Snippers van God

De Dode Zeerollen, unieke manuscripten uit de tijd van Jezus, beginnen hun geheimen prijs te geven. Voor het eerst zijn ze in Nederland te zien.

Het is een simpele grot, meer een gat in de rotswand. Weinig aan te zien, wel aan te ruiken: de zure lucht van vleermuizenpoep. Maar Grot 11 is een heilige plek van de archeologie. Hier werden in 1956 enkele van de belangrijkste Dode Zeerollen gevonden, 2.000 jaar oude bijbelmanuscripten uit de tijd van Jezus. Waaronder de langste van allemaal, de zogenaamde Tempelrol van 8 meter. Uitgegeven door Nederlandse theologen, vandaar de bijnaam 'Dutch Cave'.


De Dode Zee ligt in de diepte, onmogelijk blauw te midden van het geel en oker van de Judese woestijn. Dichterbij, op een mergelplateau, zijn de ruïnes te zien van Qumran, de nederzetting waar vermoedelijk de eigenaren van de rollen woonden, een gemeenschap van geleerden die ze tijdens de grote Joodse Opstand tegen Rome (66-70 na Chr.) in de grotten moeten hebben verstopt. Vlakbij ligt nu een dorp van joodse kolonisten, waar mannen uit joggen gaan met pistolen in hun riem.


De betekenis van de Dode Zeerollen is enorm. Ze bieden de vroegst bekende teksten van de Bijbel zoals we die vandaag kennen plus vele alternatieve teksten die de Bijbel nooit gehaald hebben - een Bijbel in uitvoering dus. En allerlei andere teksten die samen een blik bieden op de joodse wereld van 2.000 jaar geleden waaruit het vroege christendom voortkwam. Een directe blik, niet gekleurd door de ogen van de auteurs van het Nieuwe Testament, die vooral bezig waren om zich af te zetten tegen de joodse traditie.


De eerste rollen werden in 1947, aan de vooravond van de stichting van de staat Israël, ontdekt door twee bedoeïenen. Ze waren, zo wil het verhaal, op zoek naar een verloren geit en stuitten op in kruiken verborgen boekrollen in wat nu bekend staat als Grot 1. De rollen kwamen via een oudhedenhandelaar in Betlehem bij een Syrische bisschop terecht, die ze aan diverse wetenschappers liet zien, onder wie de Nederlandse dominicaan Jan van der Ploeg. Die twijfelde over hun authenticiteit - wat hij zijn leven lang zou betreuren.


Toen duidelijk werd dat het om spectaculaire originele manuscripten ging, kwam een ware wedloop op gang tussen archeologen en lokale bedoeïenen teneinde meer rollen te vinden. Om te voorkomen dat er manuscripten in de zwarte handel zouden verdwijnen, werden beloningen uitgeloofd. Eerst per manuscript, later, toen bleek dat rollen om die reden expres werden versnipperd, per inch.


Tussen 1947 en 1956 werden in elf grotten bij Qumran zo'n duizend manuscripten gevonden, geschreven in het Hebreeuws, Aramees en Grieks, en daterend van 250 voor tot 68 na Chr. Via allerlei duistere zijwegen en transacties kwamen bijna al die rollen in het Palestijns Archeologisch (of Rockefeller) Museum in Oost-Jeruzalem terecht. Tegenwoordig worden ze bewaard in de 'Shrine of the Book' bij het Israel Museum in Jeruzalem.


Misleidend

De term Dode Zeerollen is overigens misleidend, zegt Mladen Popovic, directeur van het Qumran Instituut aan de Rijksuniversiteit Groningen en gastconservator van de tentoonstelling in Assen, die dinsdag opent. 'Er zijn hooguit twaalf echte rollen. De rest zijn fragmenten: dertigduizend snippers donker verkleurd leer.'


Die fragmenten werden in de jaren vijftig in de befaamde 'rollerij' van het Rockefeller Museum als een megapuzzel aan elkaar gepast, op basis van tekstvergelijking, het handschrift en de kleur leer, en op glasplaten ondergebracht. Omdat je met het blote oog op veel van die stukjes bijna niets kunt lezen zijn ze bij infraroodlicht gefotografeerd. De 40-delige boekuitgave van de teksten, die in 2009 werd voltooid, is op die foto's gebaseerd.


Het onderzoek naar de Dode Zeerollen is, nu alle teksten zijn gepubliceerd, in een nieuwe fase beland. Ze blijken veel rijker en gevarieerder dan gedacht. Bij slechts 20 procent gaat het om bijbelteksten, de rest bestrijkt van alles en nog wat: commentaren, joodse leefregels, wetenschap, poëzie, astrologie en het einde der tijden. De interpretatie van de rollen is daardoor enorm veranderd, zegt Popovic. 'Onze blik op het jodendom en vroege christendom is er volledig door op zijn kop gezet.'


Dat geldt allereerst het onderzoek naar de teksten zelf. De eerste interpretaties, gedaan door theologen, waren gebaseerd op de rollen uit Grot 1, en draaiden vooral om de vraag welke teksten bijbels en niet-bijbels dan wel sektarisch en niet-sektarisch waren. Maar die manier van kijken is anachronistisch en onjuist, zegt Popovic. 'Je kunt de scheidslijn tussen bijbels en niet-bijbels niet toepassen op teksten uit een tijd waarin de Bijbel nog volop in wording was. Voor de mensen in Qumran was de sektarische Tempelrol even gezaghebbend als het boek Mozes of Profeten.'


Ascetisch

Ook het beeld van de mensen achter de teksten is veranderd. Voor de eerste duiders was het helder: de teksten werden in Qumran geschreven en verborgen door de Essenen, een joodse sekte die bekend is van antieke auteurs als Plinius de Oudere en Flavius Josephus, en die leek op wat we weten van de vroege christenen: ascetische groepen met gemeenschappelijk bezit, een streng dagritme met gezamenlijke gebeden en maaltijden en veel studie.


Die interpretatie lijkt niet meer houdbaar. Eind jaren tachtig stelden de auteurs van de invloedrijke Groningen Hypothese al dat de teksten niet van de Essenen afkomstig waren, maar van een afsplitsing. De nieuwste inzichten gaan nog verder, onder meer op basis van de vele versies van de 'Regel van de Gemeenschap': de teksten van deze orderegel zijn afkomstig van meerdere verwante groepen die blijkbaar samenkwamen in Qumran, wellicht op de vlucht door de Opstand.


Qumran moet in die tijd een soort gemeenschap van geleerden zijn geweest. De meeste manuscripten uit die periode die in de woestijn van Judea zijn gevonden, zijn niet-literaire teksten zoals oorkonden en brieven of kostbare pronkstukken, mogelijk verstopt door rijke families op de vlucht voor de Romeinen. De teksten uit Qumran zijn vooral literair-religieus van aard, op eenvoudig materiaal geschreven en van notities voorzien, wat eerder wijst op een soort bibliotheek.


Je kunt je er iets bij voorstellen, als je vandaag rondwandelt door de ruïnes van Qumran, dat in de jaren vijftig werd opgegraven door de Franse dominicaan Roland de Vaux. Het complex lijkt op een soort klooster, met een versterkte toren, een eetzaal en een scriptorium waar schrijftafels en inktpotjes zijn gevonden. Het water voor het joodse ritueel bad werd aangevoerd via een aquaduct.


Het beeld dat oprijst van de mensen achter de Dode Zeerollen is al met al veel veelvormiger dan we dachten, zegt Popovic. Ze deelden een visie op de joodse leefregels en het belang van de Tempel als het Huis van God, maar waren het in veel andere zaken vaak zeer oneens. Ze voerden een heftig intellectueel debat over kwesties als de joodse identiteit, reinheid en onreinheid, vrijheid en onafhankelijkheid, de komst van de Messias, het Koninkrijk Gods en het einde der tijden.


Achtergrond van dat debat was de toenemende hellenistische en Romeinse invloed op het Hasmonese koninkrijk Judea. Onder Herodes de Grote (37-4 v. Chr.) werd Judea deel van het Romeinse Rijk.


Jezus, voor alle duidelijkheid, komt in de Dode Zeerollen nergens voor. Net zo min als Johannes de Doper of de apostelen Petrus en Paulus. Er zijn ook geen aanwijzingen dat er christenen waren in Qumran. Toch is het beeld van die pluriforme Hasmonese maatschappij van cruciaal belang voor het begrijpen van het vroege christendom. Want dat was een de vele ascetische stromingen binnen een joodse cultuur die worstelde met Rome.


Die worsteling mondde uit in de grote Opstand van 66-70, die zou leiden tot de verwoesting van Qumran, van Jeruzalem en van de Tempel. De strijd eindigde in Masada, het bergfort van Herodes waar belegerde rebellen het tot 73 uithielden tegen de Romeinen. De wereld van de Dode Zeerollen vond haar einde toen de laatste verdedigers, nadat ze nog een aantal rollen hadden verstopt, de hand aan zichzelf sloegen. Het is hoog boven de Dode Zee nog altijd een indrukwekkende plek.


MONNIKENWERK: SNIPPERS REDDEN

De conditie van de Dode Zeerollen, die 2.000 jaar in het droge woestijnklimaat hebben overleefd, is er sinds hun ontdekking niet beter op geworden, zegt Pnina Shor van de Israel Antiquities Authority bij het Israel Museum in Jeruzalem. 'Onderzoekers plakten de snippers met plakband aan elkaar. Ze lunchten en rookten erbij. En dan waren er de tentoonstellingen, die nog meer schade aanrichtten.'


Om de rollen nu zo goed mogelijk te conserveren doen Shor en haar team het monnikenwerk van de jaren vijftig over. De snippers worden van plakband ontdaan en in zuurvrij karton gestopt. 'Alles was we nu doen is omkeerbaar', zegt Shor, terwijl ze met een pincet voorzichtig een zwartgeblakerd stukje rol laat zien. De manuscripten worden daarna opgeslagen onder dezelfde klimatologische condities als die heersten in de grotten.


De volgende stap is de volledige digitalisering en onlinepublicatie van de rollen. Alle snippers worden via een door de NASA geleverd 'spectral imaging system' met laserlicht in twaalf golflengten en 28 belichtingen gefotografeerd, waarna de computer uit al die opnamen een fraai leesbaar eindbeeld componeert. Elke week wordt 5 terabyte aan beelden online gezet. Over vijf jaar moet het klaar zijn.


VOORBODEN VAN JEZUS

Jezus van Nazareth komt niet voor in de Dode Zeerollen. Maar er zijn wel teksten die op hem vooruitlopen.


Apocryphon van Daniël (eind 1ste eeuw v. Chr.) is een Aramese apocalyptische tekst, geïnspireerd op het boek Daniël. Bevat benamingen als 'zoon van God' en 'zoon van de Allerhoogste' die de evangelisten voor Jezus gebruiken.


Messiaanse Apocalyps (begin 1ste eeuw v. Chr.) is een belangrijke tekst over de Messias, de Gezalfde, waarin zijn wederkomst wordt verbonden met de opwekking van de doden, zoals ook in de evangelies wordt gedaan.


Zaligsprekingen (tweede helft 1ste eeuw v. Chr.) sluit aan bij bijbelboeken als Spreuken en Prediker. De vorm van de zaligsprekingen ('Zalig zijn zij die...') loopt vooruit op de Bergrede van Jezus in het Nieuwe Testament.


HUZARENSTUKJE: EXPOSITIE

De tentoonstelling over de Dode Zeerollen in Assen - een samenwerking tussen het Drents Museum, het Qumran Instituut en de Israel Antiquities Authority - is een huzarenstukje. De expositie plaatst de Dode Zeerollen volgens de nieuwste inzichten binnen de brede context van de oudheid, met vijfhonderd archeologische objecten, van beenderkistjes en aardewerk tot Romeins wapentuig. Plus zestien originele fragmenten van de rollen, waaronder de 1 meter lange Leviticusrol uit Grot 11. Die fragmenten verlaten Israël zelden. Vanwege hun kwetsbaarheid, maar ook uit angst dat ze nooit meer terugkomen. Ze zijn in voormalig Jordaans gebied gevonden en kunnen worden opgeëist. De uitleen kon pas doorgang vinden nadat de Nederlandse regering een verklaring van 'immunity from seizure' had getekend.


Drents Museum, Assen: De Dode Zeerollen. Van 9 juli tot en met 5 januari.


KOSTBAAR

De eerste zeven Dode Zeerollen die in 1947 werden ontdekt, waren gewikkeld in linnen en opgeborgen in verzegelde stenen kruiken. Het grootste deel van de ongeveer duizend gereconstrueerde manuscripten is echter alleen in fragmenten bewaard gebleven. Er zijn naar schatting nog een stuk of honderd van deze losse snippers in omloop. Vooral Amerikaanse christelijke universiteiten betalen er grof geld voor. Vorig jaar werd in Houston nog een stuk Genesis aangeboden voor 42 miljoen dollar (32,4 miljoen euro).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden