Klopt dit wel? Segregatie

Segregatie in het Nederlandse basisonderwijs overtreft die van de scherpst verdeelde Amerikaanse steden – Klopt dit wel?

Berichten verspreiden zich vaak razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden. Vandaag: de verdeling tussen arme, gekleurde scholen en rijke witte scholen is hier groter dan in de sterkst verdeelde Amerikaanse steden.

Foto ANP

Van wie komt die claim?

‘De segregatie in het Nederlandse basisonderwijs overtreft die van de scherpst gesegregeerde steden in de VS en het Verenigd Koninkrijk’, aldus online krant De Correspondent onlangs. Een opmerkelijke uitspraak, want het gebruikelijke schoolvoorbeeld van een verdeelde maatschappij stamt juist uit de Verenigde Staten: dáár heb je getto’s als die in Detroit en Chicago, vol etnische minderheden met weinig geld, wier kinderen op ‘zwarte scholen’ moeten vertoeven terwijl de witte kinderen in rijke buurten vooral naar overwegend witte scholen gaan.

Maar hier is het dus erger, constateert De Correspondent die recente segregatiecijfers op Nederlandse scholen van de Onderwijsinspectie vergeleek met die van Amerikaanse en Britse scholen.

Klopt het?

De auteur van het artikel, onderwijsjournalist Anja Vink, verwijst voor haar onderbouwing naar meerdere cijfers, die allemaal te maken hebben met de dissimilarity index: een ongelijkheidscijfer dat de mate uitdrukt waarin basisschoolleerlingen wat afkomst betreft hun directe omgeving weerspiegelen. Die index loopt van 0 tot 100, en een hogere score betekent dat de etnische verdeling van leerlingen op een school geen goede afspiegeling vormt van de verdeling in hun woonomgeving. Het is ook de maat die de Onderwijsinspectie gebruikt.

Een vergelijking maken tussen de index in Nederland en de VS is allesbehalve makkelijk. Van bijvoorbeeld Amerikaanse privéscholen ontbreken vaak cijfers, maar de kans is groot dat die onevenredig wit zijn.

Willem Boterman, stadsgeograaf aan de Universiteit van Amsterdam en medeonderzoeker van het Onderwijsinspectie-rapport, plaatst eveneens kanttekeningen bij de vergelijkbaarheid van de index: ‘Het maakt bijvoorbeeld heel wat uit of je de grens trekt bij de stad of een hele metropoolregio.’ De enige formele vergelijking van de index tussen steden van vergelijkbare groottes in de VS en Nederland stamt alweer uit 2009: daaruit bleek dat openbare scholen in North Carolina met scores rond de 30 minder verdeeld lijken dan Nederland, waar scores van 50 normaler zijn.

De Amerikaanse gigasteden scoren in recente cijfers van The Civil Rights Project zoals verwacht aan de hoge kant: scholen in New York zitten op een index van 78 bij de verdeling tussen witte en Afro-Amerikaanse kinderen. Chicago scoort met 79 een tikkeltje hoger. Veel andere Amerikaanse megasteden zitten ergens tussen de 40 en 60, afhankelijk van welke etniciteit wordt vergeleken. De grote steden in Nederland benaderen de hoogste Amerikaanse scores, blijkt uit onderzoek van Boterman: bij kinderen met Turkse en Marokkaanse migratieachtergronden op Haagse basisscholen bungelt de index tussen de 70 en 80.

Eindoordeel

Het is lastig te zeggen of de segregatie op Nederlandse basisscholen die van de ergste steden in de VS overtreft, maar de cijfers ontlopen elkaar niet veel.