Reportage

Slimme zwarte rat is een moeilijk te verdrijven fokmachine

De zwarte rat rukt op. Hij zit in Limburg en Brabant, maar is volgens deskundigen de Maas al overgestoken. En weg krijg je ze niet zomaar.

Rattenvanger Huub Verlinden inspecteert een schuur van een Limburgse pluimveehouder. Beeld Marcel van den Bergh

Zonder te aarzelen laat Johan van Rooij zich op zijn knieën zakken. Hij tilt een zware plank in de vloer van de kippenstal op, en laat zich in de donkere diepte zakken. Met zijn zaklantaarn en infrarood kijker onderzoekt hij de lopende band waarop kippenmest wordt afgevoerd. Met zijn vingers port hij in de isolatielaag tussen de muren. Tienduizenden kippen kijken vanaf hun stok toe. Het opdwarrelende stof en de ammoniaklucht benemen de adem.

Het is na negenen in de avond en Van Rooij zoekt naar ratten. Zwarte ratten, om precies te zijn. De regio Midden- en Noord-Limburg kampt met overlast. Kwamen er over heel 2010, toen de gezamenlijke telling begon, een kleine 150 rattenmeldingen binnen, dit jaar staat de teller al boven de 230. Ook in de regio Zuidoost-Brabant meldden verscheidene gemeenten rattenoverlast. Het bracht Leudal ertoe de handen ineen te slaan met tien andere Limburgse gemeenten en professionele ongediertebestrijders.

In het bijzonder zitten zij achter de zwarte rat aan. Die is aan een opmars bezig. Het dier komt vooral voor in Brabant en Limburg, Gelderland en de havensteden Amsterdam en Rotterdam. Maar, waarschuwt Van Rooij, 'Het is een olievlek. De zwarte rat is de Maas al over.'

Je herkent de zwarte rat aan de lengte van de staart ('zijn vijfde poot'): net iets langer dan het lijf. De zwarte rat is een stuk slimmer dan de alomtegenwoordige bruine rat, die in riolen leeft en afval eet. Zwarte ratten leven het liefst hoog (bijvoorbeeld onder het dak) en zijn niet happig om gif te eten. Plaagdierbestrijder Johan van Rooij: 'Bruine ratten heb je binnen een week of drie weg, bij zwarte ratten kan dat wel één of twee jaar duren.'

Met zijn infraroodscanner kijkt hij langs de buitenwanden van de kippenstal. 'Je moet echt in de vergeten hoekjes zoeken', zegt hij. Al 25 jaar werkt Van Rooij als ongediertebestrijder in opdracht van overheden, bedrijven en particulieren. Samen met zijn collega-bestrijder Huub Verlinden van de gemeente Leudal is hij op inspectie bij een Limburgse pluimveehouder.

Een paar weken geleden doken ze daar voor het eerst op. 'Vijf heb ik er dood getrapt', zegt de boer. Zijn naam mag niet in de krant. Op de rat rust namelijk een taboe. Van een pluimveehouder met ratten in zijn bedrijf kunnen zomaar alle eieren worden afgekeurd. Om nog maar te zwijgen over het gevaar dat ratten kabels doorknagen en zo kortsluiting veroorzaken.

Dat ze er zijn, is de rattenvangers al snel duidelijk. Ze vinden rattenpoep, pootafdrukken en zelfs een schedeltje. Wat ook vast staat: waar één rat is, zijn er meer. 'Een rat is eigenlijk altijd zwanger', zegt Van Rooij. Binnen een jaar kan een handvol ratten zich zo duizend keer vermenigvuldigen.

Rattengif

Dat tempo maakt bestrijden moeilijk. Daarbij is de regelgeving rond het gebruik van gif de laatste jaren aangescherpt. Het vermengen van gif met eten is niet meer toegestaan waardoor veel ratten het gif links laten liggen. Vanaf volgend jaar is het ook verboden om rattengif buiten te gebruiken, omdat het teveel andere dieren het leven kost. Wat rest is het plaatsen van vallen en adviseren hoe je de komst van ratten voor kan zijn. Bijvoorbeeld door stallen goed af te sluiten en geen voerbakken, notenbomen of bloemenstruiken op voor ratten toegankelijke plekken te hebben.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) houdt de meldingen van rattenoverlast bij, zegt Joke van der Giessen. Ze werkt sinds dit jaar aan een systeem om landelijk in kaart te brengen waar ratten (zwart en bruin) overlast veroorzaken. Of er landelijk sprake is van een toename, kan ze nog niet zeggen. Daarnaast onderzoekt het RIVM of ratten infectieziektes zoals de besmettelijke ziekte van Weil, die leidt tot hoge koorts, met zich meedragen. Van der Giessen: 'Mensen spreken snel over ziektes, maar we weten op dit moment niet welke ziekteverwekkers bij Nederlandse ratten een probleem zijn en of dit verschilt per regio.'

Aan het einde van de avond zitten Van Rooij en Verlinden aan tafel bij de pluimveehouder die hun hulp heeft ingeroepen. De ratten hebben zich niet meer laten zien, maar Van Rooij heeft ontdekt hoe ze zijn binnengekomen. Hoewel de hele boerderij goed geïsoleerd is, stond de klep van de band die mest afvoert open. 'Deuren dichthouden, gaten stoppen, dat is de enige manier om ze buiten te houden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.