nieuwssyriëgangers

Segers wijst het terughalen van kinderen van Syriëgangers toch niet categorisch af

ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers is tegen het naar Nederland terughalen van kinderen van Syriëgangers, zei hij zaterdag in een interview met Trouw. Opmerkelijk, want zijn fractiegenoot Joël Voordewind vindt dat Nederland zulke kinderen soms wél moet toelaten. Dat lijkt een meningsverschil, maar dat is het niet, stelt Segers.

Gert-Jan Segers (ChristenUnie). Beeld ANP
Gert-Jan Segers (ChristenUnie).Beeld ANP

Zijn woorden in Trouw wekken de indruk dat de ChristenUnie-voorman een harde grens trekt bij IS-kinderen van wie één of beide ouders nog in leven zijn. ‘Wat te doen met de uitgereisde Syriëgangers? We moeten deze mensen op dit moment beslist niet toelaten. Nee, ook hun kinderen niet, want met de kinderen haal je ook de ouders binnen; moderne SS’ers, die zich vrijwillig hebben aangesloten bij een gruwelijke, moorddadige organisatie, en van wie sommigen er waarschijnlijk niet voor zullen terugdeinzen om hier in Nederland een aanslag te plegen.’

Uitzonderingen

Segers’ uitspraken lijken in tegenspraak met die van fractiegenoot Voordewind. De woordvoerder asielzaken heeft er juist meermalen voor gepleit uitzonderingen te maken voor kinderen die in ‘levensbedreigende situaties’ of ‘erg schrijnende omstandigheden’ verkeren. Ook als hun ouders nog leven. ‘Wat doe je met ouders of moeders die afstand doen van hun ouderlijk gezag en daarmee hun kinderen over willen laten komen? Wat doe je als de moeder is overleden en de vader een hele lange gevangenisstraf uitzit? Dat zijn situaties waarbij ik hoop dat er een goede afweging wordt gemaakt’, zei Voordewind vorige maand in de Volkskrant.

CDA en VVD zijn – om dezelfde reden die Segers noemt – principieel tegen het terughalen van kinderen van Nederlandse IS-strijders. Dat categorische ‘nee’ is ook het formele kabinetsstandpunt, hoewel D66 en ChristenUnie het geregeld ter discussie stellen en proberen te verzachten tot een ‘nee, tenzij’. D66-Kamerlid Kees Verhoeven zei eerder bijvoorbeeld dat de kinderen niet de dupe mogen worden van de slechte keuzen van hun ouders. ‘Afhankelijk van het specifieke geval en indien nodig moeten we kinderen terughalen.’

Gevraagd om een nadere toelichting laat Segers weten: ‘We zijn niet van mening veranderd. We vonden het goed dat weeskinderen werden teruggehaald, maar bij een terugkeer van de andere kinderen is het onvermijdelijk dat hun ouders ook komen en dat is op dit moment een veel te groot risico.’ Als hij gewezen wordt op het feit dat partijgenoot Voordewind ook uitzonderingen wil maken voor kinderen die geen wees zijn, zegt de CU-leider: ‘Als de ouders hun ouderlijk gezag opgeven of een lange gevangenisstraf uitzitten, weet je zeker dat ze hun kinderen niet achterna kunnen komen. Wat ik in Trouw heb gezegd, gaat over een generieke regeling. Als je alle kinderen in IS-gebied zou toestaan terug te keren, komen de ouders ook mee.’

Ook CDA-minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) nam in mei – bewust of onbewust – afstand van het onwrikbare kabinetsstandpunt. In het televisieprogramma Pauw kondigde hij tot verrassing van zijn coalitiegenoten aan dat hij liet onderzoeken hoe de kinderen op een veilige manier terug kunnen komen naar Nederland. ‘De kinderen moeten daar weg. Ze moeten daar niet in een kamp zitten.’ De volgende dag werden Grapperhaus’ uitspraken door premier Rutte gecorrigeerd: Grapperhaus was verkeerd begrepen, het kabinetsstandpunt ongewijzigd.

Verwarring

In juni ontstond er opnieuw verwarring over de politieke beleidslijn. De regering liet toen tóch twee kinderen van Syriëgangers terugkomen naar Nederland. Ook dit moest niet gezien worden als een draai van het kabinet, haastte Grapperhaus zich te verklaren. Het ging om een uitzonderlijke situatie: Nederland hoefde in dit geval geen eigen mensen naar gevaarlijk gebied te sturen, maar kon aanhaken bij een Franse missie die in Noord-Syrië was om Franse IS-kinderen op te halen. Bovendien ging het om twee weeskinderen die onder voogdij van de Nederlandse staat stonden. Er was in dit specifieke geval dus geen risico dat de ouders later een beroep zouden doen op hun recht op gezinshereniging.

Er verblijven naar schatting zo’n tachtig tot honderd kinderen van Nederlandse jihadstrijders in Syrië. Het kabinet onderzoekt of het mogelijk is een internationaal tribunaal op te richten om de Syriëgangers te kunnen berechten op de plaats van de misdaad. Ook de ChristenUnie is voorstander van zo’n tribunaal.

De regeringscoalitie ziet vooralsnog weinig heil in het aanbod van het Rode Kruis om de regering desgevraagd te helpen bij het terugbrengen van IS-kinderen uit Syrië. VVD en CDA reageren ronduit negatief op het plan, alleen de ChristenUnie ziet wel iets in het voorstel.

De druk op de Nederlandse overheid om ‘kalifaatkinderen’ uit Syrische vluchtelingenkampen te repatriëren loopt op. Kinderombudsman Margrite Kalverboer: ‘Niets doen is onacceptabel.’

Voor het eerst heeft Nederland twee kinderen van IS-strijders opgehaald uit Syrië. De terugkeer van de kinderen kwam twee dagen nadat minister Grapperhaus (Veiligheid en Justitie) had verklaard dat Nederlandse ambtenaren niet naar Syrië kunnen om daar kinderen op te halen.

Minister Ferd Grapperhaus (Justitie) zaaide in mei verwarring over het lot van de kinderen van Nederlandse Syriëgangers. Het kabinet heeft steeds gezegd geen actie te willen ondernemen om die kinderen terug te laten keren naar Nederland, totdat Grapperhaus plotseling het tegendeel verklaarde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden