Socioloog dempt pessimisme over arme wijken 'Informele sector werkt vorming van getto's tegen'

De informele economie bewerkstelligt dat buurten minder verpauperen dan op grond van de officiële cijfers mag worden verwacht. Mede door het grijze en zwarte circuit is gettovorming in Nederland tot dusverre uitgebleven....

PETER GIESEN

Van onze verslaggever

Peter Giesen

AMSTERDAM

Dit zegt de Utrechtse socioloog dr G. Engbersen in een reactie op de Rapportage Minderheden van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Volgens het SCP dreigt binnen vijftien jaar gettovorming in Nederland.

Van getto's wordt gesproken als buurten vrijwel uitsluitend bestaan uit allochtonen uit de lagere inkomensgroepen. Nu al zijn er typische probleembuurten, met een hoge concentratie aan allochtonen, een hoge werkloosheid en veel criminaliteit.

De waarschuwing tegen gettovorming is niet bepaald nieuw. In 1976 waarschuwden de sociologen Penninx en Van Velzen al voor het ontstaan van een onderlaag met een 'kaste-achtig voorkomen'. Sindsdien is er veel beleid gevoerd, maar de resultaten blijven bedroevend. Allochtonen zijn veel vaker werkloos en doen het gemiddeld slechter op school dan autochtone Nederlanders.

'Er is sprake van een verslechtering', zegt Engbersen. 'Het onderwijs- en werkgelegenheidsbeleid heeft weinig vruchten afgeworpen. Het zijn ook geen problemen waar je één-twee-drie een oplossing voor hebt.'

Toch is enige voorzichtigheid met inktzwarte scenario's geboden, vindt hij. Hoewel allochtonen vaak zijn uitgesloten van de formele economie, is er een bloeiende informele economie. 'Ik heb zelf onderzoek gedaan naar openlucht-markten. Achter de officiële statistieken gaat soms een behoorlijke bloei en activiteit schuil.'

In de Amsterdamse Bijlmer lijkt de misère van de post-industriële samenleving duidelijk zichtbaar. In de schaduw van een kantorenpark waar slechts hoog opgeleide forenzen werken, ligt een verpauperde wijk met een hoge werkloosheid.

Toch is er blijkens een rapport uit 1992 'een substantieel en dynamisch circuit van niet-officiële bedrijvigheid'. Vanuit dit stadsdeel opereren honderd snorders, tweehonderd (kroeshaar)kappers, honderdvijftig automonteurs en twintig klusjesmannen. Er zijn 35 horecagelegenheden en een onbekend aantal naai-ateliers. Volgens een schatting van de Belastingdienst uit 1994 boden driehonderd confectie-ateliers werk aan zesduizend deels illegale werknemers.

De overheid weet niet goed wat zij met de informele sector aan moet. Alleen al uit het oogpunt van concurrentievervalsing is het moeilijk te tolereren dat personen met behoud van uitkering een handeltje opzetten of atelierbazen onderbetaalde illegalen in dienst nemen.

'Maar je zou erover kunnen denken iemand de helft van zijn uitkering te laten houden, waarnaast hij een bedrijfje kan beginnen', zegt Engbersen. 'Dat gaat natuurlijk in de richting van een basisinkomen.'

Het projectbureau Werk van de gemeente Rotterdam probeert de bedrijvigheid in de wijken te stimuleren. 'We denken aan verschillende faciliteiten, zoals het verlagen van de grondprijzen of de onroerend-zaakbelasting voor bedrijven die zich in een bepaalde wijk vestigen', zegt woordvoerder F. Nesselaar. 'Ook denken we aan bedrijfsverzamelgebouwen met relatief lage huurprijzen.'

Het creëren van werk is echter een moeizame bezigheid, zo heeft het bureau in het eerste jaar van zijn bestaan wel gemerkt. 'Je hebt toch maar een beperkt aantal mogelijkheden. Voor een ondernemer is werkgelegenheid natuurlijk geen issue. Die neemt personeel in dienst als hij wil uitbreiden, niet omdat er nog een bak met zestigduizend werklozen is.'

Integratie is een proces van de lange adem, waarschuwt Engbersen. 'Pas over twee of drie generaties is integratie te verwachten. We zijn eigenlijk nog maar net bezig.'

Tot die tijd moet de overheid in elk geval zorgen voor een goed huisvestingsbeleid. 'De stadsvernieuwing is een groot succes geweest. Daardoor zien achterstandswijken er lang niet zo troosteloos uit als in het buitenland. Dat moeten we zo houden, bijvoorbeeld door ook duurdere woningen te bouwen in bepaalde buurten.

'Dat kan best, denk ik. Vooral jonge tweeverdieners willen best in een oude wijk dicht bij het centrum wonen. De stad zal altijd blijven trekken.'

Pagina 11: Commentaar

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden