Somewhere

Coppola's aanpak kenmerkt zich door de bescheiden toon, aandacht voor detail en intieme observaties.


Op een zanderig raceparcours rijdt een zwarte Ferrari zijn rondjes. Razendsnel, maar toch ook lusteloos. De openingsbeelden van Somewhere laten precies zien hoe het is gesteld met het leven van Johnny Marco, de bestuurder van de Ferrari: aan luxe en snelheid heeft de Hollywoodacteur geen gebrek, maar de fut is eruit.


In die openingsscène maakt regisseur en scenarioschrijfster Sofia Coppola ook meteen duidelijk wat voor film ze wilde maken. Een auto die voorbij stuift, uit beeld verdwijnt, en dan nog maar eens een rondje rijdt; erg opwindend is het niet. Wie naar Somewhere kijkt, moet een beetje geduld hebben, vooral ook met hoofdpersoon Johnny, die behoorlijk apathisch en onsympathiek is.


Johnny (Stephen Dorff) is vastgelopen in zijn snelle bestaan. Hij heeft een hoofdrol in een actiefilm erop zitten en woont in het befaamde hotel Chateau Marmont in Hollywood, waar een kamer ongeveer 500 dollar per nacht kost. Hij drinkt te veel, gebruikt drugs en heeft geen idee wat hij met zijn tijd moet doen. Wanneer hij een paar strippers op zijn hotelkamer laat komen - een paaldansende tweeling die een even briljante als lamlendige act opvoert - valt hij van verveling in slaap.


Lichtpunt is zijn 11-jarige dochter Cleo (Elle Fanning). De relatie met haar moeder is al lang geleden mislukt, maar Cleo ziet hij nog van tijd tot tijd. Ze doen dan samen leuke dingen, zoals dat bij een vader op afstand gaat: zwemmen, ijsjes eten, gamen. Of, zoals dat gaat bij een vader die een wereldberoemde acteur is: samen een tripje maken naar Italië, waar ze verblijven in een vijfsterrensuite met privézwembad.


Door de vele hotelscènes roept Somewhere, bekroond met de Gouden Leeuw op het filmfestival van Venetië, vergelijkingen op met Coppola's grootste succesfilm tot nu toe, Lost in Translation (2003). Ook in Somewhere is steeds sprake van een lichte vervreemding, en van personages die geen bodem onder hun bestaan lijken te voelen. 'Ik ben niets, ik ben niet eens een persoon', huilt Johnny wanneer hij volledig in de put zit.


De band tussen vader en dochter in Somewhere heeft - hoewel van een heel andere orde - bij vlagen dezelfde emotionele lading als de voorzichtige relatie tussen de oudere acteur en het jonge meisje in Lost in Translation. Maar Coppola is in haar laatste film minder scheutig met humor. Somewhere is intiemer en kleinschaliger, en daarmee ook iets lastiger te verteren.


In sommige Amerikaanse media werd Somewhere neergesabeld omdat de film te pretentieus zou zijn. Een mislukte poging om Europese arthouse-cinema te kopiëren, oordeelden veel critici. Het tijdschrift Newsweek vond dat Coppola haar 'trucjes' had afgekeken van Michelangelo Antonioni - zonder veel succes.


Die kritiek is onterecht. Somewhere kent lang aangehouden scènes waarin weinig gebeurt, maar die oppervlakkige overeenkomst maakt Coppola nog niet tot een Antonioni-epigoon. Integendeel: ze is een van de weinige Amerikaanse filmmakers met een duidelijke eigen stem.


Al sinds haar debuutfilm The Virgin Suicides (1999) kiest ze onderwerpen die haar na aan het hart liggen: uitgestelde volwassenheid, verveling, de leegte van een bestaan vol luxe en weelde. Zelfs het kostuumdrama Marie Antoinette (2006) handelde in wezen om een meisje dat haar draai niet vindt. Grote statements maakt Coppola niet; haar aanpak kenmerkt zich juist door de bescheiden toon, de aandacht voor details, de intieme observaties. Eerder timide dan pretentieus.


En toch weet Coppola met die eenvoudige verhalen te raken. Haar personages mogen door en door verwend zijn, ze worstelen met herkenbare problemen. En met haar vloeiende, bedrieglijk simpele stijl legt de regisseur telkens weer de vinger op de zere plek. De scène waarin Johnny Marco een gezichtsmasker krijgt aangemeten, waarvoor zijn hele hoofd wordt ingegipst, brengt zijn angsten en kwetsbaarheid meedogenloos over.


Coppola is geen regisseur die haar publiek van de sokken blaast. Het plezier van Somewhere schuilt in een optelsom van kleine dingen: de unieke, eigenzinnige sfeer, de vele rake scènes en het goede spel van Dorff en Fanning.


Regie Sofia Coppola. Met Stephen Dorff, Elle Fanning, Chris Pontius. In 20 zalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden