'Sorry' voor een bloedige zondag

Ruim 38 jaar na Bloody Sunday biedt de Britse premier David Cameron zijn excuses aan voor het drama in het Noord-Ierse Derry, waarbij veertien doden vielen....

LONDEN Tony Doherty was 9 jaar oud toen een overbuurvrouw op de avond van 30 januari 1972 kwam vertellen dat zijn vader nooit meer thuis zou komen. Patrick Doherty was een burgerrechtenactivist die, met duizenden anderen, vreedzaam meeliep in een mars waarin een verbod werd geëist op het opsluiten van verdachten zonder vorm van proces.

De demonstratie in de Noord-Ierse stad Derry (officieel: Londonderry) werd uiteengeslagen door Britse paratroepers, die zonder enige waarschuwing op de menigte begonnen te vuren. De 32-jarige vader van zes kinderen werd dodelijk in de rug geschoten terwijl hij, al vluchtend, over een barricade probeerde te kruipen. Dertien anderen trof hetzelfde lot, onder wie zeven tieners.

Als direct gevolg van dit trauma zou de jonge Tony zich enkele jaren later melden als vrijwilliger bij de IRA, het katholieke terreurleger dat nadien honderden moorden en aanslagen pleegde. ‘De reactie van een hele generatie van jongeren was: jullie kunnen onze mensen kennelijk naar willekeur en ongestraft doden’, zei Doherty dinsdag. ‘Vreedzame methoden waren geen optie meer.’

Lang niet iedereen was zo verbitterd om zijn voorbeeld te volgen. Maar ruim 38 jaar later hebben de nabestaanden van de slachtoffers eindelijk waarop ze al die tijd hebben gewacht, na het langst lopende en duurste onderzoek uit de Britse historie. De conclusie: alle slachtoffers waren ongewapend en werden zonder aanleiding doodgeschoten.

Premier David Cameron maakte de bevindingen gisteren zelf bekend in het Lagerhuis, wat in Derry door duizenden op een groot scherm werd gevolgd. ‘Ik wil het gedrag van ons leger niet in twijfel trekken, dat het beste ter wereld is’, zei de Conservatief. ‘Maar de conclusies zijn glashelder. Er is geen twijfel, geen dubbelzinnigheden. Wat op Bloody Sunday is gebeurd, is niet te rechtvaardigen.’

Cameron ging uitvoerig in op de pijnlijke details. Veel Britse soldaten blijken te hebben gelogen over hun daden. Ze schoten zelfs burgers dood die al gewond op de grond lagen, of anderen probeerden te helpen. Tot gejuich van de menigte in Derry bood Cameron zijn excuses aan namens de Britse regering: ‘I am deeply sorry.’

Bloody Sunday, onder meer vereeuwigd in een nummer van U2, is een van de zwartste bladzijden uit de moderne Britse geschiedenis. Het was de aanleiding tot een orgie van geweld in de toen nog jonge Troubles, het conflict tussen de onderdrukte katholieken in Noord-Ierland enerzijds, en de protestanten – de heersende elite – en de Britten anderzijds. Sinds eind jaren zestig waren er tot dat moment zo’n tweehonderd doden gevallen.

Nog in hetzelfde jaar 1972 stierven bijna vijfhonderd mensen bij het geweld, onder wie honderd Britse militairen. Kort daarna kwam de provincie onder direct gezag van Londen, een situatie die pas drie jaar geleden eindigde met het aantreden van een regering waarin protestanten en katholieken zitten. In totaal verloren ruim 3.500 mensen het leven. Tussen 1969 en 2007 dienden 250.000 Britse ordetroepen in Noord-Ierland.

De nabestaanden van Bloody Sunday willen dat de parachutisten worden vervolgd. Dat ligt gevoelig. Duizenden leden van katholieke en protestantse milities hebben immers de afgelopen jaren amnestie gekregen.

Maar Tony Doherty is tevreden. ‘We hebben voor iedereen gevochten die heeft geleden onder oncontroleerbare macht. Onze onderdrukking was dezelfde als die van gewone mensen over de hele wereld: in Sharpeville, op het Plein van de Hemelse Vrede, in Darfur, Fallujah en Gaza.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden