Reportage

Separatisten? Niet in de Dapperenstraat

Hun huizen liggen in puin, en waarom? Vanwege een actie tegen Albanese separatisten, zegt de regering. De bewoners van de steeg in Kumanovo geloven daar niets van.

Albanezen zetten waxinelichtjes neer bij foto's van de kapotgeschoten huizen in de Dapperenstraat in de Macedonische stad Kumanovo.Beeld AFP

Het is druk in de Dapperenstraat, heel druk zelfs. Sinds enkele dagen willen alle Albanezen van Kumanovo deze doodlopende steeg gezien hebben. Het is een komen en gaan van mensen met mobieltjes.

Er valt dan ook wat te fotograferen in de uitsluitend door etnische Albanezen bewoonde steeg. Afgelopen weekend werd ze door de antiterreurdienst van de Macedonische politie onder vuur genomen. En hoe. Dag en nacht duurden de beschietingen. Tientallen huizen werden door zwaar geschut getroffen. Van sommige staan alleen nog de muren overeind. Overal liggen uitgebrande autowrakken.

'Gaat de politie in Nederland ook zo te werk als ze op zoek is naar terroristen?', vraagt Izair Bilalli, een dokter. Hij zit op een bankje voor het huis van zijn vriend Agron Ajdini. Binnen is geen plaats meer. Het dak is half ingestort en in de muur van de slaapkamer van de kinderen zit een gat dat eruitziet als de landkaart van Polen. Ajdini mag van geluk spreken dat er op de dag van de operatie niemand thuis was.

Volgens de conservatieve regering was de operatie nodig om af te rekenen met een groep Albanese separatisten, maar in de Dapperenstraat gelooft niemand dat verhaal. Premier Nikola Gruevski heeft al zoveel gelogen. Iedereen heeft het over staatsterreur.

'Als er hier terroristen zaten, zouden we dat geweten hebben, vertelt Skender Amezi, een gepensioneerde wegenbouwer wiens huis er nog erger aan toe is dan dat van Ajdini. 'Iedereen kent hier iedereen. Een vreemdeling kun je hier van op afstand ruiken.' Achter de Albanese vlag op het balkon van het zwartgeblakerde huis aan de overkant hoef je volgens Amezi geen separatisme te zoeken. 'Albanese vlaggen kom je hier overal tegen.'

Nikola Gruevski.Beeld epa

Eigen problemen

Zoals iedereen in de Albanese gemeenschap is Amezi ervan overtuigd dat er sprake is van een opzetje. Na aanhoudende onthullingen over wijdverspreide corruptie en machtsmisbruik staat premier Gruevski onder zware druk om af te treden. Met zijn aanval op de Dapperenstraat wilde hij ongetwijfeld de aandacht afleiden van zijn eigen problemen.

Aan de achterkant van wat eens zijn mooie huis was, wordt Amezi bijgevallen door Osman Kadriu, een etnisch Albanese professor die geen geheim maakt van zijn nationalistische overtuigingen. Hij vergelijkt Gruevski met de Servische president Slobodan Milosevic. Toen die in 1998 onder druk kwam te staan, zaaide hij etnische onrust door de oorlog te verklaren aan de Kosovaren.

Het is een vergelijking die verleidelijk is in het door etnische Albanezen gedomineerde noordwesten van Macedonië, maar wellicht gaat ze te ver. Milaim Zeka, een Kosovaarse journalist die moeilijk van sympathie voor Gruevski kan worden beschuldigd, bevestigt dat zich in de straat wel degelijk separatisten haddden verschanst. Waarschijnlijk gaat het om leden van dezelfde groep die vorige maand in een Macedonisch grensdorp een politiekantoor bezetten. Ze werden geleid door Kosovaren die in de jaren negentig tegen de Serviërs vochten.

Grof

Ook volgens burgemeester Zoran Damjanovski, een etnische Macedoniër die tot de linkse oppositie behoort, kan moeilijk bewezen worden dat er sprake is van een opzetje. 'Dat zou wel heel erg grof zijn', stelt hij. 'Behalve veertien terroristen kwamen acht politiemensen om.' Maar Damjanovski, een stevige man die eruitziet als een bokser, maar dan wel een sympathieke, vindt het wel verdacht dat de separatisten zo lang ongemoeid zijn gelaten.

En dan is er natuurlijk de manier waarop die operatie werd uitgevoerd. Het mag een wonder heten dat niemand van de bewoners van de Dapperenstraat geraakt werd.

Hun leven hadden ze te danken aan hun reactievermogen. Zodra zaterdag in de vroege uurtjes het geweld losbarstte, doken ze hun kelders in, waar ze bleven tot het ergste gevaar geweken was. Pas 's avonds konden ze ontsnappen, maar een prettige ervaring was dat niet. Amezi, de gepensioneerde wegenbouwer die zag hoe zijn huis werd kapot geschoten, vertelt hoe hij en zijn familie, onder wie zijn 8-jarige kleinzoon Artan en twee blinde broers, 24 uur lang werden vastgehouden op verdenking van terrorisme.

In een land waar de etnische Albanezen zich als tweederangsburgers behandeld voelen is dat natuurlijk met vuur spelen. Nog niet zo lang geleden, in 2001, stond Macedonië door etnisch geweld al eens aan de rand van een burgeroorlog.

Sindsdien is er veel veranderd, ook door de aanwezigheid van een Albanese partij in de regering. Maar ideaal kan de toestand van de Albanese minderheid moeilijk genoemd worden, ook niet in Kumanovo, een stad waarin beide gemeenschappen beter met elkaar kunnen opschieten dan in andere steden. Nog altijd zijn in de Macedonische wijken de straten breder dan in de Albanese.

Tot geweld zal die ongelijkheid voorlopig niet leiden. Hoewel de Albanezen graag uitpakken met hun vlag, lijkt het separatisme op weinig steun te kunnen rekenen. Ze hoeven zich ook niet af te scheiden natuurlijk. Met een beetje geluk zullen ze ooit in heel Macedonië de meerderheid uitmaken. Officieel maken ze een kwart van de bevolking uit, maar hun werkelijke aantal zou veel hoger liggen.

Tekst loopt door onder de afbeelding.

Twee politieagenten helpen de vrouw (Midden) en kinderen van een vermoorde Macedonische agent tijdens zijn begrafenis.Beeld epa

Kwaad woord

Ook de Macedoniërs doen hun best om de toestand niet te laten ontsporen. In Kumanovo, een stad die zo arm is dat de inwoners er niet leven maar overleven, lijkt niemand een kwaad woord kwijt te willen over de anderen. 'Wat er ook moge gebeuren', stelt Niki, een jonge kerel in motorpak, 'ik zal er altijd eentje willen drinken met Musa, Dardan, Indrit en Krojan.'

De vraag is voor hoe lang nog, natuurlijk. Want sinds in 2001 het schoolsysteem hervormd werd, begrijpen beide bevolkingsgroepen elkaar hoe langer hun minder. Macedoniërs en Albanezen krijgen alleen onderwijs in hun eigen taal.

Hoe moeilijk het is om de kloof te overbruggen, blijkt in Multi-Kulti, een jeugdhuis niet ver van de Dapperenstraat. Een groep vrijwilligers probeert er al jaren kinderen van beide gemeenschappen bij elkaar te brengen. En met succes. Een week geleden lokte een feest wel tweehonderd kinderen. Albanezen én Macedoniërs.

Maar de gebeurtenissen van afgelopen weekend hebben duidelijk een domper op het enthousiasme gezet. 'Het is om de moed bij te verliezen', vertelt Florim, een etnische Albanees die zijn naam liever niet in de krant ziet. 'Ik doe dit werk al tien jaar en nu krijgen we deze shit over ons heen. We kunnen opnieuw beginnen.'

Sinds afgelopen weekend is in het buurthuis geen enkel kind komen opdagen.

Beeld de Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden