Shockeren als middel om de werkelijkheid te tonen

Het is geen overbodige luxe na een aanslag langer stil te staan bij het effect van woorden en beelden.

Annieke Kranenberg
Voorpagina's van Nederlandse kranten, daags na de aanslagen in Brussel. Beeld anp
Voorpagina's van Nederlandse kranten, daags na de aanslagen in Brussel.Beeld anp

Het begon met een tweet van een 15-jarige scholiere uit Amsterdam, die schreef dat ze zo snel mogelijk van haar school wilde omdat medeleerlingen hadden gelachen om de aanslagen in Brussel. Vervolgens twitterde een man uit Breda: 'Hoe geef je nog les in je klas als er door moslimkinderen geapplaudisseerd wordt? #aanslagen #Zaventem.' Het leidde tot hevige reacties op sociale media, waarop sommige reguliere media de berichten eveneens serieus namen - er kennelijk van uitgaand dat de man uit Breda een docent op een middelbare school was die uit eigen ervaring sprak.

Dat was niet zo. Hij bleek een yogaleraar te zijn die alleen maar de hypothetische vraag wilde opwerpen. De boodschap van het 15-jarige meisje lag ook anders, stelde de rector van haar school in een verklaring. Geen enkele leerling herkende zich in het verhaal, schreef zij. 'De bijeenkomst met de leerlingen was indringend en vruchtbaar.' Wel gaf ze de media een veeg uit de pan omdat ze geen gehoor hadden gegeven aan een dringend appèl van de leerlinge en haar moeder om met rust te worden gelaten. 'Hiermee zijn onze leerlingen onderdeel geworden van een politiek debat. Velen van hen zijn hier boos en verdrietig over.'

Tot zover de eerste- en tweederangs commotie die zich voornamelijk in andere media afspeelde. De Volkskrant besteedde zaterdag ook aandacht aan 'de storm op Twitter', maar gaf er een eigen draai aan door een journaliste te interviewen die voor het ministerie van Onderwijs onderzocht hoe docenten omgaan met het uiteenlopende gedachtengoed van hun leerlingen. Een genuanceerd verhaal. 'Goed als leraar blijft doorvragen', aldus de kop.

Verwarrend en op zijn ergst stigmatiserend

Op Twitter kondigde de redactie het stuk heel anders aan: 'Hoe geef je nog les als moslimkinderen in de klas applaudisseren na aanslagen in #Brussel?' Wat een tendentieuze en misleidende kop, reageerde een groep lezers, want uit het artikel bleek nou juist dat dit niet was bewezen. Net als de yogaleraar wilde de redactie prikkelen met een hypothetische vraag, zo was die ook in het stuk geformuleerd. Maar door het ontbreken van de hypothetische context kreeg een gerucht via een tweet wederom een feitelijke lading (de krant heeft ruim 500 duizend volgers op Twitter). Dat is op zijn minst verwarrend en op zijn ergst stigmatiserend: een specifieke groep minderjarigen - religieus gedefinieerd - wordt negatief weggezet wegens gedrag dat niet is komen vast te staan.

Het is geen overbodige luxe na een terroristische aanslag iets langer stil te staan bij het effect van woorden en beelden. Na de aanslagen in Parijs schreef ik al over vette, concluderende en interpretatieve koppen op de voorpagina die onbedoeld angstgevoelens versterken of propaganda maken voor IS. Sommige feiten zijn beladen genoeg van zichzelf, die behoeven geen extra emotie. De krant, schreef ik na 13 november, moet ervoor waken zich te laten meeslepen door media die wedijveren in filmpostertaal.

Na Brussel was het volgens sommige lezers weer zover. 'IS raakt Europa in het hart', kopte de voorpagina in een door de politie verspreid beeld van de aanslagplegers op de luchthaven. Daarmee wordt de aanslag 'geframed' als een succes van IS, mailde een lezer. De redactie wil daarentegen een kop die zij treffend acht niet uit de krant houden omdat die IS toevallig welgevallig is. Dat zou een vorm van zelfcensuur zijn.

Foto van slachtoffers op vliegveld Zaventem.

Beide opvattingen zijn begrijpelijk. Het propagandistische element zit mijns inziens in het woordje 'raakt', waarmee wordt vastgesteld dat Europa daadwerkelijk in het hart is getroffen. Dat is het doel van IS, maar valt op verschillende niveaus nog te bezien. Aanvankelijk is er een andere kop overwogen: 'IS slaat toe in het hart van Europa.' Die kop was feitelijk correcter geweest, omdat er geen conclusie aan wordt verbonden. Overigens overtroffen een aantal voorpagina's van andere kranten elkaar in filmpostertaal: 'Parijs... Brussel... ???...' (Noordhollands Dagblad). Voorop NRC Next kwamen de namen van vijf getroffen steden van veraf steeds dichterbij: 'Madrid, Londen, Parijs, Istanbul, Brussel.'

Heel wat kranten in binnen- en buitenland openden daags na de aanslagen met de foto van twee slachtoffers op het vliegveld Zaventem. Vooral de vrouw rechts trok de aandacht. Bloedsporen tekenen haar ontredderde gezicht. Het haar bedekt door stof, het gele jasje opengereten door de explosie waardoor haar bovenlichaam deels ontbloot is. Binnen mum van tijd ging de afbeelding internationaal viraal en werd de vrouw hét gezicht van Brusselse aanslagen genoemd. Al snel ontlokte het massale delen op sociale media en publicaties in reguliere media wereldwijd kritiek: 'Exploitatie van een tragedie', 'respectloos'.

Lezers van deze krant maakten eveneens bezwaar tegen het publiceren van de foto op pagina 8. De redactie heeft niet overwogen de foto niet te tonen uit respect voor de privacy van de vrouw, vertelt de plaatsvervangend hoofdredacteur. De nieuwswaarde was evident. 'Het was de enige foto die recht deed aan het leed van de slachtoffers, waarop de totale ontreddering was te zien.' Wel is de foto bewust niet op de voorpagina gezet. De verbeelde ontreddering was bekend, hoe cru dat ook klinkt. De korrelige foto van de mannen op weg naar hun terroristische daad was nieuw. Een weloverwogen en sterke journalistieke keuze.

Gerechtvaardigd journalistiek middel

Toch wringt het dat de privacy van het slachtoffer op geen enkel moment een rol heeft gespeeld. Hoewel het persoonlijke drama de foto zo indringend maakt, is niet stilgestaan bij de mogelijke dramatische gevolgen van een publicatie voor de betreffende persoon.

Hoe de vrouw - ze is een stewardess en moeder van twee kinderen uit India - er zelf over denkt is niet wereldkundig gemaakt. De reactie van de bewaker van het gebouw waar zij en haar gezin wonen, spreekt boekdelen. 'Het was niet prettig om de foto van mevrouw in de ochtendkranten te zien met haar kleding verbrand en haar ondergoed zichtbaar', zei hij tegen een Indiase krant. 'Het minste wat ze hadden kunnen doen is haar bedekken.'

Soms is shockeren een gerechtvaardigd journalistiek middel om de werkelijkheid te tonen zoals die is en wegen andere belangen minder zwaar. Nauwkeurigheid en menswaardigheid mogen nooit uit het oog worden verloren.

De Ombudsvrouw behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de inhoud van redactionele pagina's en journalistieke aanpak.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden