Softbalster Madelon Beek richt vizier op Atlanta Na een nederlaag vijf minuten van de wereld

Overal ziet ze de laatste tijd Olympische ringen. Madelon Beek (25 jaar, kortestop) kan zich komend weekeinde met de Nederlandse softbalploeg kwalificeren voor Atlanta....

PAUL ONKENHOUT

Van onze verslaggever

Paul Onkenhout

HAARLEM

Sterke speelster. Geeft nooit op. Gaat over lijken.

Ja, het was bepaald aangenaam wat Madelon Beek las toen alle softbalinternationals in het kort positieve punten over elkaar noteerden, op verzoek van de mental trainer die aan de begeleidingstaf is toegevoegd. 'Was leuk'

Maar niet verrassend, nee. Haar onoverzettelijkheid is al jaren een lichtend voorbeeld voor de ploeg die momenteel in Haarlem pogingen doet zich te kwalificeren voor de Olympische Spelen in Atlanta en daarvoor eerst een lang en saai parkoers moet afwerken langs allerhande B-landen, zoals Kroatië en Botswana.

Beek wil naar Atlanta en dat willen er meer, maar zij gaat, als althans in het weekeinde in het Noordersportpark Italië opzij wordt geschoven. Toch raar, vindt ze, zo is het nog de ver van mijn bed-show, zo krijg je de rillingen 'en zie je plotseling overal Olympische ringen. Olympische gedachte en zo, je kent dat wel.'

In 1992 keek ze op televisie naar de openingsceremonie. 'Ik zag de honkballers het beeld in schuiven en een paar oud-studiegenoten en ik dacht: Jéé, dat wil ik ook. Madelon Beek die straks in Atlanta het Olympisch dorp wandelt, ja, dat lijkt me wel wat. En als het niet lukt, tja, dan geef ik de speelsters van Italië zondag een handje en wens ik ze veel succes. Want dan weet ik, dan weten wíí, dat alles er aan is gedaan om ons te plaatsen voor de Spelen.'

Alles is veel, voor softbalbegrippen. Twee jaar geleden werd, zeer tot genoegen van Beek, ernst gemaakt met de nationale ploeg. Er kunnen plotseling verre reizen worden gemaakt om tegen internationale topteams te spelen, de trainingsmogelijkheden zijn verbeterd, de reiskostenvergoeding is op een aanvaardbaar peil gebracht en naast de dug-out hangen achttien knuppels, geen negen, en het zijn goede knuppels.

Zelfs op de coaches is weinig aan te merken, óók een noviteit in het softbal dat een traditie van opstandjes en strubbelingen kent. Elfers, Wedman, Hendriks en Treuren zijn terzake kundig en ervaren.

'Ze weten waar ze het over hebben. Ook daardoor is het plezier zo groot, je hebt niet eens in de gaten dat je vijf, zes maal per week op het veld staat. Als ik eens een avond op de bank naar de televisie zit te kijken denk ik hé, wat doe ik hier eigenlijk.'

Niet dat Madelon Beek een slaafse volgster is. 'Uit de zon blijven', adviseert Elfers vóór het interview. Maar de zon deert haar niet. En anders dan de coach vindt ze ook niet dat het recente EK-verlies tegen Italië louter te wijten was aan vermoeienissen van de trip naar Canada en nog zo wat dingetjes.

'Nee hoor, we hebben het zelf weggegeven door de kansen niet te benutten. Moe, tja, wat is nou moe. We waren gewoon niet goed genoeg en daar kwam de mooie anti-Nederlandse sfeer in Italië nog eens bij. Maar het kwam ons niet slecht uit hoor. Nu zijn we weer eens gewaarschuwd.'

Eerder was al een mental trainer ingehuurd, Hans Susan die de toch al zware coachstaf extra gewicht gaf. 'De mensen doen er wat lacherig over. Nou ja, laat ze maar. Hij laat ons negatieve gedachten omzetten in positieve. Klinkt goed hè. En als je dan op een avond achttien briefjes leest en iedereen kan over jou een positieve eigenschap opschrijven, nou, dat doet je dan goed.'

Madelon Beek studeerde aan de Academie voor Lichamelijk Opvoeding waar ze zich het laatste half jaar specialiseerde in het lesgeven aan verstandelijk en lichamelijk gehandicapten. Les geeft ze niet meer en de toekomst van haar vak en het sporten van kinderen baart haar zorgen. 'Steeds minder kinderen willen sporten, terwijl ze zo gezond zijn. Ik heb genoten van het lesgeven aan kinderen die niets konden, de hele dag in een rolstoel zaten, maar alles wilden.'

Zelf sport ze sinds haar zesde jaar, bij Zuidvogels in Huizen, vaak met haar jongere zus Petra, ook international. Pas na drie verzoeken toog ze naar HCAW en koos ze voor de top. Bijna onmiddellijk werd ze international. Ze kende er niemand bij naam, vreemd vonden ze dat in Bussum. 'Later kwam Petra me achterna, die kende ook niemand. Van topsoftbal wisten we allebei niks. We gingen naar HCAW om lekker te softballen. Heerlijk, die bal een enorme ros geven.'

Nu is ze 25 jaar en een ouwe rot, vindt ze zelf, want het merendeel van de speelsters in de nationale ploeg is jonger. 'In elke ploeg heb je leiders en volgers. Ik ben een leider, ik trek mensen mee.

'In vrouwenploegen blijven zaken vaak onbesproken en voortsudderen. Soms merk ik dat dingen van zes jaar geleden nóg niet zijn vergeten. Ik ben straight, ik zeg het meteen. Als er een fout wordt gemaakt, trek ik mijn mond open, dan begin ik er niet drie maanden later eens voorzichtig over. Dat zijn van die zinloze gesprekken.

'Mannen doen dat beter. De honkballers van HCAW schelden elkaar in de wedstrijd soms verrot, maar staan na afloop weer gezellig een biertje te drinken. Dat kan bij ons niet.'

Gaat over lijken.

'Vroeger had iedereen een mening over mij, en vaak geen positieve. Als iemand een bal uit haar handschoen laat vallen, dan spuwen mijn ogen vuur, kennelijk. Op dat moment kan ik niet zeggen kom op meid, doorgaan. Het is niet persoonlijk, maar ik heb dan gewoon de pest in en laat dat merken.

'Als ik verlies, ben ik vijf minuten van de wereld. Anderen lachen wat en bestellen meteen een drankje. Ook goed hoor, maar dat kan ik niet. En op zulke momenten vinden de mensen mij niet zo aardig. Met lesgeven heb ik het ook, ik krijg kinderen stil door alleen maar naar ze te kijken. Ik kan namelijk héél boos kijken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden