Snel, sneller, koerier

ALS het de planner van een Amsterdamse spoedkoerier een jaar of 25 geleden lukte om binnen vier uur een pakketje uit de Derde Oosterparkstraat te laten bezorgen op de Keizersgracht, dan stonden afzender en ontvanger te juichen....

Als een koerier tegenwoordig pas ná een halfuur ter plekke is, hoeft ie meestal niet op een nieuwe opdracht te rekenen. De planners op kantoor houden dus het hoofd koel, zodat de koeriers per bestelauto, opgevoerde brommer of racefiets efficiënt door de stad kunnen flitsen.

'Dat de opdrachtgevers zo kritisch zijn, hebben we aan onszelf te wijten', vindt Stef Bouwhuis, pionier en nestor van de Nederlandse spoedkoeriers. 'We hebben elkaar jaar na jaar keihard bevochten op hoge snelheid en lage prijzen.'

Dat was al zo toen Amsterdam eind jaren zeventig nog maar zes koeriersdiensten telde: in luttele jaren daalden de tarieven met 30 procent en halveerde de aflevertijd. De rendementen in de sector zijn volgens Bouwhuis bedroevend. 'Ik denk dat 60 procent in de rode cijfers zit.'

Een aantal factoren heeft bijgedragen aan de groei van koeriersdiensten - Nederland telt er een paar duizend. De directkoeriers (die poststukken niet via een distributiebedrijf, maar rechtstreeks van afzender naar geadresseerde brengen) hebben vooral geprofiteerd van de komst van het wettelijk minimumloon in 1969.

Daardoor werd de jongste bediende op veel kantoren te duur. Hij haalde potloden en gummetjes, sleutelde aan het stencilapparaat én bezorgde brieven en pakketten met hoge urgentie. Koeriersdiensten hebben dat deel van het werk van de jongste bediende overgenomen.

Ook de zes weken durende poststaking, in november 1983, heeft bedrijven in de armen van de spoedkoeriers gedreven. Toen de staking voorbij was, bleven veel firma's voorkeur houden voor de koeriers.

Natuurlijk laat een koerier zich graag voorstaan op zijn snelheid, maar het is slim bij de klant te vragen hoevéél haast er is. Eerst namen koeriers alle spoedjes aan met de mededeling 'we komen er nu aan!' Nu is de vraag hoe laat het er moet zijn. Vaak blijkt het leveren binnen een paar uur snel genoeg. 'Daar zit marge in', aldus Bouwhuis. 'Want dan kan de planner opdrachten stapelen.'

Dat verschil in haast wordt aan de klant doorgerekend. Zo rekent Komeet Fietskoerier in Amsterdam 29 gulden (exclusief BTW) voor een zending die binnen een halfuur van opdrachtgever bij geadresseerde moet zijn. Is binnen een uur bezorgen snel genoeg, dan kost het ritje 20 gulden; aflevering binnen twee uur kost 16 gulden.

Wat de flink betalende klant niet wil weten, maar wat wel gebeurt: spoedjes van verschillende klanten in één rit laten bezorgen. Of even de ontvanger bellen, of het écht zo snel moet arriveren. Een planner bij een middelgroot koeriersbedrijf: 'Als een opdrachtgever na vier uur belt en zegt dat een pakket per se voor vijven in Utrecht moet zijn, dan weten we dat het krap wordt. Als je dan de geadresseerde vraagt of de dag erop om negen uur vroeg genoeg is, luidt het antwoord vrijwel altijd ''ja hoor''.'

Bouwhuis schrikt: 'Daar moet de klant natuurlijk niet achterkomen! De volgende keer plakt-ie gewoon een postzegel op die zending en gooit hij de spoedbrief in een brievenbus van de PTT.'

Dit is de dertiende aflevering van een serie over haast en onthaasten, efficiëntie en ondoelmatigheid in de Nederlandse economie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden