Softbalsters barsten van geloof in eigen kunnen

De kleedkamer van het nationale vrouwensoftbalteam hangt vol met papieren slogans en het cijfer één. Eén is het symbool voor de overwinning: een gouden medaille....

Van onze verslaggeefster

Tynke Landsmeer

ZEIST

Het vertrouwen in het behalen van een Olympische medaille is niet geveinsd. Hoewel de vrouwen op een wereldkampioenschap nooit bij de eerste drie eindigden, noemen ze het doel zelfs realistisch. Want eindelijk wijzen alle twintig neuzen in dezelfde richting.

Wanneer de voorbereiding op de Spelen ter sprake komt, valt steevast de naam van mental coach Hans Susan. De mentale begeleiding wordt het meest gewaardeerd door de speelsters. De slogans uit de keedkamer worden bijna dagelijks aangehaald.

'Als het niet gaat zoals het moet, moet het maar zoals het gaat.' 'Wanneer de druk van het moeten winnen je te groot wordt, waarom dan niet eerst verliezen.' En in het Engels: 'Our greatest glory is not in never falling, but in rising every time we fall.'

De spreuken hebben pitcher Inez Hollander door de moeilijke momenten gesleept. Het 'doe meer en je wordt meer' is haar op het lijf geschreven.

'Vroeger stond ik in de schaduw van mijn zusje. Die had veel meer talent, maar hoefde er nooit iets voor te doen. Ik heb me atijd het lazerus getraind en uiteindelijk is dat er toch uitgekomen.'

Hollander voldeed in eerste instantie niet aan de criteria waaraan een international volgens bondscoach Ruud Elfers moet voldoen. Te snel liet ze zich uit het veld slaan. In de zomer van 1994 werd ze daarom uit de ploeg gegooid. 'In stresssituaties werd ik boos op mezelf. Ging ik huilen. Ruud wil dat je je gezicht juist dan in de plooi houdt. Je moet een uitstraling hebben dat niets je kan deren.'

Met behulp van de mentale trainingen van Hans Susan vocht Hollander zich terug in het team. 'Ik ben rustiger geworden. Ik ben nu in staat de dingen vanaf de buitenkant te bekijken. Wanneer je kritisch naar jezelf kijkt, kun je het beste uit jezelf halen.'

De beloning bleef niet uit. Gisteren, tijdens een oefenwedstrijd tegen een allstars mannenteam, stond ze de eerste twee innings op de pitch. Vier keer achter elkaar gooide ze een drieslag. Nederland zette het gelegenheidsteam met 4-0 opzij. Eén dag eerder was het in Zeist nog 0-2.

Hollander lijkt met haar optreden de tweede plek achter pitcher Anouk Mels vast te hebben ingenomen. Maar hoewel het basisteam steeds vastere vormen begint aan te nemen, is nog niets zeker. Vooral de bezetting van het eerste honk en het middenveld baart Elfers nog kopzorgen.

Elfers: 'De speelsters zijn niet alleen geselecteerd op fysieke, maar ook op psygische capaciteiten. Snelle handen en voeten en een hoge sprintsnelheid zijn net zo belangrijk als de mentale weerbaarheid. Tussen de oren moet het ook goed zitten. Degenen die daar het verst in zijn, die spelen straks in Atlanta.'

De coach toonde zich redelijk tevreden over de oefenduels in Zeist. Agressie in de aanval en de samenwerking in het veld verdienen de komende weken nog de nodige aandacht. Maar dat het niveau groeiende is wilde hij graag benadrukken. 'We're on the move', is dan ook één van zijn favoriete slogans.

De coach is in de gelukkige positie dat hij in de aanloop naar de Spelen niets aan het toeval hoeft over te laten. Financieel kan bijna alles. Geoefend werd er daarom al in Nieuw-Zeeland en Australië. Over drie weken volgt een trip naar Canada. In Nederland werden mannenteams bereid gevonden tegen de vrouwen te sparren.

Bovendien werden de vrouwen getest op hun uithoudingsvermogen onder extreme weersomstandigheden. In een simulator trainden de softbalsters onder hoge temperaturen en vochtigheidsgraad. Met de resulaten van het onderzoek kon de begeleiding alvast aan de slag. Elfers: 'Het bleek dat een aantal speelsters extreem vaak naar het toilet moest. Die moet in Atlanta dus zeker aanwezig zijn op het veld. Ook zullen we extra veel handdoeken en water nodig hebben.'

Toch blijft softbal professioneel sport bedrijven op een amateuristische manier. Van de speelsters wordt optimale voorbereiding verwacht naast een fulltime-baan. Elfers verzorgt slechts één centrale training per week. De andere dagen staan de speelsters individueel met een schema in de hand op de trimbaan of zitten in het krachthonk.

'Dat maakt het voor mij zo zwaar', zegt eerste honkvrouw Marlies van der Putten. 'Het kost erg veel discipline en dat kan ik niet alleen. Als 's morgens om zes uur de wekker gaat, moet ik rekoefeningen doen. Maar de verleiding om nog een kwartiertje te blijven liggen is vaak zo groot. Gelukkig heb ik hulp van mijn teamgenoten. Door de mensen om me heen, kan ik dieper gaan.'

Nog niet eerder ging er zo'n omvangrijke voorbereiding vooraf aan een softbaltoernooi. En nog niet eerder waren de vrouwen zo gemotiveerd. Het vertrouwen in medaillekansen lijkt daarom gerechtvaardigd.

Hollander: 'Wij zijn heel goed. In Atlanta gaan we een medaille halen. Dat is geen must, maar als we het optimale uit onszelf halen, dan komt die medaille vanzelf.'

Bang voor een afgang na deze hooggespannen verwachtingen is niemand. Van der Putten: 'Zeventig procent van de overwinning hangt af van het geloof in jezelf. Als we daar staan als beesten en vechten als leeuwen en we worden toch achtste, dan is dat geen afgang.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden