Sluiting dreigt nu al voor net geopend oorlogsmuseum in Polen: niet 'heroïsch' genoeg

Het nieuwe oorlogsmuseum in Gdansk (kosten: 100 miljoen) opent vandaag z'n deuren, maar de kans is groot dat het begin april weer sluit. De nationalistische regering vindt het niet heroïsch genoeg.

De bouw van het museum nam acht jaar in beslag.Beeld AP

Een velletje voedselbonnen uit belegerd Leningrad. De typemachine van de Poolse regering in ballingschap. Een eetkommetje uit Dachau. Het zijn maar drie van de grofweg vierduizend objecten die het nieuwgebouwde Tweede Wereldoorlogmuseum in de Poolse havenstad Gdansk tentoonstelt. Kosten: ruim 100 miljoen euro.

Aan het prestigieuze museum is acht jaar gewerkt. Het moest een project worden dat zijn weerga in de wereld niet kende. Historici van binnen en buiten Polen kwamen lovende woorden tekort. Het verhaal van de oorlog zou voor het eerst vanuit meerdere perspectieven verteld worden, en niet door één particuliere, nationale lens. Een museum over gewone burgers, wars van heroïek of nationale zelffelicitatie.

Precies dat universalisme zit de Poolse regering in Warschau niet lekker. Het museum beleeft vandaag zijn feestelijke opening, maar zou zomaar over twee weken al gesloten kunnen worden. Een instituut met zo weinig oog voor het 'Poolse perspectief' past namelijk niet bij de nationalistische wind die onder regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) over Polen raast. De regering van sterke man Jaroslaw Kaczynski gelooft in 'Poland first', of het nu gaat om politiek, onderwijs, bedrijfsleven of cultuur. Dit museum hoort thuis in Brussel, sneerde een PiS-parlementslid.

Fopmuseum

Formeel is het geen sluiting, houdt de PiS-regering staande, maar een 'fusie'. Minister van Cultuur Piotr Glinski heeft namelijk een tweede, veel kleiner museum aangekondigd op het schiereiland Westerplatte, niet ver van waar museum nummer één staat. De twee instellingen moeten één worden, volgens Glinski niet op politieke, maar op 'administratieve' gronden. Betrokkenen zien er een fopmuseum in, een dekmantel, maar de rechter stelde Glinski in het gelijk.

Op Westerplatte hielden tweehonderd Poolse strijdkrachten het in september 1939 zeven dagen vol tegen een overmacht van Duitse artillerie en torpedo's (daarna moesten ze alsnog capituleren). Zo ziet PiS de eigen geschiedenis graag: onversaagd en dapper, het volkslied eer bewijzend. 'Nog is Polen niet verloren.'

Op zijn kantoortje in de gereconstrueerde oude binnenstad van Gdansk erkent de lichtkalende museumdirecteur Pawel Machcewicz (51) de absurditeit van de situatie. Het Westerplatte-museum bestaat alleen op papier en is, zo zegt hij, 'een Trojaans paard, bedoeld om ons museum van binnenuit over te nemen'. Hij tekende hoger beroep aan, daarbij geruggesteund door de Poolse ombudsman.

Strijden zullen ze, Machcewicz en zijn internationale vakgenoten, in een loopgravenoorlog die het best te omschrijven is als culture wars op z'n Pools. Een voorbeeld is de pogrom van Jedwabne (1941), waarbij honderden Joden door hun opgehitste Poolse buren in een schuur bijeengedreven werden en werden vermoord. Het museum in Gdansk stelt nu de sleutels van de Joodse huizen uit Jedwabne tentoon. PiS reserveert er graag de term 'pedagogiek van schaamte' voor. Jonge Polen mogen daar niet mee worden lastiggevallen, en moeten juist trots kunnen zijn op hun land. Eind vorig jaar verloor het hoofd van het Poolse Cultuurcentrum in Berlijn haar baan, nadat ze het gewaagd had de Oscar-winnende speelfilm Ida te vertonen - een productie die antisemitisme in Polen aankaart.

Het museum over de Tweede Wereldoorlog in Gdansk toont het lot van de Polen en burgers uit andere landen in een breed, internationaal perspectief.Beeld EPA

Gêne

Het hoger beroep ging voor Machcewicz verloren, waarna hij zijn bureau begon op te ruimen. Per 1 februari zou hij op straat staan. Op 31 januari, terwijl hij poseerde voor een afscheidsfoto met zijn staf, volgde een verrassend telefoontje: de kantonrechter in Warschau heeft de fusie voor onbepaalde tijd uitgesteld.

Die uitspraak maakt in Machcewicz hernieuwd optimisme los. 'We zijn aan de winnende hand.' Inderdaad behaalden hij en zijn team van zestig historici en onderzoekers een pr-overwinning van jewelste door het museum eind januari een dag lang gratis open te stellen voor publiek en internationale journalisten. Het opzetje slaagde. De vierduizend bezoekers waren vol lof, en vergrootten daarmee de gêne voor Warschau. Met spoed liet Machcewicz de catalogus drukken en uitdelen.

Gezaghebbende historici als Timothy Snyder (VS), bekend van het baanbrekende Bloedlanden, en Norman Davies (Groot-Brittannië), beide lid van de adviesraad, verzetten zich in opiniestukken en interviews tegen de geplande sluiting. Zie je wel, reageren PiS-parlementariërs: buitenlanders die ons de les lezen over ons verleden. In 2018, wanneer Polen 100 jaar onafhankelijkheid viert, opent de regering in Warschau op zijn beurt een 'park' met drie musea, de een nog vaderlandslievender dan de ander.

Machcewicz: 'Wat is dat, 'het Poolse perspectief'? Ik denk dat er talloze Poolse perspectieven zijn. Het lot van Polen was in de oorlog uniek, daar ben ik het mee eens. Maar dat unieke komt pas tot uitdrukking in vergelijking met andere landen.'

'Communistische propaganda'

Wat hij bedoelt, is goed terug te zien op de vijfduizend vierkante meter van de museumvloer. Machcewicz en zijn collega's hebben de hele 20ste eeuw willen omspannen, beginnend bij de opkomst van de 'grote ideologieën' - communisme, nazisme, Italiaans fascisme, Japans imperialisme. De tentoonstelling is waar mogelijk thematisch ingericht, en niet naar land. Onder het lemma 'honger' staan foto's van de Joodse getto's naast een nis gewijd aan de Nederlandse Hongerwinter.


In een rapport geschreven in opdracht van het ministerie krijgt het museum onder meer het verwijt de leus 'nooit meer oorlog' te propageren. Dat is volgens de auteurs - onder wie een PiS-senator - een 'communistisch propaganda-stereotype'. Het museum nodigde minister Glinski en diens viceminister Jaroslaw Sellin uit om de tentoonstelling te komen bekijken, maar kreeg geen antwoord. Brieven blijven onbeantwoord, communiceren doet het ministerie via de website. Machcewicz, met een knipoog: 'Ze wilden een juridische Blitzkrieg, maar kregen een uitputtingsslag.'

Eind januari kon het publiek alvast een kijkje nemen in het museum.Beeld AP

Sinds jaren is Gdansk in handen van de centristische partij Burgerplatform (PO), niet toevallig de partij van EU-president Donald Tusk. De Hanzestad is Tusks geboorteklei. Hij was het die acht jaar geleden als premier opdracht gaf tot de bouw en Machcewicz (geen partijlid) aanstelde. Nu wil PiS-partijvoorzitter Kaczynski onder het mom van een 'culturele contrarevolutie' af van alles dat aan de Tusk-jaren herinnert. Wie niet in de regeringsplannen meegaat, rekent hij tot de 'Polen van de ergste soort'. Daarmee is het steekspel rond het museum ook een strijd om macht tussen PO en PiS, tussen Gdansk en Warschau.

'Ik ben een patriot', verdedigt burgemeester Pawel Adamowicz (PO) het museum, 'maar ik maak ook deel uit van Europa, van de mensheid.' Adamowicz bemoeit zich nadrukkelijk met het dispuut, en heeft gedreigd de pacht van de museumgrond desnoods stop te zullen zetten. In zijn ogen 'koloniseert' de 'zacht-autoritaire' regering alle domeinen van de maatschappij: eerst het Constitutioneel Hof, de media, de scholen en de economie, nu de cultuur en de nationale geschiedenis.

Het Westerplatte-museum is een idee uit 2006, toen PiS al kortstondig regeerde. Nu stoft de regering het plan af. Burgemeester Adamowicz ziet een 'lege huls' met 'één of twee medewerkers'. Een bezoek aan de website leert dat de door PiS aangestelde directeur een amateurhistoricus is met een omstreden reputatie. De staf van het museum wil niet reageren, en verwijst naar het ministerie van Cultuur. Ook daar blijven interviewverzoeken onbeantwoord.

Nabestaanden

Vandaag opent Machcewicz dan eindelijk de deuren van zijn museum. Over twee weken, op 5 april, volgt de uitspraak van de rechter in hoger beroep. De kans dat Machcewicz op termijn zijn baan behoudt, is klein, erkent hij zelf. Maar de regering krijgt er nog een harde dobber aan om de tentoonstelling naar eigen believen in te richten. 'Dat zou een enorm schandaal geven.'

Honderden nabestaanden doneerden familiestukken. In het geval van een regeringsovername, zo zegden enkele tientallen toe, trekken ze die weer in. Adamowicz: 'De tentoonstelling is af, terwijl minister Glinski dat wilde voorkomen. De overwinning is aan onze zijde.'

Mocht het tot een sluiting komen, dan trekt ook de familie Wnuk haar donatie in. Verloren gaat dan het verhaal van de Poolse broers Boleslaw en Jakub Wnuk. Boleslaw werd omgebracht door de nazi's in 1940, Jakub door de Sovjets in hetzelfde jaar.

De erven schonken het museum de zakdoek van Boleslaw, met daarop een gekrabbeld afscheid aan zijn vrouw, moeder en zus: 'Vandaag word ik door de Duitse autoriteiten geëxecuteerd. Voor mijn vaderland sterf ik met een glimlach op m'n gezicht, maar ik sterf onschuldig.'

Minister Glinski in Warschau, februari 2017.Beeld epa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden