Soulster

Ze heeft een halve eeuw op succes gewacht. Zangeres Bettye LaVette is er nu helemaal, met een cd plus boek.

Bettye LaVette is pas 18 jaar als ze in 1964 van Detroit naar New York reist om verhaal te halen bij de baas van het vooraanstaande platenlabel Atlantic. Jerry Wexler kent ze tot dan toe alleen van telefoongesprekken. Een paar jaar eerder had LaVette voor Atlantic al een hitje gehad met My Man, maar latere singles waren geflopt. Waar iemand als Otis Redding, die nota bene nog in haar voorprogramma had gestaan, alle aandacht kreeg, leek Atlantic haar te vergeten.


Wexler bleek een aardige, goed gemanierde man, die haar meteen toeliet in de Atlantic burelen, zo legt ze uit in haar nu verschenen autobiografie A Woman Like Me. Ze steekt tegen de grote platenbaas meteen van wal: 'U promoot me niet goed, u neemt niet de juiste nummers op en u produceert niet goed.'


Geamuseerd vraagt Wexler wat ze dan zou willen. Werken met het songschrijversduo Leiber & Stoller is haar antwoord. Dat is uitgesloten, want die schrijven niet meer voor Atlantic en hebben een eigen label.


Maar Wexler heeft wel een andere suggestie. Waarom niet samenwerken met Burt Bacharach, die nu succes heeft met Dionne Warwick?


Daar ziet LaVette niks in. Te lichtgewicht, ze wil wat meer pit in haar muziek. Leiber & Stoller, anders is ze weg. Wexler stelt voor het contract op haar verzoek te verscheuren, maar wil haar nog wel 500 dollar meegeven, zomaar omdat hij denkt dat ze die nodig zal hebben. Een zeer gracieus gebaar, waar LaVette hem nog dankbaar voor is. Ze had, zo stelt ze 48 jaar later, beter naar hem moeten luisteren. De halve eeuw die LaVette actief is als zangeres bleek in haar leven vooral een komen en gaan van goedbedoelde nitwits en slecht geaarde pooiers.


Niet dat ze al die kerels overigens iets kwalijk neemt, het was in de muziek nu eenmaal zo dat de dames hoereerden en de heren als pooier fungeerden. Iedereen die iets in de muziek wilde, wist dat, aldus LaVette.


Al dat gezeur bijvoorbeeld over die zielige Tina Turner die onder de plak van haar loshandige echtgenoot Ike zou zitten. Allemaal onzin aldus LaVette, zonder Ike Turner was Tina nooit die grote ster geworden die ze nu is. Ze moet hem juist dankbaar zijn.


Eigenlijk betreurt LaVette het dat ze zelf niet zo'n man als Ike Turner naast zich had. Mogelijk had het dan geen 40 jaar geduurd voordat ze een zekere bekendheid kreeg. En inderdaad is het een raadsel dat de zangeres in 1965 met het prachtig slepende Let Me Down Easy niet net zo beroemd werd als Aretha Franklin of Diana Ross, dames die het volgens haar trouwens achter de ellebogen hadden. De zangeres sliep dus met iedereen waar je eventueel wat aan kon hebben, alleen leverde het haar niets op.


Regelmatig was ze ten einde raad. Maar eind jaren negentig keert het tij. Het Nederlandse label Munich neemt in Utrecht een liveplaat met haar op en ze komt in contact met Andrew Kaulkin van het ANTI-label dat onder meer Tom Waits onder contract heeft. Niet dat ze in die laatste wat ziet overigens, zo'n studentikoos heerschap zonder sokken, en wat een suf idee om een plaat te maken met alleen liedjes van vrouwen. Een uitzondering daargelaten had ze immers niks met vrouwen. 'Wanneer het andere vrouwen betreft, ben ik meer competitief dan vriendelijk.'


Maar het album I've Got My Own Hell To Raise dat in 2005 verschijnt blijkt haar best verkopende plaat tot dan toe. En de samenwerking met ANTI blijkt een succes, tegelijk met haar autobiografie verschijnt nu haar vierde plaat voor dat label: Thankful N' Thoughtful. Het is opnieuw een album met treffend gekozen covers waarin overlevingsdrang centraal staat. Liedjes waarin LaVette zichzelf niet alleen in zegt te herkennen maar die ze zich ook volledig eigen maakt zoals alleen de allergrootsten in de soulmuziek dat konden. Van Bob Dylan, Neil Young en Tom Waits tot Crazy van Gnarls Barkley trekt ze liedjes op superieure wijze naar zich toe.


De plaat volgt op een periode waarin LaVette (inmiddels 66) eindelijk succes kreeg. Ze heeft een sterk management die haar in 2009 zelfs op het podium naast Barack Obama wist te krijgen tijdens diens inauguratie en ze is sinds een kleine tien jaar getrouwd met een man die zich introduceerde als een van haar grootste fans.


Het met David Ritz geschreven A Woman Like Me is een verrukkelijk en geestig boek waarin LaVette niemand spaart en al helemaal zichzelf niet ('ik was een goede groupie maar een slechte hoer') terwijl haar nieuwe plaat je opnieuw doet afvragen hoe het kan dat het zo lang duurde dat de wereld kennis nam van zo'n groot zangeres.


Bettye LaVette: Thankful N' Thoughtful. ANTI/Epitaph.


Bettye LaVette with David Ritz: A Woman Like Me. Blue Rider, 264 blz. ISBN 978 0 399 15938 1


Bettye LaVette neemt geen blad voor de mond in deze geestig geschreven biografie. In haar leven was het een komen en gaan van goedbedoelende nitwits en slecht geaarde pooiers. 'Het was in de muziek nu eenmaal zo dat de dames hoereerden en de heren als pooier fungeerden. Iedereen die iets in de muziek wilde, wist dat. Ik was een goede groupie maar een slechte hoer', aldus LaVette.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden