Serviërs juichen om `crimineel¿ Kosovo

AMSTERDAM -Servië heeft het onderzoek van de Raad van Europa, waarin de Kosovaarse premier van zware misdaden wordt beschuldigd, juichend onthaald. 'Dit rapport toont dat het tijd is voor de beschaafde wereld om te stoppen met het negeren van de vreselijke situatie in Kosovo', zei minister van Buitenlandse Zaken Vuk Jeremic.


In het rapport, dat vandaag in een commissie van de raad wordt besproken, schrijft de Zwitserse rapporteur Dick Marty dat de net herkozen Kosovaarse premier Hashim Thaci eind jaren negentig hoofd was van een criminele bende. Die zou zich schuldig hebben gemaakt aan drugshandel, moord en orgaanhandel.


Servië, dat de Kosovaarse onafhankelijkheid afwijst en de westerse steun voor Kosovo oneerlijk vindt, beschouwt het rapport als een bevestiging. Bruno Vekaric, aanklager voor oorlogsmisdaden, sprak van een 'grote triomf voor ons land.' Rusland schaarde zich achter Servië.


De EU reageerde afwachtender en vroeg Marty zijn beschuldigingen te onderbouwen. 'We nodigen hem uit de bewijzen over te dragen aan de bevoegde instanties', aldus een woordvoerder. Eulex, de juridische EU-missie in Kosovo, zei het rapport te zullen bestuderen. Minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal zegde een brief aan de Tweede Kamer toe.


De Servische reactie doet vermoeden dat het kritische rapport zal worden aangegrepen om de legitimiteit van Kosovo te ondergraven. Vier maand geleden ging Servië onder grote Europese druk akkoord om met Pristina te onderhandelen over openstaande praktische kwesties. Het is zeer de vraag of Belgrado daar nu nog toe bereid zal zijn.


'Het wordt moeilijker, maar de gesprekken zullen toch moeten doorgaan', zegt Marko Prelec van de International Crisis Group in Kosovo. 'Dit is groter dan het lot van één man.'


Ook Joost Lagendijk, oud-Kosovo-rapporteur in het EU-parlement en nu werkzaam bij het Istanbul Policy Center, denkt dat de verhoudingen tussen de EU, Kosovo en Servië op lange termijn niet door dit rapport zullen worden bepaald. 'Voor het imago van Thaci is dit slecht, maar het EU-beleid in de Balkan wordt bepaald door andere factoren. De EU zal denken: na Thaci een ander.'


Veel hangt af van de bewijzen die Marty aandraagt. Door zijn rapport uit 2007 over geheime CIA-gevangenissen in Europa heeft Marty een grote geloofwaardigheid. In zijn rapport zegt hij bovendien over een groot aantal bronnen te beschikken, onder wie ook insiders, van wie hij de namen echter niet noemt.


Vooral de betrokkenheid van Thaci bij drugshandel en georganiseerde misdaad lijkt stevig onderbouwd, onder meer met gegevens van buitenlandse inlichtingendiensten. Maar de directe band van Thaci met de orgaanhandel is minder duidelijk. Een internationale diplomaat in Kosovo, die anoniem wil blijven, noemt het rapport daarom 'een zeepbel'. Wel wordt Thaci's politiek adviseur, de chirurg Shaip Muja, in het rapport als spilfiguur in de orgaanhandelzaak aangeduid.


Het rapport is ook kritisch over de internationale gemeenschap, die 'een oogje toekneep voor de oorlogsmisdaden en daarmee de voorkeur gaf aan een zekere kortetermijnstabiliteit'. Volgens Lagendijk is dit echter na elke oorlog een dilemma. 'Je kunt wel alle schurken opsluiten, maar dan heb je geen leiders meer over. Het is zoeken naar de grens. Als Thaci betrokken is bij orgaanhandel, is de grens natuurlijk overschreden. Maar niemand in de Kosovaarse politiek heeft een lelieblank cv.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden