'Siert Bruins laatste ex-SS'er? Nee dus'

In vier jaar tijd spoorde historicus Cees Kleijn samen met journalist Stijn Reurs 400 nog levende ex-nazi's op. Ze spraken ook Siert Bruins, die onlangs overleed. Lees hieronder het interview van Sterre Lindhout terug.

Siert Bruins. Beeld anp

De laatste Nederlandse nazi, of in elk geval de laatste Nederlandse nazi die oorlogsmisdaden heeft begaan. Zo, met de trots van een troep jagers die het laatste zwijn uit het bos hebben geveld, presenteerden de media Siert Bruins, toen de hoogbejaarde ex-SS'er begin september vorig jaar zijn rollator parkeerde in de hoek van de rechtszaal in het Duitse Hagen.

Bruins staat terecht voor de moord of Beihilfe, medeplichtigheid aan moord, op verzetsman Klaas Aldert Dijkema, gepleegd in september 1944, op een fabrieksterrein in de buurt van Appingedam. Levenslang, luidt de eis van het Duitse Openbaar Ministerie zeventig jaar later. Vandaag velt de rechter zijn oordeel. Als Bruins straks in de cel zit, zijn dus alle Nederlandse nazi's dood of gevangen. Schluss.

Of niet?

'Dit is correct als de oorspronkelijke lijst van Nederlandse oorlogsmisdadigers wordt gehanteerd', schrijft historicus Cees Kleijn (31) in september in een mail naar de Volkskrant, naar aanleiding van de publicaties over Bruins. 'De keerzijde van deze lijst (waarop alleen de oorlogsmisdadigers staan die in Nederland zaten) is dat oorlogsmisdadigers aan het Oostfront nauwelijks konden worden onderzocht, waardoor deze oorlogsmisdadigers de dans konden ontspringen en niet op de lijst kwamen.'

Archiefbeeld van Siert Bruins. Beeld anp

Collaborateurs

'Bruins de laatste? Nee dus.' SS'ers, SD'ers, mannen van de Landstorm, ze wonen nog overal, zegt Kleijn. Het zijn bij wijze van spreken onze buren. Maar de meerderheid heeft geen oorlogsmisdaden begaan.

Hij wijst naar buiten, naar de bovenste verdieping van de Berlage-blokken in de Waalstraat, de Amsterdamse Rivierenbuurt. 'Vroeger woonden hier veel Joden, nu opvallend veel collaborateurs', zegt Kleijn. 'Ik sprak ooit een oud SS'er, die vertelde hoe hij schrok toen hij vanachter dat bovenraam een razzia zag plaatsvinden. Hij vocht aan het Oostfront, maar was met verlof.'

Kleijn sprak die SS'er niet toevallig. Samen met journalist Stijn Reurs (27) spoorde hij in vier jaar ruim vierhonderd nog levende Nederlandse nazi's op. Een van die vierhonderd is Siert Bruins.

De twee jonge mannen, blozende wangen en gestreken overhemden, begonnen hun speurwerk uit historische interesse. Ze baseren zich op archiefonderzoek in binnen- en buitenland. In tegenstelling tot bekende nazi-jagers als Gideon Levi (die de zaak tegen Bruins aanzwengelde) en Arnold Karskens willen ze de bejaarde mannen en vrouwen niet voor niet rechter slepen. Ze presenteren zich als jonge generatie, 'die niet wil oordelen, maar luisteren', zegt Kleijn. 'We benaderen ze niet als nazi, maar als mens', zegt Reurs. Als zij binnenkomen, blijft de schuldvraag buiten. Dat opent veel deuren, blijkt. 'Sommige interviews duren wel tien uur', zegt Kleijn. 'Vaak is het de eerste keer in zeventig jaar dat ze hun verhaal vertellen. We hebben al meerdere keren meegemaakt dat iemand kort daarna stierf.'

Ze treffen ook zelden iemand die nog steeds overtuigd is van het nationaalsocialistische gedachtengoed of iemand die de Holocaust ontkent. Ze treffen veel mensen die zeggen dat ze van de concentratiekampen weinig of niets wisten. En ze treffen zelden iemand die berouw toont. De bejaarde mannen, zeggen ze, zijn vooral 'normale mensen'. Ze sloten zich om uiteenlopende redenen aan bij de SS: uit idealisme, omdat ze 18 waren en op zoek naar avontuur, omdat hun ouders NSB'ers van het eerst uur waren, of omdat hun verkering het had uitgemaakt.'

Beeld afp

Begrip

Tonen ze niet wat te veel begrip? 'Natuurlijk, als je binnenkomt zie je vooral aardige oude mensen', zegt Reurs. 'Maar als we merken dat iemand bezig is zijn eigen straatje schoon te vegen kunnen we heel direct zijn.'

Kleijn wil de interviews uiteindelijk gebruiken voor zijn proefschrift, verder willen ze een deel van het materiaal ook nog op een andere manier publiceren, maar de plannen daarvoor zijn nog niet concreet. Behalve interviews hebben ze inmiddels ook een collectie van ruim tienduizend nooit eerder gepubliceerde foto's van Nederlanders in Duitse dienst, allemaal afkomstig uit schoenendozen op muffe zolders.

De meeste mannen die Reurs en Kleijn spreken, hielden hun verleden hun hele leven onder de pet. Bruins is een van de bekendste nazi's die ze hebben gesproken. Vier jaar duurde het maar liefst, voor Reurs op de koffie mocht in het Westfaalse gehucht Altenbreckerfeld.

Ze spraken over Bruins' tijd als SS'er aan het Oostfront - dat was voor hij in dienst van de SD de moord op Klaas Aldert Dijkema pleegde en de moord op de Joodse broers Sleutelberg, waarvoor Bruins in de jaren tachtig vijf jaar gevangen zat.

Bruins was een van de naar schatting 630 Nederlanders die aanwezig waren bij de Duitse invasie van de Sovjet-Unie. 'Hij heeft in een enorme geweldsspiraal gezeten', zegt Reurs. Bruins vertelde Reurs hoe bij de Oekraïense stad Rostov kameraden zag bevriezen.

Groningse platteland

Het Oostfront heeft Bruins gehard, denkt Reurs. 'Maar zijn jeugd was ook hard, op het Groningse platteland. Hij vertelde hoe hij als jongen op zaterdag een biertje dronk in de plaatselijke kroeg, met zijn NSB-speldje op zijn revers. Dan stond er altijd een groep jongens klaar om hem in elkaar te slaan. 'Daardoor is hij wel geradicaliseerd', denkt Reurs.

De gesprekken met Bruins omschrijft hij als prettig. 'Ik zat met hem te filosoferen over de huidige maatschappij toen hij zei dat hij goed kon begrijpen dat Turken in Duitsland het moeilijk hadden. Keihard werken en toch uitgekotst worden.' Of Bruins de moord gepleegd heeft waarvoor hij terecht staat? 'Ik was er niet bij, ik weet niet of hij het gedaan heeft', zegt Reurs. Kleijn vindt het niet zo relevant. 'Er leven in Europa nog duizenden Bruinsen. Er zijn zoveel soldaten die namens de Wehrmacht Russen hebben neergeschoten, of geholpen hebben bij massa-executies in het Oosten, ook Nederlanders. Dus waarom Bruins en waarom nu pas?'

Nee, niemand mag zijn straf ontlopen. Daar zijn Kleijn en Reurs het over eens. Maar hun grootste bezwaar is dat ze vinden dat het Duitse Openbaar Ministerie broddelwerk levert. Tijdens de persconferentie na de eerste zittingsdag in september gaf officier van justitie Andreas Brendel zelf toe dat het Duitse OM niet zelf op zoek gaat naar nazi's, maar alleen mensen vervolgt die door de media worden aangedragen. 'Bruins was gewoon in beeld, vanwege die tv-serie van Gideon Levi. Iets vergelijkbaars gold voor Demjanjuk.'

Ze denken dat Bruins wordt veroordeeld. Reurs fronst. 'Ik zou nog bij hem langsgaan om hem voor de camera te interviewen, maar de kans dat dit hierna nog lukt is klein.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden