Sluipende slopers in de metaal

Metaalwerknemers lopen ernstige risico's op de werkvloer. Driekwart van de bedrijven overtreedt de Arbowet. De vakbonden willen dat de overheid ingrijpt....

De vierhonderdduizend werknemers in de metaalindustrie maken een relatief grote kans op doofheid, hersenbeschadiging en zelfs kanker. De meeste metaalbedrijven beschermen hun personeel onvoldoende tegen onveilige machines en gevaarlijke stoffen. Driekwart van de gepecteerde bedrijven overtreedt de Arbowet, meldde de arbeidsinspectie onlangs. 'Een onrustbarend hoog percentage', zegt de inspectie.

Inspectierapport A624 laat zich lezen als het verslag van een scheidsrechter van een ernstige risicowedstrijd. De inspecteurs gaven op hun ronde langs zevenhonderd metaalbedrijven 727 maal geel en 62 maal rood. Veel werkgevers kregen een waarschuwing wegens onwetendheid over de concentraties gevaarlijke stoffen waaraan werknemers worden blootgesteld. Anderen kregen een geldboete wegens het ontbreken van noodzakelijke rapportages. Op 44 plekken was de situatie zo onveilig dat het werk direct moest worden stilgelegd.

Werkgevers, werknemers en politici zijn verbaasd over de omvang van de problemen in de metaal. De naleving van de wet is 'ver beneden de maat', schrijft staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken in een brief aan de Tweede Kamer. 'Ik ben me echt kapot geschrokken', zegt bestuurder Jan Verhoeven van FNV Bondgenoten. 'Allesbehalve leuk', meldt Derk Jan Meijer, beleidssecretaris arbozaken van de Metaalunie, de belangenorganisatie van de ondernemers in de metaalindustrie.

Maar over het vervolg zijn de betrokkenen aanzienlijk minder eensgezind. De staatssecretaris heeft zijn hoop gevestigd op de zogenoemde 'zelfwerkzaamheid' van de bedrijfstak. Hij overlegt liever dan dat hij bestraft. Nieuwe beleidsregels blijven achterwege. Terecht, vindt Metaalunie-man Meijer: 'Ik vind de reactie van de staatssecretaris niet meer dan normaal. We hebben diverse verbeteringen afgesproken, zoals een richtlijn voor het veilig werken met oplosmiddelen en een proefproject voor de vervanging van risicovolle producten. Dan zou het gek zijn als de overheid met nog meer nieuwe regeltjes komt.'

Vakbondsman Verhoeven hekelt de fluwelen aanpak van de staatssecretaris: 'Slap, uitermate teleurstellend en eigenlijk ook onacceptabel.' De Tweede Kamerleden die binnenkort vergaderen over het inspectierapport, ontvingen deze week een protestbrief van de bond. Verhoeven wil onder meer extra overheidsmaatregelen voor het terugdringen van het lawaai op de werkvloer en voor de inkoop van minder schadelijke verf: 'We praten al enkele jaren tevergeefs met de metaalwerkgevers over een convenant voor betere arbeidsomstandigheden. Het wordt nu tijd dat de overheid ingrijpt.'

Het conflict over de arbeidsomstandigheden is meer dan de zoveelste ruzie in de Hollandse polder. De aanpak van de arbeidsomstandigheden in de metaalindustrie is een belangrijke lakmoesproef voor het overheidsbeleid.

Sinds de introductie van de nieuwe Arbowet in 1998 ligt de nadruk op de eigen verantwoordelijkheid van de werkgever. Die dient de veiligheid en de gezondheid van de werknemers zo goed mogelijk te waarborgen. Het liefst ziet de overheid dat werkgevers en werknemers daarover gezamenlijk afspraken maken in zogenoemde arbo-convenanten.

In een ideale wereld zou de arbeidsinspectie overbodig zijn. Inspectierapport A624 bewijst het tegendeel. De oplossing voor de problemen kan volgens deskundigen worden gevonden in het verminderen van het aantal regels die vervolgens strenger worden gecontroleerd. Staatssecretaris Van Hoof maakte deze week een begin met een adviesaanvraag aan de Sociaal-Economische Raad voor minder wettelijke normen voor gevaarlijke stoffen.

'Minder regels, streng straffen' is onder meer het motto van Bas Sorgdrager, bedrijfsarts en voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Arbeids-en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB). Enerzijds is hij voorstander van zware straffen: 'Als een werkgever de wet overtreedt, zal hij er voor moeten boeten. Het is in Nederland allemaal verdraaid goed geregeld. Een werkgever kan met behulp van tal van deskundigen gemakkelijk zijn zorgplicht nakomen. Als hij desondanks niet goed voor zijn werknemers zorgt, moet dat zwaar worden bestraft.'

Anderzijds vindt Sorgdrager dat de arbeidsinspectie te veel aandacht schenkt aan details: 'Ernstige overtredingen en kleine foutjes worden te veel op hoop gegooid. Een van mijn clien kreeg van de arbeidsinspectie te horen dat hij zijn werknemers moet instrueren hoe ze kartonnen dozen van een stelling moeten pakken. Let wel: Het gaat hier om l kartonnen dozen. Als je je als arbeidsinspectie met lege dozen gaat bemoeien, dan heb je naar mijn idee geen oog voor hoofd-en bijzaken.'

Vraag metaalwerkgevers naar de oorzaak van de problemen en ze wijzen vooral op de zesduizend bladzijden wetten, regels en kleine lettertjes die voorschrijven wat werkgevers moeten doen en laten.

'Het is een giga-ingewikkelde materie', constateert Meijer. De eisen zijn volgens hem niet altijd even duidelijk, soms strijdig met andere regels, in een enkel geval technisch onuitvoerbaar en voortdurend aan verandering onderhevig. Ook het nieuwe inspectierapport maakt zijns inziens onvoldoende helder waar de problemen liggen: 'Het wordt goedwillende ondernemers bepaald niet gemakkelijk gemaakt om alle regels netjes na te leven.'

Neem bijvoorbeeld lasrook. Jaarlijks sterven in heel Nederland naar schatting veertienhonderd mensen aan kanker, omdat ze op hun werk langdurig zijn blootgesteld aan gevaarlijke stoffen. Lasrook in de metaalindustrie is een van deze sluipende slopers. Geen zinnig mens ontkent dan ook het belang van beschermende maatregelen zoals goede afzuigsystemen en zogenoemde overdrukhelmen.

Dus bepaalt de overheid een aanvaardbare concentratie van lasrook en eist ze dat bedrijven zich daaraan houden. Dat blijkt te simpel gedacht, ervoer Meijer. Voordat de zogenoemde MACwaarde werd vastgesteld, is jarenlang gesteggeld over de vraag of het 1 milligram of 3,5 milligram per kubieke meter lucht zou moeten zijn. Na een advies van de Gezondheidsraad volgden lange discussies in de Sociaal-Economische Raad over de haalbaarheid van dat advies.

Meijer: 'De ondernemers hing lange tijd een eis boven het hoofd waarvan de deskundigen uiteindelijk constateerden dat deze technisch niet kon worden nageleefd. Vervolgens werd op 6 december 2002 een beleidsregel vastgesteld die 25 dagen later in werking trad. En dan moet een ondernemer dus eventjes eentwee-drie een verstandige beslissing nemen over een grote investering van tienduizenden of zelfs honderdduizenden euro's? Zulke situaties bevorderen nou niet bepaald het draagvlak voor een goed arbobeleid.'

Vraag werknemers eveneens naar de oorzaak van de problemen en ze wijzen op onwil van de werkgevers. Vakbondsman Verhoeven is gaan twijfelen aan de goede wil van sommige bedrijven: 'Als een kwart van de werkgevers wel aan alle regels voldoet, dan moeten anderen die toch ook kunnen naleven? Ik ben het meest geschrokken van het feit dat driekwart van de werkgevers zelfs geen idee heeft in welke mate werknemers aan gevaarlijke stoffen worden blootgesteld. Dan is er echt iets mis.'

De politiek is volgens Verhoeven bij de invoering van de Arbowet te gemakkelijk voorbij gegaan aan de vraag wat de overheid doet als werkgevers onvoldoende hun verantwoordelijkheid nemen. 'Als de arbeidsinspectie constateert dat de beoogde zelfwerkzaamheid van werkgevers niet tot betere arbeidsomstandigheden leidt, dan moet de overheid haar verantwoordelijkheid nemen en ingrijpen. Het kabinet neemt de ene na de andere harde maatregel, maar neemt in de metaalindustrie genoegen met brave intenties. Het is voor ons echt onbegrijpelijk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden