Slokop Ede aast op Kernhem

De vleermuizenroute is een van de trekpleisters van het middeleeuwse landgoed Kernhem. Voor hoelang nog? De stad Ede rukt op en wil er een woonwijk bouwen....

door Philip van de Poel

'Pas op voor vallende takken'. Bezoekers van Nederlands eerste vleermuizenreservaat wacht een omineus welkom. Om de vleermuizen aan natuurlijke broed- en overnachtingsplaatsen te helpen heeft de gemeente Ede in 1978 de motorzaag opgeborgen. Voor de vleermuis zijn de verwilderde bomen een zegen, voor de wandelaar is het oppassen geblazen.

De vleermuizenroute is een van de trekpleisters van het landgoed Kernhem. Met een oppervlak van zestig hectare laat het landgoed zich niet vergelijken met Edes toeristische toppers als het park Hoge Veluwe of het jachtslot Sint Hubertus. Het van oorsprong middeleeuwse landgoed kent niettemin een rijke geschiedenis en een charmante mengeling van cultuur- en bosgronden.

Bij de entree van het landgoed is het even zoeken naar Kernhems charme. Het classicistische landhuis dat in 1803 het kasteel verving, is er een van dertien in een dozijn. De restauratie van het onvermijdelijke pannenkoekenhuis lijkt te gebeuren aan de hand van een Anton-Pieckprent.

De eigenzinnigheid die de huidige gebruikers ontberen, bezaten de heren van Kernhem in ruime mate. Tussen 1730 en 1750 trokken ze enkele kloeke strepen door het landgoed. Het barokke lanenstelsel naar Frans voorbeeld vormt nog altijd een dankbare habitat voor wandelaars. Rond zonsondergang veranderen de eiken- en beukenlanen in een uitvliegroute voor jagende vleermuizen.

Uit pr-oogpunt had het vleermuizenreservaat een betere locatie verdiend. De vleermuis mag gaandeweg krediet krijgen voor zijn rol als ongediertebestrijder, het dier roept nog immer associaties op met vampiers en andere duistere zaken. De dodenakker aan weerszijden van de Doolhoflaan sluit naadloos bij zulke griezelclichés aan.

Voorbij de gemeentelijke begraafplaats markeert een stuwwal de overgang tussen de laag gelegen delen van het landgoed en het Edese Bos. Kroon op de stuwwal is een grafheuvel uit de Bronstijd die de naam het Gravenbergje heeft meegekregen.

In de plaatselijke overlevering is het Gravenbergje tevens het decor van een spooklegende. Een niet nader genoemde jonkvrouw zou hier nog altijd wachten op de terugkeer van haar minnaar. De Edese boekhandelaar Piet Pel attendeerde Suske en Wiske-tekenaar Paul Geerts op het verhaal van het Witte Wief van Kernhem.

In het gelijknamige Suske en Wiske-album husselt Geerts, artistiek erfgenaam van de in 1990 overleden Willy Vandersteen, de inhoud van de VVV-gids en quasi mythologische motieven door elkaar. Voor de ANWB reden om recentelijk een speciaal arrangement in het leven te roepen.

Al dan niet geïnspireerd door volks bijgeloof legde de graaf van Kernhem rond 1730 een doolhof rond de Gravenberg aan. De doolhof is terug te vinden op de website van Nederlandse doolhofliefhebbers:

www.smartbits.nl/labyrinth. De plattegrond op de site lijkt echter in niets op de rommelige begroeiing die de Gravenberg omringt.

Niet iedereen blijkt bestand tegen de twijfelachtige charme van het doolhof. Op zomaar een prille voorjaarsmiddag heeft zich in het iele eikenhakhout een stelletje genesteld. De ontblote billen van de man detoneren met het ontluikend groen.

Het tafereel past bij de verloederde staat waarin het Edese Bos verkeert. Ondergroei wordt overschaduwd door ontwortelde Amerikaanse vogelpest. Om enigerlei reden zijn de dode struiken niet verwijderd. Het bos oogt zodoende als een mangrove-woud.

Rond de spoorlijn Ede-Barneveld gaan de bosschages over in een half open landschap. Prefabwoningen en Ikea-schuttingen onttrekken het 'kippenlijntje' aan het zicht. Langs de boszoom hangt een gemene lucht, die afkomstig moet zijn van boerenbedrijven in de omgeving. Plastic ontluchtingspijpen steken uit de berm omhoog.

De pvc-paddenstoelen fungeren als een passende bewegwijzering naar een aanpalend vakantiepark. De camping is volgestouwd met meest groen uitgeslagen stacaravans. Blijkens het prikbord naast de slagboom kunnen belangstellenden voor nog geen 40 duizend gulden eigenaar worden van een echte 'cottage sweet home caravan'. Twijfelaars wordt een bonus in het vooruitzicht gesteld. 'Bij deze caravan hoort een mooie porceleinen pop (keuze uit diverse poppen bij onze poppenkunstenares Johanna).'

Ook popperig maar beduidend beter onderhouden dan het trailerpark is de Doesburger Molen. De rond 1500 gebouwde standerdmolen vormt het pronkstuk van het gelijknamige buurtschap. Op gemeentelijke plankaarten moet het buurtschapje wijken voor een villabuurt. Deze plannen zijn weliswaar voorlopig van de baan, maar de nieuwbouw schurkt zich steeds dichter tegen landgoed Kernhem aan. Op wat eens de westelijke uitlopers van het landgoed waren, worden de eerste honderden huizen van nieuwbouwwijk Kernhem opgeleverd. De straatnamencommissie heeft de buurt in een cynische opwelling toebedacht met namen als Mollenbos en Spaanderswoud.

Volgens tegenstanders van de nieuwbouw wordt de Kerhemmer natuur- en cultuurhistorie zonder omhaal opgeofferd aan ongebreidelde expansiedrang. De nieuwbouw verdringt niet alleen oude verkavelingspatronen en houtwallen, ook de waterhuishouding van het gebied zou verstoord raken. Door de natuurlijke afwatering van de Edese stuwwal is Kernhem van oudsher een nat gebied.

Om wijk droog te houden wordt het grondwater weggepompt. In het slechtste geval zouden bossen tot ver in de omtrek verdrogen. In Kernhem geldt inmiddels een bouwstop. Naar het oordeel van de Raad van State heeft de gemeente verzuimd een fatsoenlijke milieurapportage te maken.

Hennie Davelaar betreurt de overwinning van de milieuactivisten. 'Het zijn misselijke mensen', zegt Davelaar als hij het span Franse trekpaarden heeft afgetuigd, waarmee hij de grond rond Huize Kernhem bewerkt. 'De jongens hebben d'r alle dagen veur lopen zweten en die kunnen nu geen huis kopen.' Met de Percherons in de veewagen, komt de koelbox met jonge klare tevoorschijn. Ondanks zijn weerzin tegen milieuactivisten constateert Davelaar met spijt dat het landelijke karakter van Kernhem verwatert. 'Maar ja, de hele boerenstand in Nederland gaat naar de donder.'

Met zijn twee bejaarde kompanen haalt Davelaar herinneringen op aan de tijd dat het nog leuk boeren was. De tongen komen los als de gedachten teruggaan naar het Wereldkampioenschap Ploegen te Dronten waar Davelaar in 1985 aan deelnam. 'Allemachtig buutengewoon wat de winnaar daar deed', mijmert Davelaar. 'Er zat nog geen bochtje in de voor, ik kreeg er tranen van in de ogen.

'Wie ploegt er nog met een span?', valt Davelaars partner bij.

Het retorische karakter van de vraag lijkt Davelaar te ontgaan.

'Ja, ik.'

'En verder?'

'Geen mens.'

'Precies, iemand moet 't ouwe in ere houden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden