Sociaal sprookje vol morele dilemma?s

La promesse. Rosetta. Le fils. L’enfant. De Waalse broers Jean-Pierre en Luc Dardenne hebben maar weinig woorden nodig om duidelijk te maken waar hun films over gaan....

Jan Pieter Ekker

De titelheld is een jonge vrouw uit Albanië, die haar geluk is komen beproeven in België. In Luik om precies te zijn, de biotoop van de Dardennes (en al hun heldinnen). Haar zwijgen betreft de duistere zaakjes waarmee zij zich heeft ingelaten om haar droom te realiseren: een eigen café met haar eveneens Albanese vriend.

Om het benodigde kapitaal bij elkaar te krijgen, heeft ze een deal gesloten met een onderwereldfiguur. Ze zal trouwen met een junk. Zodra ze een Belgisch paspoort heeft, wordt de junk uit de weg geruimd en dient Lorna een tweede schijnhuwelijk aan te gaan met een Rus, die over officiële Belgische papieren wenst te beschikken.

Als Lorna last van haar geweten krijgt, blijkt er geen weg terug meer. De oorzaak is – natuurlijk– geld. Geld bepaalt de relatie tussen de pragmatische Lorna en haar vriend die kernreactoren schoonmaakt, de malafide taxichauffeur die bijverdient met mensenhandel, zijn hulpje, de straatarme junk en de steenrijke Rus. Geld dat veelvuldig in beeld wordt gebracht, in scènes die herinneringen oproepen aan het even secure meesterwerk L’argent van Robert Bresson: de eurobiljetten gaan voortdurend van hand tot hand; ze worden weggestopt in enveloppen, of begraven in de achtertuin.

Hoewel Le silence de Lorna direct herkenbaar is als een Dardenne-film, zijn er naast de enigmatische titel nog een paar in het oog springende verschillen met hun eerdere werk. Zo gebeurt er bijzonder veel: er is zelfs een seksscène. Het camerawerk is juist weer opmerkelijk rustig. Het maakt Le silence toegankelijker. De bioscoopbezoeker krijgt de kans Lorna (gespeeld door de formidabele Arta Dobroshi, door de Dardennes ontdekt tijdens audities in Kosovo) in alle rust te bekijken.

Nog een unicum in het rijke oeuvre van de Dardennes: op de geluidsband is plaats ingeruimd voor muziek. De junk (Jérémie Renier, eerder te zien in La promesse en L’enfant, op de toppen van zijn kunnen) luistert naar snoeiharde muziek van dEUS, vlak voor de eindtitels zijn flarden te horen van een pianosonate van Beethoven.

In de bloedstollend spannende finale dwaalt Lorna als Roodkapje door het woud, achtervolgd door de wolven. Die paar noten Beethoven maken dan het verschil: de muziek tilt de film uit het kille realisme. En zorgt ervoor dat het sociaal geëngageerde sprookje vol morele dilemma’s, waarvoor de broers op het afgelopen festival van Cannes met recht de prijs voor het beste scenario kregen, nog dagen blijft nagalmen.

Jan Pieter Ekker

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden