Seriemoord met een design-bijltje

Onder de begintitels glijden rode druppels langzaam naar beneden tegen een witte achtergrond. Patrick Bateman heeft weer toegeslagen, denkt de kijker, en gaat er maar eens goed voor zitten....

Regisseur Mary Harron (I shot Andy Warhol) en scenarist Guinevere Turner spelen vanaf het allereerste beeld met het verwachtingspatroon van de kijker. Zij kiezen ervoor Bret Easton Ellis' roman American Psycho uit te leggen als pure satire - een logische keus, omdat elke andere interpretatie van het verhaal een onverdraaglijke film zou hebben opgeleverd.

'Een gezwollen, krachteloze, eentonige en overgehypte roman over een goed uitziende psychopaat', vatte The New York Times negen jaar geleden Ellis' derde roman samen. De auteur werd beticht van mensenhaat in het algemeen en vrouwenhaat in het bijzonder. Bovendien zou hij niet kunnen schrijven; de ellenlange opsommingen met merk- en productnamen werden als hemeltergend saai ervaren.

Dezelfde New York Times noemde Harrons film eerder dit jaar 'A lean and mean horror comedy classic'. Het kan verkeren.

Zowel boek als film vertelt het verhaal van de 27-jarige Patrick Bateman, prototype yup, die het heeft gemaakt op Wall Street. Zijn gedachten betreffen enkel uiterlijkheden: van gezichtslotions en dure pakken tot de beste plaatsen in exclusieve clubs en restaurants. Bateman werkt nooit, hij laat zijn secretaresse lunchafspraken voor hem maken en businessmeetings afzeggen.

Als hij niet zit te lummelen op kantoor (Phil Collins luisteren, pornoboekjes kijken), op toiletten zit te snuiven of tegen collega's zit te snoeven, dan slacht hij mensen af - althans het lijkt alsof hij mensen afslacht. 'I think my mask of sanity is about to slip', zegt hij ergens. Misschien wel; misschien niet - het blijft in boek en film in het midden. Ook een moreel oordeel over Batemans exercities met nietpistool en zilveren design-bijl blijft uit.

Zwervers, collega's, callgirls; iedereen moet eraan geloven. In geuren en kleuren doet Bateman verslag. In zijn koelkast ligt een afgehakt hoofd naast een dure fles champagne.

Met een enorme kettingzaag in handen rent hij naakt door het trappenhuis van zijn kapitale, hagelwitte appartement in Manhatten, achter een doodsbange callgirl aan.

Humor? Negen jaar geleden bestond er meer twijfel dan nu.

Sinds het verschijnen van het boek zijn verschillende regisseurs en acteurs in relatie gebracht met een verfilming, van David Cronenberg en Oliver Stone tot Cameron Diaz en Leonardo DiCaprio, die na Titanic op zoek was naar iets anders. Maar American Psycho was hem al te anders, en de Britse acteur Christian Bale, de eerste keus van Harron, kreeg zijn rol weer terug.

Hoe terecht. Bale is fantastisch als de narcistische Bateman, een man zonder eigenschappen, die van het ene op het andere moment van een arrogante zak in een laf leeghoofd verandert, en daarna zomaar weer in een moordlustige hystericus. 'I'm into murders and executions!', blaft Bateman met een sardonische lach op zijn gezicht. Bale, blijkbaar niet bang voor type-casting, is later dit jaar in een soortgelijke rol - een arrogant racistisch rijkeluiskindje - te zien in John Singletons versie van Shaft.

De grootse vertolking van de titelheld, het gehaaide scenario en de fraaie tekening van de jaren tachtig - de hoogtijdagen van Ronald Reagans regime en het Grote Graaien - maken American Psycho tot een zeer geslaagde zwarte komedie. En Batemans gesuggereerde gruwelijkheden zorgen even makkelijk voor een grijns als voor walging. Dat is knap.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden