Science-shoppen

Er bereiken ons tegenstrijdige berichten over de Nederlandse wetenschapswinkels. We vragen ons af: gaat het nu goed of slecht met deze universitaire diensten, waar armlastige clubjes kunnen aankloppen voor onderzoek door studenten of docenten?...

Henk van Renssen

Het gaat prima, meldt de Chemiewinkel van de Rijksuniversiteit Groningen deze week in een persbericht. Samen met de Wetenschapswinkel Biologie van de Universiteit Utrecht is ze coördinator van het project Issnet (Improving Science Shop Networking), dat bedoeld is om een internationaal netwerk van wetenschapswinkels op te zetten. Deze maand ontvangt Issnet vierhonderdduizend euro van de Europese Unie, wat vorige week werd gevierd op de officiële startbijeenkomst in Innsbruck.

Het geld is bedoeld om het evangelie van de wetenschapswinkel - een Nederlands idee uit de jaren zeventig, maar inmiddels ook in opkomst in landen als Duitsland, Spanje en Frankrijk - verder uit te dragen. De onvermijdelijke website zal worden opgezet, er komen een tijdschrift, Living-Knowledge, en een tweejaarlijkse conferentie. De deelnemers - er bestaan zo'n zestig winkels over de wereld - gaan ook samen milieuprojecten beginnen.

Dat is allemaal het resultaat geweest van jarenlang lobbyen, zegt dr. Henk Mulder van de Chemiewinkel in Groningen. Al in 1996 vond er in die stad een eerste internationale bijeenkomt plaats. In 1998 vloeide daaruit een project in Roemenië voort, gefinancierd door het ministerie van Buitenlandse Zaken. Dat gaf daar eind vorig jaar opnieuw geld voor. In 1999 gaf de EU twee ton voor een voorstudie naar Issnet.

De echte impuls volgde in 2001. Naast een directoraat Onderzoek begon de EU toen een directoraat Wetenschap en Samenleving, ter ondersteuning van onder meer wetenschapsmusea en de positie van vrouwen in de wetenschap. Dat is nu over de brug gekomen.

En dat terwijl het met een aantal van de ruim dertig winkels in Nederland helemaal niet zo best gaat. Groningen, Utrecht en Tilburg lopen goed, maar in 1996 werd bijvoorbeeld de Leidse winkel opgeheven. Enkele jaren geleden volgde die van Delft. De winkel in Nijmegen lijdt onder bezuinigingen en is opgegaan in de algemene dienst kennistransfer. En nu wordt ook de wetenschapswinkel van de Universiteit Maastricht bedreigd door zware bezuinigingen en misschien opheffing.

Dat begon allemaal met een paar kleine regeltjes in de begroting die het College van Bestuur eind vorig jaar aan de Universiteitsraad voorlegde, zegt Jo Haesen van de Maastrichtse winkel. Haar klanten, meestal kleine non-profitorganisaties zoals buurt- en patiëntenverenigingen, zouden verregaand zijn geprofessionaliseerd en geen behoefte meer hebben aan de rapportjes van de wetenschapswinkel. De idealistische jaren zeventig, kortom, waren voorbij.

Resultaat op de begroting: binnen twee jaar honderduizend euro van de 180 duizend euro af. Mocht de winkel daarmee niet meer levensvatbaar zijn, dan volgt opheffing. De beslissing werd tijdelijk uitgesteld door een argwanende Universiteitsraad. Die gaat eind april opnieuw in discussie met het College, dan onder leiding van de nieuwe rector magnificus Jo Ritzen.

Haesen ziet het vrij somber in. 'Leiden en Delft werden na eenzelfde discussie opgeheven.' Er kloppen echt nog altijd genoeg klanten aan voor hulp, betoogt hij. Een probleem is eerder student-onderzoekers te vinden, nu die steeds minder tijd hebben. 'Hoewel er wel steeds meer afgestudeerden langskomen die geen baan kunnen vinden.'

Volgens Mulder uit Groningen hangt het er helemaal vanaf wie er in het machtige bestuurscollege zetelt. In Groningen zitten er volgens hem mensen in met oog voor 'de maatschappelijke bewustwording van studenten en het regionale imago'. Voor anderen hebben de winkels nog altijd een geitewollensokken-imago. 'Dat idee hebben ze in Brussel helemaal niet: daar is een science shop gewoon ''iets goeds''.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden