'Site Electronic Intifada staat voor persvrijheid'

JERUZALEM - 'Wij zijn een platform, een online krant, waar iedereen zijn mening kwijt kan over het conflict in het Midden-Oosten. Sommige auteurs zijn voor een boycot van Israël, anderen zijn dat niet. Dat is hun goed recht. Wij zijn voor vrijheid van meningsuiting.'

Screenshot van de website van Electronic Intifada.

Ali Abunimah is medeoprichter van de Electronic Intifada (EI), de Palestijnse website die door de Nederlandse hulporganisatie ICCO financieel wordt ondersteund. Op de site staan regelmatig artikelen die het regeringsbeleid van Israël aangaande de bezette Westelijke Jordaanoever hekelen. Niet zelden roepen EI-auteurs op tot een boycot, 'desinvestering' en andere sancties tegen Israël.

De EI ligt vanwege die oproepen al een tijdje onder vuur van pro-Israëlische organisaties. Ook minister van Buitenlandse Zaken Rosenthal sprak zich in november kritisch uit over de financiële band tussen de EI en ICCO. Als blijkt dat ICCO inderdaad EI subsidieert, dan heeft de organisatie 'een groot probleem met mij', zei hij in november in The Jerusalem Post.

Opmerkelijk

Dat was een opmerkelijke uitspraak, want ICCO heeft er nimmer een geheim van gemaakt dat het inderdaad de EI financiert. In 2006 kreeg de EI 20 duizend euro uit Utrecht, vorig jaar werd 50 duizend euro overgemaakt.

Afgelopen week voerde Rosenthal een 'pittig' gesprek met ICCO, dat jaarlijks 75 miljoen euro ontvangt uit Den Haag. Rosenthal vertelde de interkerkelijke organisatie dat doorgaan met activiteiten die strijdig zijn met de regeringsopvattingen gevolgen kunnen hebben voor het subsidiebeleid. 'Kritisch zijn mag natuurlijk, rechtstreeks tegenwerken niet', aldus Rosenthal.

Wijzigen

ICCO liet na het 'openhartige' gesprek weten geen reden te zien haar beleid te wijzigen. 'Het is in Nederland goed gebruik dat maatschappelijke organisaties zelfstanig besluiten nemen', schrijft de organisatie.

'Dat er in artikelen op de Electronic Intifada gepleit wordt voor boycot van producten die door Israëlische bedrijven in bezet gebied gemaakt worden, betekent niet meteen dat EI hier zelf voor pleit. Voor de duidelijkheid: zowel ICCO als de EI heeft de oproep tot een boycot niet zelf onderschreven', zegt ICCO-woordvoerder John Veron.
Ook in andere conflictgebieden, zoals in Congo en Soedan, ondersteunt ICCO alternatieve media. 'Een vrije pers is een van de voorwaarden voor het opbouwen van een democratie', aldus Veron. 'Juist in conflictsituaties zijn media die berichten over de schendingen van de rechten van burgers van groot belang.'

Teleurstellend

De EI is in 2001 opgericht. Palestijnen én kritische Israëliërs leveren bijdragen, zegt oprichter Abunimah, die het teleurstellend vindt dat Rosenthal zich in november zo negatief uitliet over de EI 'zonder met ons gesproken te hebben. Dat was niet fair.'

De minister zou zich volgens hem laten leiden door publicaties van de 'ultrarechtse' pro-Israëlische organisatie NGO-monitor, die de EI onder meer verweet vergelijkingen te maken tussen nazi-Duitsland en Israël. Abunimah: 'Dat was een leugen.'

Het geld van ICCO vormt ongeveer eenderde van het redactiebudget, zegt Abunimah. 'De rest wordt bijgedragen door lezers. Nee, geld uit Arabische landen krijgen we niet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden