Gastcolumn

Sorry dat ik niet bang ben

Wanneer je opgroeit als jood in de diaspora ben je eraan gewend dat joodse instellingen goed beveiligd zijn, omdat het altijd mogelijke doelwitten van terroristische aanslagen zijn geweest. Dat is echt niet iets van de laatste paar maanden.

'Voel jij je onveilig?' en 'denk jij erover na om naar Israël te vertrekken?' Deze vragen heb ik sinds de aanslagen in Parijs en Kopenhagen minstens dertig keer naar mijn hoofd geslingerd gekregen. Het antwoord is nee.

Toen ik dit vertelde aan een redacteur van een televisieprogramma klonk hij enigszins teleurgesteld. Of mijn vrienden hun koffers dan misschien al gepakt hadden? Het zou zo mooi zijn voor de uitzending. Nadat ik ook dit ontkende vroeg de man of ik dan in elk geval wilde blijven rondkijken in mijn 'joodse netwerk' en hem wilde contacteren als er toch iemand weg zou gaan vanwege toenemend antisemitisme. Voordat we ophingen hoorde ik mezelf zeggen: 'Sorry dat ik niet bang ben.'

De Israëlische premier Netanyahu riep vorige week alle Europese joden op om zich voor eens en voor altijd in het Beloofde Land te vestigen. Hij wilde hier zelfs 40 miljoen euro voor vrijmaken. Ik zag dit zelf niet als een helpende hand, maar eerder als een politiek statement dat hem niet slecht uitkwam drie weken voor de verkiezingen. Daarnaast rees bij mij de vraag waarom ik per se naar Israël zou moeten verhuizen áls ik hier al weg zou willen. Ja, ik ben joods en ja, ik heb een band met het land waar ik als kind mijn zomers doorbracht. Maar persoonlijk heb ik grote moeite met de bezetting van de Palestijnse gebieden en als je het over veiligheid hebt is Israël nou niet bepaald het eerste woord dat bij me opkomt. Ik kan me nog levendig herinneren hoe het zweet me uitbrak toen ik tijdens de Tweede Intifada in de bus zat en vreesde elk moment opgeblazen te kunnen worden (er vlogen in die tijd nogal wat bussen de lucht in namelijk). De selfies die mijn nichtjes en neefjes met enige regelmaat vanuit schuilkelders sturen maken me ook niet veel geruster.

Joden en moslims lopen van de synagoge bij het Jonas Daniël Meijerplein naar de moskee El Kabir op de Weesperzijde tijdens een zogenaamde solidariteitswandeling. Beeld anp

Fascist en kankerjood

Wanneer je opgroeit als jood in de diaspora ben je eraan gewend dat joodse instellingen goed beveiligd zijn, omdat het altijd mogelijke doelwitten van terroristische aanslagen zijn geweest. Dat is echt niet iets van de laatste paar maanden. Hoe wrang het ook is: Ik zou er pas van opkijken als er géén speciaal getrainde bodyguards voor de deur van de synagoge staan.

Dat de Nederlandse regering heeft besloten die beveiliging op te schalen vind ik verstandig. Islamitische Staat doodt naar eigen zeggen geen burgers, maar helaas zien zij joden niet als zodanig. De gedachte dat hier een dergelijke aanslag zou kunnen plaatsvinden is afschuwelijk en niet irreëel, alleen zal ik daardoor nooit mijn identiteit verbergen of ophouden mijn normale leven te leiden. Dat is precies wat de terroristen willen bereiken en bovendien zie ik geen antisemitisme waar het níet is.

Ik kan u genoeg voorbeelden geven van momenten waarop ik er wel mee in aanraking kwam, dus ik ben niet zo naïef dat ik denk dat de hele wereld bestaat uit liefde, regenbogen en schattige welwillende mensen. Je kan er de klok op gelijk zetten dat er ook hier over en weer wordt gescholden zodra er een Gaza-oorlog woedt bijvoorbeeld. Zo ben ik afgelopen zomer uitgemaakt voor fascist en kankerjood en beet iemand me toe dat het jammer was dat Hitler zijn taak niet had weten te volbrengen. Natuurlijk krenkt me dat tot in het diepste van mijn ziel. En uiteraard moet hier streng tegen worden opgetreden, maar het betekent niet dat degenen die deze domme uitspraken doen allemaal met kalasjnikovs gaan lopen rondzwaaien.

IS-mannetjes

Vorige week zondag hield de vriendschapsgroep Salaam Shalom een solidariteitswandeling. Ruim driehonderd moslims en joden liepen met bossen bloemen in de hand van de Portugese Synagoge naar de El Kabir Moskee. De bijeenkomst was op initiatief van deze moskee, omdat ze uit wilden dragen dat ze het doden van joden verafschuwden. Noem me een zacht ei, maar terwijl ik in het islamitische gebedshuis van mijn muntthee dronk voelde ik me meer geborgen dan ik in lange tijd gedaan had. Rabbijn Lody van de Kamp sprak de aanwezigen toe: 'Het is een waanbeeld dat er momenteel twintigduizend joden op de vliegtuigtrap staan of dat we vogelvrij zijn verklaard. Alleen als de Messias komt kan er wat veranderen, tot die tijd zet ik geen stap.'

En zo is het maar net. Waarom zou ik weggaan? Mijn DNA is verweven met Nederland; De van Weezels wonen hier al zolang er stambomen bestaan, ik houd van Goudse kaas, drop en stroopwafels en ik zing het Wilhelmus luidkeels mee als 'onze mannen' voetballen. Daar kan geen dreiging van IS-mannetjes tegenop. Als anderen zich te onveilig voelen in Europa neem ik dat zeer serieus, maar ík blijf hier en iedereen die daar een probleem mee heeft mag wat mij betreft oprotten, het liefste naar de maan!

Natascha van Weezel is filmmaker en schrijfster. Eerder dit jaar verscheen haar boek De derde generatie. Deze maand is zij gastcolumnist voor Volkskrant.nl.

Een leraar loopt langs een swastika die op een muur bij een school in Agde, Zuid-Frankrijk, is gespoten. Beeld AFP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.