Slimme actie tegen scheefhuren? Vier vragen over 'nomadencontracten'

Utrecht en Amsterdam hebben onorthodoxe plannen om de in die steden volledig vastgelopen woningmarkt vlot te trekken: door bijvoorbeeld jongeren tijdelijke huurcontracten te bieden. Critici spreken al van 'nomadencontracten'.

Keuken in een studentenhuis Beeld ANP

Wat zijn de plannen?
Amsterdam en Utrecht willen jongeren tot 35 jaar een tijdelijk huurcontract kunnen aanbieden van vijf jaar voor een sociale huurwoning, in plaats van een voor onbepaalde tijd. Als de jongere na die periode goed verdient, moet hij een andere woning gaan zoeken. Als hij nog steeds weinig inkomen heeft, krijgt hij nog één keer verlenging voor weer vijf jaar. Daarna moet hij echt de woning verlaten.

Het is een van de plannen van de Amsterdamse woonwethouder Freek Ossel en zijn Utrechtse collega Gilbert Isabella, beiden van de PvdA, voorleggen aan minister Blok (VVD) van Volkshuisvesting. Ook willen de wethouders dat de huren stijgen als bewoners meer gaan verdienen; de huren gaan ook weer omlaag als de bewoner zijn inkomen ziet dalen. Bij verbouwingen van bijvoorbeeld leegstaande kantoorgebouwen tot woonruimtes voor starters, moeten bovendien de huidige minimale woningeisen worden losgelaten. De minister gaat kijken wat mogelijk is, zegt zijn woordvoerder.

Wat is het probleem?
De aantrekkingskracht van Amsterdam blijft groeien. Jonge gezinnen, kenniswerkers, talentvolle en creatieve jongeren, ze willen er allemaal wonen. Dit geldt ook voor Utrecht, in iets mindere mate. Ook daar willen veel meer mensen zich vestigen dan er woonruimte voorradig is, onder meer jongeren die er na hun studie blijven hangen.

De extreme druk op de woningmarkt in beide steden is niet te vergelijken met de rest van Nederland, betogen de wethouders. Door de crisis kunnen steeds minder mensen een huis kopen. Het aantal sociale huurwoningen neemt ondertussen af; de wachttijd is acht à tien jaar. Corporaties hebben door extra heffingen van het rijk steeds minder geld. Ze verkopen huurwoningen of verhogen de huur fors bij nieuwe huurders. Het is in beide steden heel moeilijk betaalbare woonruimte te vinden. Utrecht en Amsterdam zijn bang door deze krapte getalenteerde bewoners te verliezen.

Gilbert Isabella Beeld ANP

Hoe willen de wethouders dit aanpakken?
Boven een jaarinkomen van 35 duizend euro kom je niet in aanmerking voor een sociale huurwoning. In Amsterdam en Utrecht heeft ongeveer een op de vijf sociale huurwoningen een bewoner die daar ver boven verdient. Door de hoogte van de huur afhankelijk te maken van het inkomen, moeten deze 'scheefbetalers verleid' worden te vertrekken naar een duurdere woning, zoals Ossel het omschrijft.

Met het aanbieden van tijdelijke huurcontracten voor vijf jaar willen de wethouders 'jongeren op een nette manier een kans geven', zegt Ossel. De wethouder ergert zich aan de benaming 'nomadencontracten' door tegenstanders. 'Het is veel socialer om de jongeren in een huis te laten wachten op iets anders, dan dat je ze helemaal niets te bieden hebt.'

Isabella: 'Jongeren kunnen nu echt helemaal geen kant op. We gaan echt niemand op straat zetten als de contractperiode is afgelopen. Ze hebben dan bovendien genoeg wachttijd opgebouwd voor een definitieve woning. Het gaat er ons om de doorstroming te bevorderen.'

Beide wethouders willen ook de woningvoorraad proberen uit te breiden. Maar ze merken dat het in de crisis lastig is op bouwprojecten van de grond te krijgen. Isabella: 'Als een paar bouwregels buiten werking worden gezet, bijvoorbeeld die van minimale oppervlakte, kunnen we wel sneller kantoren ombouwen tot woonruimte krijgen waar jongeren blij mee zijn.'

Zijn het zinvolle plannen?
De Woonbond vindt van niet. De wethouders kunnen beter de bouw van meer betaalbare woningen stimuleren. De tijdelijke huurcontracten verslechteren de rechtspositie van de huurders, vindt deze belangenvereniging van huurders. 'In deze tijden hebben veel mensen flexibele arbeidscontracten met inkomensonzekerheid. En waar moeten ze heen als ze hun huis moeten verlaten?'

Ook hoogleraar Hugo Priemus aan de TU Delft is kritisch. Meer transformatie van lege kantoorgebouwen tot woningen vindt hij een goed plan. Maar inkomensafhankelijke huur is volgens hem praktisch heel lastig uit te voeren. 'Bovendien is nooit bewezen dat zogeheten scheefwoners inderdaad gaan verhuizen als ze meer moeten betalen.' Met het invoeren van kortlopende huurcontracten begeven de steden zich op 'glad ijs'. 'Tijdelijke huurcontracten voor studenten of expats zijn prima, maar breidt dit niet uit naar alle jongeren. De huurbescherming is er niet voor niets.'

Het belangrijkste knelpunt benoemen deze PvdA-wethouders volgens Priemus niet, namelijk de verhuurdersheffing, een forse belasting voor verhuurders van goedkope huurwoningen. De corporaties berekenen deze belasting door in de huurprijs en houden minder geld over om te bouwen. 'De PvdA heeft daar voor gestemd in Den Haag. Ondertussen wordt het alleen maar slechter op de huurwoningmarkt.'

 
In deze tijden hebben veel mensen flexibele arbeidscontracten met inkomensonzekerheid. En waar moeten ze heen als ze hun huis moeten verlaten?
Woonbond
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.