Sex, drugs & Helvetica bold

De Britse journalist-auteur Simon Garfield (52) schreef het boek 'Precies mijn type', over lettertypen. Hier het verhaal achter zijn vijf favoriete fonts.

TONIE MUDDE

Ook iSteve was een letterfreak

'Ik leerde over schreefletters en schreefloze letters, over het variëren met ruimte tussen letters, over wat geweldige typografie geweldig maakt. Het was schitterend, historisch en subtiel artistiek op een manier die de wetenschap niet kon vatten. Ik vond het fantastisch.' Zo lyrisch sprak Apple-oprichter Steve Jobs tijdens een speech in 2005 over de typografiecursus die hij ooit volgde op de universiteit. Later bleken die lessen hem goed van pas te komen. Als een van de eersten ontwierp Jobs in de jaren tachtig computers waarbij je zelf kon kiezen uit lettertypen. Een lettertype dat voor altijd met Jobs geassocieerd zal worden, is Chicago. Het werd veelvuldig gebruikt in de besturingssystemen van Apple. Ook dook Chicago op bij de eerste generatie iPods, vanwege de leesbaarheid op het kleine scherm.

'Met dit lettertype heb ik een haat-liefdeverhouding. Soms zie je het op grafstenen of op de zijkant van ambulances. Ongepast, vind ik. Daarvoor is het lettertype te jolig, te kinderachtig.

'Een waarschuwingsbord of strenge mededeling in Comic Sans: dat kun je toch niet serieus nemen? Maar als ik op zo'n moment bedenk waarvoor Comic Sans is ontworpen, ga ik toch weer van die letter houden.

'Computers hadden ooit een totaal gebruiksonvriendelijke uitstraling. De Amerikaanse ontwerper Vincent Connare, die werkte voor Microsoft, wilde daar in de jaren negentig verandering in brengen. Voor softwarepakketten gebruikte men toentertijd afstandelijke lettertypen als Times New Roman, zelfs in de tekstballonnen van kwispelende hondjes. Connare liet zich inspireren door stripboeken en ontwierp Comic Sans. Met zo'n lettertype zouden gebruikers minder geïntimideerd raken door nieuwe software. Comic Sans lijkt op een handschrift en voelt daardoor menselijk aan. Het straalt toegankelijkheid uit, vriendelijkheid.

'Het lettertype dook voor het eerst op in Microsoft Movie Maker. Daarna ging het hard met Comic Sans. Als ik een lezing houd over lettertypen, vraag ik wel eens wie er ooit iets heeft geprint in Comic Sans. Vaak steekt iedereen zijn hand op. De meeste mensen speelden met het lettertype toen ze voor het eerst met computers in aanraking kwamen. Precies zoals de ontwerper het bedoeld had.'

'Onleesbaar? Daar dachten ze vijfenhalve eeuw geleden heel anders over. Dit is een van de eerste drukletters, gemaakt door de Duitse drukker Johannes Gutenberg. Hij baseerde zijn letter op het handschrift van monniken. Voor de uitvinding van de drukpers ging boeken maken zo: allemaal in een lange rij achter elkaar zitten en overschrijven maar. Verreweg de meeste mensen waren toen analfabeet. Schrijven en lezen was voorbehouden aan een select gezelschap van edellieden, dominees en rijke zakenlieden.

'In de jaren veertig van de vorige eeuw werd de 'knippertest' populair. Wetenschappers gebruikten die test om de leesbaarheid van fonts zogenaamd objectief te meten. Proefpersonen lazen teksten met verschillende lettertypen, terwijl onderzoekers turfden hoe vaak ze knipperden met hun ogen. Hoe meer er werd geknipperd, hoe vermoeiender het lettertype zou zijn. Inmiddels is dat idee totaal achterhaald. Als je de Volkskrant zou afdrukken in Textura, zouden lezers zich waarschijnlijk een ongeluk knipperen. Maar toen, in de Middeleeuwen, lazen ze die gotische letters net zo makkelijk als wij nu Times New Roman. Je leest het beste wat je het vaakst leest, zo werkt het.'

'Ontworpen door een man die oorspronkelijk beeldhouwer was, en dat zie je. Let op de kleine streepjes onderaan de hoofdletter A en aan de voet en de top van de l. De beeldhouwers in het oude Rome deden het ook al zo. Er zijn verschillende verklaringen voor die zogeheten schreven. Misschien hielpen ze de beeldhouwer om netjes zijn verticale en horizontale lijnen in de gaten te houden. Maar het zou ook kunnen dat de schreven zuiver decoratief zijn; een visuele verankering van de letter in de steen en op het papier.

'Lettertypen met schreef kunnen al gauw stekelig ogen, maar bij Albertus blijven de letters warm en helder. Theatraal, maar niet té. De stad Londen gebruikt Albertus voor de bewegwijzering in het financiële district. Een winderige, kille buurt, vooral in het weekend en 's avonds. Dankzij Albertus voel ik me toch welkom als ik daar rondloop, waarschijnlijk omdat ik het direct associeer met de hoezen van platen en de omslagen van poëziebundels, waar je het lettertype ook veel ziet. Laatst nog op de cd Parachutes van Coldplay. Het lettertype is al tachtig jaar oud, maar dat zo'n populaire band ervoor kiest toont wel aan dat het nog lang niet uit de mode is.'

'Vrouwelijke letterontwerpers zijn dun gezaaid, om volstrekt onduidelijke redenen. Maar een van die schaarse ontwerpsters, de Amerikaanse Beatrice Warde (1900-1962), kon messcherp uitleggen waar een goed lettertype aan moet voldoen. Een font moet volgens haar zijn als een glazen bokaal: onopvallend, haast onzichtbaar, zodat het niet afleidt van de inhoud. Het draait om de wijn, niet om het glas. Het draait om het verhaal, niet om het lettertype.

'Baskerville is zo'n lettertype dat schittert door afwezig te zijn. Ik vermoed dat het lettertype daarom al zo lang overleeft. Het is al meer dan twee eeuwen oud en maakte moeiteloos de overgang van papier naar computerschermen. Momenteel werk ik aan een nieuw boek over de geschiedenis van topografische kaarten. Van alle lettertypen die je tegenwoordig kunt kiezen in het uitrolmenu van je tekstverwerker, bewoog mijn cursor bijna automatisch naar Baskerville. Het voelt betrouwbaar. Klassiek, maar niet oubollig. Vooral als je de hoofdletter Q intikt, met zijn sierlijke staart die de volgende letter ondersteunt, is het alsof de complete drukgeschiedenis van je scherm spat. Prachtig.'

'Ken je de serie Mad Men, over een reclamebureau in de jaren zestig? Als hoofdpersoon Don Draper een lettertype zou moeten kiezen voor een nieuwe luchtvaartmaatschappij, dan zou het Helvetica worden. Het is in 1957 ontworpen door een Zwitser die vast niet de hele politieke geschiedenis van zijn land in een lettertype wilde vangen. Maar toch, als ik het font met één woord zou moeten omschrijven, dan is het 'neutraal'. Woorden die daarna bij me opkomen zijn 'helder' en 'schoon'.

'Het is haast onmogelijk een patent te krijgen op een lettertype. Toon maar eens aan dat jouw lettertype volstrekt uniek is: dat lukt je nooit, er zijn er duizenden. Maar áls het ontwerper Max Miedinger was gelukt, was hij zo rijk van Helvetica geworden dat hij een stuk van Zürich had kunnen kopen. Je ziet het werkelijk overal. In mijn boek staat een anekdote over een man in New York die probeert een dag te leven zonder Helvetica te zien. Onmogelijk. Hij ziet het op zijn wekker, op zijn pyjama, op zijn doos met ontbijtgranen, in zijn krant. Zelfs als hij vlucht naar de Chinese buurt, ontsnapt hij niet aan Helvetica. Want in welk lettertype staan de noedels aangeprezen op de menukaart? Precies.

'Toch gaat Helvetica niet vervelen, dat is het knappe aan het lettertype. Ik vind de letter het spannendst als je hem vet afdrukt. Vandaar ook de opdruk op het T-shirt dat ik wel eens draag: 'Sex and drugs and Helvetica Bold!'

Simon Garfield, Precies mijn type, vertaald door Ernst de Boer en Ankie Klootwijk,

Uitgeverij Podium, ISBN 9789057595189 € 22,50.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden