest de koers bewaken. 'Er is geen ander vaartuig dan het schip van de sociaal-democratie dat de wereld mooier maakt', zegt hij dan ook.

'Er is geen ander vaartuig dan het schip van de sociaal-democratie dat de wereld mooier maakt' Beeld ANP

Als hij praat over politiek, lijkt hij nauwelijks op de voorzitter van een ooit belangwekkende regeringspartij die moet vrezen voor een naderende electorale afslanking. In de peilingen schommelt de partij rond de 13 zetels, terwijl de Tweede Kamerfractie nog 35 PvdA'ers telt. Ook de toestroom van nieuwe leden, waarop hij hoopte, zette niet door maar nam zelfs af, van 50 duizend naar 46 duizend. En de kiezer dan? Daar gaat het toch om? 'Ik ben nooit bang voor verkiezingen', zegt hij. 'Zelfs niet om een splinterpartij te worden. Ik ben aan de partij verbonden vanwege mijn idealen, niet vanwege de macht en de grootte.'

Je kunt tegen hem zeggen dat de partij onder zijn leiding is afgebrokkeld. Dat de partij ook ideologisch de teugels heeft laten vieren, en is meegegaan in het liberale wensdenken van de VVD. Zo ziet hij het ECHT HELEMAAL NIET. Zijn partij kon er niet omheen om compromissen te sluiten na '101 gevechten met de VVD'. Maar 'hardcore' is de partij zeker gebleven, meent hij. 'Ik vind dat als de PvdA aan de macht is, dan moet iemand met weinig er meer op vooruitgaan dan de mensen met veel. Dat is in deze regeringsperiode gelukt.'

Tekst gaat verder onder de foto.

'Ik vind dat als de PvdA aan de macht is, dan moet iemand met weinig er meer op vooruitgaan dan de mensen met veel. Dat is in deze regeringsperiode gelukt.' Beeld Robin De Puy

Lange adem

Je kunt hem vragen of hij het er moeilijk mee heeft dat de kiezer hen daar niet massaal voor beloont. Daar moet hij toch de pest over in hebben, of zich er persoonlijk verantwoordelijk voor voelen, als voorzitter. Daar kun je nog een keer op terugkomen, elk moment in het gesprek, of zelfs na het gesprek. Dan zegt hij dat-ie zich daar NOOIT druk over maakt. 'Het gaat veel te vaak over de poppetjes.' Hij is onlangs herkozen door de leden, en mochten ze hem na de verkiezingen uit teleurstelling de deur wijzen, het zij zo. 'En ik sta er volledig achter dat de leden mij daar weer voor kunnen bedanken, wanneer ze vinden dat dat beter is.'

Hans Spekman verkiest de lange adem, want: 'Toverstokjes waarmee je met één beweging graaiende bankiers en belastingparadijzen wegtovert of het ongenoegen van mensen over de zorg wegneemt, bestaan niet.' De grootste bedreiging van deze tijd noemt hij de windvaan, inspringen op de actualiteit, en makkelijk inspelen op het ongenoegen van de mensen. 'Dan wint het de-kiezer-naar-de-mond-praten', weet hij. 'Dan wint rechts. En wordt de kloof tussen arm en rijk alleen maar groter.'

Als je echt wilt weten waar het om gaat, dan gebeuren er andere veel romantischer dingen die de moeite waard zijn, zegt hij. Denk aan de partijgenoot die vecht voor het behoud van de dorpsschooltjes. De vrouw die in haar eentje in Den Helder een tuinproject draagt. De jongen met een dwarslaesie, die nu als kleine zelfstandige wel een verzekering krijgt.

En echt, hij heeft met eigen ogen gezien: 'Er is een nieuwe generatie, die weer gelooft in de sociaal-democratie.'

Zo komt dat geloven ook terug in zijn huiskamer, een ware sociaal-democratische tempel. Want kijk daar, daar hangt aan de muur een schilderij van een arbeider die met zijn stevige knuisten een spade in de grond steekt. En dat kunstwerk daarnaast is gemaakt door een buurtbewoner, een gepensioneerde arbeider. Die begon op zijn 13de in de Werkspoorfabriek, terwijl hij eigenlijk prachtig kon tekenen. Na zijn pensionering maakte hij deze ets, en Spekman wilde 'm kopen - en de man bliefde er niets voor te hebben.

Volgende generatie

'Dit soort mensen', zegt hij, 'had veel eerder kansen moeten hebben.' Daarom moeten ook kinderen in armoede aan cultuur kunnen doen, of naar de voetbalclub. Zoals hij kon dus, 'dankzij Joop den Uyl', zegt hij dan. De volgende generatie moet het beter krijgen. Zijn moeder werkte op het land, op haar 11de al, en kijk eens, nu gaat zijn oudste dochter wijsbegeerte studeren.

Niet dat hij een beter mens is dan zijn ouders. Zo moeten we het niet wegen. Het gaat erom dat de omstandigheden verbeterd zijn, zoals in de gezondheidszorg. Want neem zijn vader, die aan longkanker is overleden, toen Hans 1 jaar oud was. Toen was er geen palliatieve zorg, en zijn moeder heeft heel vaak beschreven hoe hij stikte - dat was dus geen pretje. De dominee wilde hem op zijn sterfbed nog terzijde staan, in het ouderlijk huis in Zevenhuizen. Maar hem werd de deur gewezen, de Spekmannen zijn langdurig ongelovig.

Op het congres in januari waar Spekman afscheid neemt van Samsom Beeld ANP

Hans Spekman stond op het podium, 14 januari 2017, en sprak het congres van de Partij van de Arbeid toe. Hij had een leesbril op en zag er verkreukeld uit. Onder zijn jas was een rode roos zichtbaar en hij nam knuffelend afscheid van Diederik Samsom, die de lijsttrekkersstrijd had verloren van Lodewijk Asscher.

We moeten begrijpen dat hij een man is met veel vrienden, vooral ouwe getrouwen uit z'n geboortedorp Zevenhuizen. Maar als een vooraanstaand politicus uit zijn partij over de rand valt, dan speelt kameraadschappelijkheid geen enkele rol. 'Ik vind het rot voor Diederik persoonlijk', zegt hij. 'Ik kon het goed met hem vinden, al was ik met hem niet zo vertrouwd als met mijn echte vrienden. Maar: leiderschap is geen gunst, en de leden zijn de baas. Die bepalen.'

Uit zijn hoofd

Wat die dag echter vooral opviel was de speech van Spekman. In vergelijking met andere jaren klonk het eenvormig, en sprak hij niet uit het hoofd. Zijn zus Anneke is zwaar ziek, en dat hakt erin. Daarom dus. Daarom had hij geen ruimte in zijn hoofd om de tekst erin te stampen. Toen hij 's morgens een reeks overleden partijgenoten opsomde, brak hij al bijna.

Anneke noemt hij zijn laatste zus. Want Barbara is al overleden, net als Baradina. We worden wel steeds ouder, zegt hij, want Anneke is 59, en kreeg vorig jaar te horen dat ze uitgezaaide longkanker heeft. Barbara was 42 toen ze aan tongkanker overleed, en Baradina 52, ook kanker. Hij had gehoopt dat Anneke op het partijcongres zou zijn, maar ze had te veel pijn. Thuis kon ze alles volgen, live, en meestemmen.

'Want je kunt wel ziek zijn, dat wil niet zeggen dat je niet voor je overtuiging moet staan.' Zo ziet hij het ja, dat is een familietrek, die begeestering. Dat stopt niet, net als die opstandige aard. De adrenaline moet eruit. Toen Baradina dood ging, zeiden Anneke en hij allebei op de begrafenis: 'De adrenaline die in Baradina zat, zit nu in ons allebei, wij worden nu nog fanatieker.'

Anneke was tot haar ziekte chef van een lopendebandploeg in een distributiecentrum. Ze had altijd ruzie met de bazen, en daarmee hield ze haar collega's op de werkvloer uit de wind. Toen er een nieuwe baas aan het pochen was over de daling van de ziektecijfers, stond zij op en zei: 'Ja dat is logisch. Die zieken hadden kanker, en zijn nu dood. Nou, gefeliciteerd!'

Joh, dan is hij zo trots op zijn zus.

Tekst gaat verder onder de foto.

Hans Spekman heeft zijn werkkamer in het schuurtje in de tuin. 'Dit is mijn hok, perfect' Beeld Robin De Puy

Collectief

Zij staat voor de mensen, op zo'n moment, en niet achter de baas met zijn mooie praatjes. Net als die keer dat er looplijnen waren bedacht in het distributiecentrum. Looplijnen die je moest volgen om naar de wc te gaan. Hoe verzin je het? Dan maak je van mensen kleine kinderen en voelen ze zich bekneld. Dat moet je niet pikken, als collectief.

'Als we niets gemeenschappelijks hebben, dan vallen we nog meer uit elkaar.'

Je moet elkaar niet loslaten, dat zei zijn moeder ook. Want zo had ze het gedaan, bij zijn andere zus, een heroïneverslaafde en psychiatrisch patiënt. Ja, Barbara maakte hen het leven moeilijk. En ja, hij huilde tranen met tuiten als ze weer naar een kliniek werd gebracht en niet terugzwaaide. Maar omdat ze haar niet loslieten, raakten ze haar niet kwijt.

Wat haar aan de harddrugs bracht, op haar 18de, daar is hij nooit achter gekomen, net als wat haar eigenlijk mankeerde. Op zijn 6de moest hij erbij zijn, met z'n moeder en andere twee zussen, toen Barbara elektroshocks kreeg toegediend. In een inrichting in Rotterdam werd hij op een stoeltje gezet. Als je dat zo ziet als ventje, dat is niet fijn. Daarna werd erover gepraat, maar werd hij in een aparte kamer gezet. Uiteindelijk kreeg ze het stempel borderliner. Hij vond haar vrij normaal, zeker toen ze methadon kreeg. Ook zij was opstandig en voerde actie, zoals tegen de komst van een provinciale weg, dwars door het dorp.

Laatst werd hij benaderd door een oude schooljuf van Barbara. Die had nog oude brieven van haar, en die is hij gaan ophalen. Ze was een keer onhebbelijk geweest in de klas en om het goed te maken, schreef ze lange lieve brieven. De juf had ook een door Barbara geborduurd handdoekje bewaard. Dat ligt nu op een speciaal plekje op zolder.

Junkentunnel

Dus toen hij als wethouder van Utrecht zich vijftien jaar geleden ging bemoeien met de 'junkentunnel' onder Hoog Catherijne, zat die hele geschiedenis met zijn zus in zijn hoofd. Hij wilde de talloze daklozen en verslaafden die daar onder de meest gore omstandigheden leefden, weer een vooruitzicht bieden. Als je hem vraagt: waar maakte hij ooit als politicus het verschil, waar was zijn rol het meeste zichtbaar, dan komt hij hierop uit. Hier moest hij als bestuurder partijen die onverenigbaar waren, bij elkaar brengen, draagvlak creëren in de stad door bewoners en middenstanders te overtuigen - en met succes. De tunnel verdween, net als de overlast.

Oké, duidelijk, je zou zeggen, dat klinkt als het ideale spekmanniaanse tableau; op de bal, in zijn stad, in plaats van een aanlegsteiger in het landelijk partijbureau in Amsterdam, dat hij overigens uit de grachtengordel heeft gedirigeerd.

Nee dus, want hij zegt:

1. 'Als ik wethouder was gebleven, zou ik mezelf heel vervelend zijn gaan vinden.'

2. 'Ik hecht niet aan functies, minister worden interesseert me geen snars.'

3. 'Ik wil me niet terugtrekken in mijn eigen kleine wereld, dat vind ik te beperkt.'

Maar wat is dan zijn grootste onderscheidende kracht als partijvoorzitter? Dan komt Hans Spekman, voorheen de 'sociale rambo' genoemd, uit op 'het bewaken van de ideologische onderstroom' van de PvdA. Onder zijn hoede zijn drie rapporten verschenen, zoals De bakens verzetten, die de toon hebben gezet voor de komende jaren. Daar is hij dus trots op, net als op de 180 ombudsteams en de verdere democratisering van de partij.

Beeld ANP

BV Nederland

Toch, die rapporten voor eigen kring, wat schiet 'de gewone man' hiermee op? 'Het is een harde breuk met het neoliberale idee van meer markt en rendement. Weg van het beeld van de BV Nederland: een samenleving is geen bedrijf.'

Zo, en nu moet hij even roken.

Hans Spekman loopt op houten klompen met een sigaret in zijn mond door de tuin, naar zijn schuurtje. Dit is mijn hok, zegt hij, dit is perfect. Er hangt een bokszak, waarop hij graag zonder handschoenen slaat. Er liggen houtbewerkingsspullen, waarmee hij zijn klompen een stukje ruimer heeft gevijld. Het water in het aanpalende vijvertje kent een paarse kleurstelling.

Een schuifdeur gaat opzij, en daar staat de voorzitter van de één na grootste regeringspartij van Nederland in z'n niet zo aangeharkte werkkamer. Een computer en een leesstoel. Aan de muur een schilderij van de jongen met de traan, dat vroeger op zijn jongenskamer hing. En daar Dolly Parton, een portret in zwart-wit, waar hij ongekend vrolijk van wordt. Ook een foto van de Franse schrijver Albert Camus, vanwege het boek De mens in opstand. Je moet het leven koesteren, hier en nu, en niet in het hiernamaals.

Op de plank: oude logboeken van de SDAP-afdeling Zevenhuizen, die zijn opa nog heeft opgericht. Judo- en schaatsmedailles. Het boek De strategie van de eekhoorn. Een cd met de stem van zijn zus Baradina erop. Een foto van David Bowie. Een schilderij gemaakt door zijn vrouw Muriël.

Rommelkont

Hij toont een gebreide zwarte poedel die een fles omhuld met gespaarde dubbeltjes. Die kreeg hij van Geertje, de moeder van een later vermoord vriendje. Op de grond een schuifkastje met tientallen TDK-muziekcassettes, geordend op de dag van de opname. Daar bovenop een cassetterecorder, waar niks mee is, zegt hij: 'Want iets dat niet stuk is, dat gooi je niet weg.'

Adequate zelfobservatie: 'Ik ben een beetje een rommelkont.'

Vraag, waarop niet per se een antwoord hoeft te komen: zou de partijvoorzitter van de VVD ook zo'n werkkamer hebben?

Spekman gaat terug naar zijn huiskamer, waar je ook al een doolhof aan verhalen aantreft, verbonden aan diverse relikwieën. Zoals daar is een geschilderd portret van zijn moeder, dat met een door haar gebreid haakje aan de muur is vastgemaakt. En: haar voormalige wasbord, breikoker en half vergane centimeter.

'Als er veel mensen doodgaan, en je bent niet gelovig, dan is het enige dat je nog hebt de herinneringen en de spullen.' En die koestert hij, dat maakt hem blij. Ook heeft iedereen in de familie Spekman dezelfde plant - een clivia. Die stond ooit bij zijn oma in Zevenhuizen, en stekkies van die plant hebben zich over de generaties verdeeld, zijn nu aangeland bij zijn kinderen en die van zijn zus. 'Je moet doorgeven waar je waarde aan hecht.'

Lappendekenbroek

Het wordt tijd om naar Dolly Parton te luisteren, om de cirkel niet te doorbreken, Coat of Many Colors. Spekman leunt op de stoel, waar zijn lappendekenbroek overheen hangt.

In my coat of many colors

I hurried off to school

Just to find the others laughing

And making fun of me.

Het allermooiste aan het nummer vindt hij dit refrein over de gekrenkte trots. Dat raakt hem het meest. Dat ervoer zijn moeder ook vroeger, dat ze werd uitgelachen, zij had in tegenstelling tot de andere kinderen klompsokken aan.

Ja, hij weet het wel, ook hij wordt bespot, of hem wordt verweten niet in deze tijd te passen. Maar op partijbijeenkomsten ziet hij wel meer mensen die er zo uitzien als hij. Het zijn altijd die rechtse types die hem uitschelden, van die PVV'ers, over 'zijn stinktrui en zo'. 'Mensen op uiterlijk beoordelen, veel dieper gaat het niet. Hoe hoger de hotemetoten, hoe minder ze zich eraan storen. Je moet staan voor je principes, en dat zit niet in je kleding.'

De fleurige broek wordt zo weer in de kast opgeborgen. Tegenwoordig draagt hij spijkerbroeken. Dat was wel even wennen, na een tussenfase van katoenen broeken met grote zakken. Tot zover zijn modieuze evolutie, want een stropdas blijft hij een slab voor volwassenen noemen. Zoals er ook niet één uniform hoeft te zijn voor politici, is er ook niet één waarheid.

'Het is makkelijk om je eeuwig te conformeren, maar dan zou ik dood gaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.