Schuld voldaan, evenveel uitstoot

Om de Nederlandse uitstoot van broeikasgas te compenseren, zijn snel milieuprojecten nodig in het buitenland. Nederland kiest onder meer voor omstreden stuwdammen en eucalyptusplantages....

Het vermindert het klimaatprobleem, bestrijdt de armoede én verbetert het milieu in de Derde Wereld. In theorie is de internationale handel in CO 2-rechten het antwoord op de grootste wereldvragen. Maar in de praktijk is dat vermoedelijk toch te mooi om waar te zijn, zo blijkt uit de groeiende kritiek op het systeem waarvoor Nederland onlangs haar eerste plannen bekendmaakte.

Het idee achter de handel in kooldioxide (CO 2) is simpel. Rijke landen helpen arme landen aan schone energie, zoals door de aanleg van windmolens of waterkrachtprojecten die het ontwikkelingsland anders niet had kunnen betalen. Met de bouw van moderne installaties wordt niet alleen de uitstoot van klassieke milieuvervuiling tegengegaan, maar worden ook duizenden tonnen minder broeikasgas in de atmosfeer geblazen.

Die laatste klimaatwinst mogen de rijke landen meetellen in de prestatie die ze verplicht zijn te leveren volgens de klimaatafspraken van Kyoto. Voor Nederland komen die neer op 6 procent minder uitstoot van broeikasgas in 2010 vergeleken met de uitstoot in 1990. De helft van die vermindering mag in het buitenland worden gerealiseerd, en dat is maar goed ook.

Zonder de internationale CO 2-handel zat Nederland, net als veel andere Europese landen, namelijk diep in de problemen. Vanwege halfslachtige maatregelen in eigen land is de uitstoot van broeikasgas hier tot dusver niet gedaald, maar gestegen. Zodoende moet de komende zeven jaar een reductie worden bereikt van maar liefst 9 procent.

Om dat te halen, zijn heel snel concrete ideeën nodig. Als een van de eerste landen selecteerde Nederland twee maanden geleden achttien klimaatprojecten over de hele wereld. De meeste daarvan worden unaniem toegejuicht. Ook de internationale milieubeweging kan uitstekend leven met de windprojecten in India, China en Jamaica en met de opwekking van energie met biomassa in India en Brazilië. Het zijn zuivere voorbeelden van hoe het Clean Development Mechanism (CDM) behoort te werken.

Dat ligt anders met projecten die de Nederlandse toets wel hebben doorstaan, maar nauwelijks lijken te passen in de ideële doelstelling van het CDM. Daaronder bevindt zich uitgerekend een van de grootste projecten waarmee milieustaatssecretaris Van Geel zijn buitenlandse klimaatwinst wil binnenslepen: de bouw van de Esti-waterkrachtcentrale in Panama.

Tussen 2003 en 2012 zal die centrale naar verwachting 3,5 miljoen ton CO 2-uitstoot besparen, ervan uitgaande dat de elektriciteit anders met fossiele brandstoffen zou zijn opgewekt. Maar dat laatste is de vraag en bovendien is de dam al voor ruim de helft klaar.

'Het wonderlijke is dat het hele project ook zonder Nederlands geld zou doorgaan', zegt klimaatexpert Sible Schöne van het Wereldnatuurfonds WNF. 'Terwijl is afgesproken dat uitsluitend projecten worden gesteund die zonder CDM niet van de grond zouden komen. Anders is de feitelijke besparing natuurlijk nihil. Het waterkrachtproject bewijst dat Nederland veel te soepel omgaat met die voorwaarde.'

Tien milieuorganisaties hebben bezwaar gemaakt tegen de goedkeuring van het Panamaproject. Maar het ministerie van VROM beroept zich op de formele toetsing ervan door een onafhankelijke beoordelingscommissie. Die stelde onlangs vast dat de stuwdam inderdaad óók zonder CO 2-handel zou zijn gebouwd. In die zin is er van een extra besparing op klimaatgebied dus geen sprake.

Maar zonder de dam zou de komende jaren theoretisch wel méér uitstoot hebben plaatsgevonden. Weliswaar lijkt de geest van de Kyoto-afspraak het project uit te sluiten, maar de onderhandelaars hebben verzuimd het daadwerkelijk te verbieden. Wanneer Nederland de Esti-dam wil gebruiken om haar eigen uitstoot te compenseren, is dat formeel in orde.

In Brazilië staat het omstreden Plantar-project op stapel: het eerste officiële klimaatproject dat CO 2 zou vastleggen in plaats van de uitstoot ervan te voorkomen: een zogeheten sink. Plantar behelst een eucalyptusplantage waarvan de volgroeide bomen worden gebruikt als houtskool bij het smelten van ijzererts. Dat bespaart steenkool. Zolang de cyclus van aanplant en oogst niet wordt onderbroken, zorgt de plantage bovendien voor de opslag van koolstof in de bomen zelf.

Via de Wereldbank wil Nederland ook aan dit project deelnemen, evenals de Rabobank die als intermediair voor de overheid 10 miljoen ton CO 2-reductie moet binnenhalen. Maar het project is uiterst bezwaarlijk voor de lokale bevolking, zegt Jutta Kill van milieuorganisatie FERN die in Brussel de Europese bosbouwplannen volgt.

Rond de bestaande eucalyptusplantages in Brazilië drogen putten en rivieren op, want de bomen zijn forse waterdrinkers. Voor de aanleg wordt productief veeteeltgebied opgekocht en in het hele proces wordt veel herbicide gebruikt. Daardoor wordt ook het laatste drinkwater onbruikbaar. Bovendien is de werkgelegenheid op de industriële plantage tijdelijk, en is de biodiversiteit gering. Behalve eucalyptus groeit er vrijwel niets.

'Maar wat willen de milieuorganisatie nou eigenlijk?', reageert manager duurzame energie drs. Daan Dijk van de Rabobank. 'Aan elk project zitten minder gunstige aspecten. Daarover wil ik het lokale management best op de grill leggen, maar op een gegeven moment moeten we toch echt kiezen.'

Vooralsnog voldoet ook het Plantar-project aan de eisen van de VN, en het plan zelf ziet er volgens Dijk uitstekend uit. 'Bovendien moeten we ons realiseren dat vertraging kostbaar is. We hebben nog zeven jaar om nieuwe plannen te realiseren. Elk jaar dat daar vanaf gaat, maakt de projecten minder rendabel.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden