Sopraan en Bariton leveren knap maar koel Bellini-spektakel

Zaterdagmatinee: Beatrice di Tenda, van Bellini. Radio Symfonie Orkest, Omroepkoor, solisten olv Kees Bakels. Amsterdam, Concertgebouw...

ROLAND DE BEER

Het concert- en radiopubliek van de Zaterdagmatinee in Amsterdam gaat een belangwekkend seizoen tegemoet. Programmachef Jan Zekveld is vertrokken, maar een aflopende zaak kan het Matineeprogramma niet worden genoemd.

Integendeel, het ziet ernaar uit dat de nieuwe samensteller, André Hebbelinck, alles op alles heeft gezet to out-Zekveld Zekveld. Anderhalf dozijn Nederlandse premières en vier wereldpremières: de series staan meer dan ooit in het teken van de verkenning, ook van onbekend ouder werk (vanouds het Matinee-abc).

Dat dit ten koste gaat van het grote orkestrepertoire van de vroege twintigste eeuw - vanouds Matinee-xijz - is vers twee. Maar alsof er niets veranderd is, werd zaterdag de ouverture ingezet van Bellini's Beatrice di Tenda. Want de opera-matinee is nog lang niet dood.

Het stuk is om uitstekende redenen nooit in het theater te zien. Het kwam in 1833 tot stand in een sfeer van onmin tussen componist en librettist, wat te merken is aan de eenzijdigheid van de zes karakters, van wie niet een een ontwikkeling doormaakt. Maar eenzijdig is hier, dankzij Bellini's melodische genie en behendigheid in het creëren van orkestrale opwinding, niet hetzelfde als oppervlakkig.

Het stuk handelt over een vrouw die onrechte wordt beticht van buitenechtelijke liefde, een motief dat ook voorkomt in Donizetti's Anna Bolena, en gewijzigd terugkeert in Verdi's Ballo in maschera. Tenor wil Sopraan, Sopraan wil Tenor niet, maar echtgenoot Bariton (verliefd op Mezzo) geeft geen krimp en voert Sopraan ter slachtbank.

De Italiaan Luca Canonici deed zijn best op de onbeduidende tenorpartij, de Japanse Mika Shigematsu zong bloedeloos maar correct de mezzo-rol; tenor-bijrolletjes bleken in goede handen bij de debutant Frank van Aken. Het spektakel kwam van Bariton en Sopraan.

Solist van de dag was de Koreaan Ettore Kim, die zichzelf met glasheldere bariton uittekende als de snode driftkop Filippo. De luttele momenten van spijt en twijfel wist hij om te zetten in een gevoelig Bellini-ronken. De rol van het slachtoffer is door Bellini vervat in zanglijnen van grote sereniteit, maar niet zonder gecompliceerde coloraturen, opklimmend tot hoge c's, d's en essen. De Italiaanse Mariella Devia nam ze trefzeker, maar ook wat zakelijk voor haar rekening.

Het publiek reageerde intens, maar minder heetgebakerd dan men gewend was bij een Nelly Miricioiù - die de rol waarschijnlijk met meer emotie en vocale gloed zou hebben neergezet.

Roland de Beer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden