SOUNDTRACKS

Vuurtje gloeit op..

soundtrack van

'Dead Man Walking'

Various: Dead Man Walking. Columbia 483534 2.

Dat het om de donder niet meevalt hier op aarde, en dat ieder zijn eigen weg maar moet zien te vinden in het oerwoud dat leven heet - zoiets zingt Tom Waits in The Fall of Troy, een van de twaalf nummers op de soundtrack van Tim Robbins' Dead Man Walking. Sobere liedjes zijn het, met uitzondering misschien van Quality of Mercy (Michelle Shocked) en het dof ratelende Woman on the Tier (I'll See You Through) van Suzanne Vega, hoopvol op hol geslagen zangeres.

Niet dat je er vrolijker van wordt, nee. Daarvoor is de inhoud van de meeste songs te onrustbarend. Bruce Springsteen en Lyle Lovett laten hun rottigste gevoelens boven komen. Johnny Cash mag, ondersteund door Steve Earle en Ry Cooder, in het lome In Your Mind verduidelijken dat deze ellende vanzelf ontstaat, zolang je maar onder aan de 'stairs of life' woont.

Eddie Vedder en Nusrat Fateh Ali Khan vormen een curieus span dat, tot tweemaal toe, het voortdurend gloeiende vuurtje op Dead Man Walking nog even met kracht aanblaast.

Various: Forget Paris. Elektra 7559-61825-2.

Various: How to Make an American Quilt. MCA MCD 11373.

Various: The Bridges of Madison County. Malpaso 9362-45949-2.

Met Forget Paris van de vreselijke Billy Crystal is het lekker kwijlen & slijmen. Anita Baker doet een duetje met James Ingram (When You Love Someone). Die twee kunnen het nog wel winnen van saxofonist David Sanborn (Come Rain or Come Shine), maar niet van Billie Holiday (Love Is Here to Stay) of Ella Fitzgerald en Louis Armstrong (April in Paris). De rest van de cd is voor Marc Shaiman, de componist en arrangeur die Forget Paris voorzag van een mierzoete score waarin de accordeon niet ontbreekt. Parijs, weet je wel.

Doorwrochter, en heel wat overtuigender, klinkt Thomas Newmans bijdrage aan How to Make an American Quilt, een film van Jocelyn Moorhouse met onder anderen Winona Ryder en Anne Bancroft. Er zijn ook lieve liedjes, van Bing Crosby en Patsy Cline bijvoorbeeld.

Doe Eyes heet het 'love theme' uit The Bridges of Madison County. Films met een liefdesthema kan men maar beter mijden als de pest, al bestaat de gerede kans dat dit niemendalletje een aangename kennismaking vormt met het oeuvre van de - kennelijk geheel ten onrechte veronachtzaamde - Amerikaanse componist Clint Eastwood. Verder is er vooral veel duister gecroon van Johnny Hartman en wat gevlinder van Dinah Washington.

Various: Desperado. Epic 480944 2.

Antonio Banderas doet mee met Los Lobos in Canción del Mariachi, het eerste nummer van Desperado. Voor de persoonlijke vorming van de acteur mag dat een heuglijke ontwikkeling zijn, met Desperado vieren wij toch vooral de wederopstanding van de Dire Straits. Zij konden een hele tijd niet, de Dire Straits, en nu kunnen zij klaarblijkelijk weer wel: het oeroude Six Blade Knife, uit hun wilde beginperiode, pronkt toch maar mooi op een Moderne Soundtrack.

(Wat veel leuker is: het daar op volgende Jack the Ripper van Link Wray & His Ray Men. Of Pass the Hatchet van Roger & The Gypsies. Of de liefst zeven keer opduikende herrie van Tito & Tarantula - enfin, welbeschouwd is alles veel leuker dan de Dire Straits.)

Veel versneden

wereldmuziek bij

'Blue in the Face'

Various: Smoke. Miramax 162 024-2.

Various: Blue in the Face. Luaka Bop 9 45921-2.

Ook bij Smoke valt een herrijzenis te gedenken: die van Jerry Garcia, ditmaal als motor van The Jerry Garcia Band. Ze doen, heel toepasselijk, Cigarettes and Coffee en Smoke Gets in Your Eyes ('New music', ronkt de voorkant van de cd). Er is wel meer roestig klinkend spul: wat te denken van Tom Waits' Downtown Train en Screamin' Jay Hawkins' Hong Kong? En dat dan gelardeerd met een moppie Sjostakovitsj (Prelude en Fuga voor piano, opus 87 nr 1) door Tatjana Nikolajeva.

De film Blue in the Face, net als Smoke gemaakt door het duo Wayne Wang en Paul Auster, gaat vergezeld van een uiterst gevarieerde soundtrack waarin David Byrne de hand heeft gehad. Dit betekent dat er veel versneden wereldmuziek op staat, en nog wat rechtlijniger klanken van onder meer Lou Reed, Soul Coughing, Da Bush Babees en Astor Piazzolla. Aardige combinatie: Michael Franti's modieuze groep Spearhead met de technisch zeer wel onderlegde zangeressen van Zap Mama.

Various: Filmpje! Brommerpech PCD 483735 2.

Een goedkope Shadows-rip off van John van Eijk fungeert als Ouverture op de soundtrack van Filmpje!, waarna meteen het woord is aan Bob de Rooij (Meidengek). Ja, Paul de Leeuw kan zingen, Cor Bakker kan spelen, en John van Eijk is in zijn filmmuziek niet vies van een vette pastiche, maar met het orgastisch gehijg van Annie de Rooij is de lol er al bij het derde nummer van af. Mis m'n slipje, gebaseerd op Pussycats jaren-zeventig-hit Mississippi, is al eens beter gedaan door het Duo Toos & Cor uit Utrecht. Niettemin: wie niet genoeg kan krijgen van De Leeuw, zal het hierom wel weer in zijn broek doen.

Randy Newman: Toy Story. Walt Disney Records 60883-7.

Randy Newman is altijd uitmuntend geweest in het schrijven van schattige nummers die druipen van venijn. Uit zijn muziek voor Toy Story blijkt dat hij het ook bij louter schattige nummers kan houden. De instrumentale delen - Don Davis hielp Newman bij het orkestreren - zijn zoals ze wezen moeten: vol bombast en pathos, maar hier en daar ook funny zonder opsmuk. Het liedje You've Got a Friend in Me heeft twee uitvoeringen meegekregen: eentje van Newman en band (met Jim Keltner op drums), en eentje waarin Newman en Lyle Lovett de zang broederlijk voor hun rekening nemen. Lovett heeft nog nooit zo opbeurend geklonken.

Various: Goldeneye. Virgin CDVUS 100.

Probeer het maar eens: een liedje schrijven dat bij beluistering meteen James Bond-sentiment oproept. U2's Bono en The Edge hebben het er, met de titelsong voor Goldeneye, aanmerkelijk beter van afgebracht dan voorgangers uit de jaren tachtig als A-ha en Duran Duran. Het nummer, door Tina Turner gezongen, opent een cd die voorts alleen nog plaats biedt aan de score van alleskunner Eric Serra. Hij is behoedzaam omgesprongen met de verschillende thema's die sinds jaar en dag deel uitmaken van James Bonds muzikale erfgoed. Veel gestreken geweld, veel synthetisch gereutel.

Various: Dangerous Minds. MCA MCD 11228.

Various: Money Train. Epic 481562 2.

Various: La Haine. Delabel 7243 8 40478 2 5.

Het succes van Coolio's Gangsta's Paradise heeft de verkoop van de soundtrack Dangerous Minds een impuls gegeven, en dat is maar goed ook: wie zou anders kennis nemen van de vervaarlijk trekkebenende baslijn uit Big Mikes Havin Thangs? Tussen de hip hop is het melodieuze It's Alright van Sista te ontwaren, benevens een enigszins uit zijn verband gerukt liedje met gitaar: This Is the Life, van Wendy & Lisa.

Ook op Money Train, een film waarin Wesley Snipes en Woody Harrelson ruig doen, komen de elektronische beats sympathiek over. Naast vrolijke hip hop van onder meer Skee-Lo en de opgeklopte reggae van Shaggy staat er veel softe r & b op: Luther Vandross, Men of Vizion. Dat volk. The Neville Brothers zouden hier de vreemde eend in de bijt vormen, ware het niet dat de Money Train Suite van Mark Mancina, met rare overgangetjes en karrevrachten violen, erger detoneert.

Als La Haine iets bewijst, dan is het dat het nog steeds erg goed gaat met de Franstalige hip hop. De bijdragen - van onder meer Ministère Amer, MC Solaar en FFF - zijn vrijwel zonder uitzondering sterk. Ze bevestigen dat rap uit Frankrijk niet onder hoeft te doen voor die uit Amerika - de zeggingskracht schuilt eerder in de beats dan in de woorden.

Koddige bands

redden 'Ace Ventura,

When Nature Calls'

Various: Ace Ventura - When Nature Calls. MCA MCD 11374.

Various: Angus. Reprise 9362-

45960-2.

Various: Mallrats. MCA MCD 11294.

Various: Showgirls. Interscope

92652-2.

Various: Strange Days. Epic 480984 2.

Pato Banton en Sting beginnen akelig op Ace Ventura - When Nature Calls. Na hun remake van Spirits in the Material World bekruipt je de vrees dat het hier niet meer goed kan komen. Blues Traveler weet met Secret Agent Man de boel nog net te redden. Daarna zijn er meer songs uit de hoek van koddige bands: Goo Goo Dolls, The Presidents Of The United States Of America, The Reverend Horton Heat, White Zombie. Denderend geestig.

Vertegenwoordigers van het keurkorps van alternatieve acts zijn ook aanwezig op Angus: Green Day, Weezer, Love Spit Love en, weer, Goo Goo Dolls. Vóór Jack Names the Planets van Ash valt te horen: 'The center of the universe is planet Nieuw-Vennep.'

Weezer is ook niet te beroerd op de soundtrack van Mallrats nieuw werk te presenteren, net als Bush, Belly en nog wat andere serieus te nemen bands. In Weezers Susanne ronken de gitaren aangenaam voort, een eigenschap die bij meer groepen op Mallrats is aan te treffen. Alleen jammer dat er te veel fragmenten van gesprekken uit de film door de nummers heen snijden. Authentiek, jawel. Het houdt alleen zo op.

De cd bij Paul Verhoevens Showgirls vangt aan met Pricks stevige Animal, over het beest in de mens, en daarmee is een spoor uitgezet waarop ook David Bowie (I'm Afraid of Americans) en The Young Gods (Kissing the Sun) wonderwel uit de voeten kunnen. My Life With The Trill Kill Kult doet nog een halfslachtige poging het spannend te maken. Door de feestmuziek van No Doubt (You Can Do It) wil dat niet echt lukken. En David A. Stewart heeft ook wel eens opzienbarender bijdragen aan soundtracks geleverd dan Goddess, dat rommelt aan alle kanten.

Net zo onsamenhangend is Strange Days, dat hard gitaarwerk bevat van Skunk Anansie en elektronisch gebeuk van Lords Of Acid, maar ook bedwelmende klanken van Tricky (Overcome) en een mooi, knetterend liedje van Juliette Lewis. Goed, enige coherentie ontbreekt, maar daarmee trap je meteen de charme van sommige goede soundtracks op de staart.

Strange Days is bij vlagen wel degelijk onderhoudend en fascinerend - al was het maar door de gelegenheidstandem waarop Prong, in het Doors-nummer Strange Days, Ray Manzarek meevoert, terwijl Peter Gabriel elders een kortstondige verbintenis met Deep Forest onderhoudt.

Various: Casino. MCA MCD 11389.

Voor Martin Scorseses Casino is hetzelfde recept gebruikt als eertijds bij de dubbel-cd van Forrest Gump: dozen vol oude liedjes zijn, in dit geval door Robbie Robertson, tamelijk willekeurig neergekwakt. Louis Prima en Muddy Waters mogen het opnemen tegen Roxy Music en Otis Redding. Van diens Fa-Fa-Fa-Fa-Fa (Sad Song) hadden ze in een beschaafde wereld al lang een film gemaakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden