Schuivende grenzen aan de groei

Weinig is er uitgekomen van het doemscenario uit 1972 van de Club van Rome. De vraag is of de computermodellen van vandaag wel beter zijn....

DERTIG JAAR geleden is het alweer dat het legendarische rapport van de Club van Rome verscheen. Het rapport kondigde honger, schaarste en een berg milieuproblemen aan, tenzij de wereld het roer drastisch zou omgooien. Binnen dertig jaar zou de rekening worden gepresenteerd, voorspelde de Amerikaanse fysicus Dennis Meadows op grond van geavanceerde computerberekeningen van zijn collega Jay Forrester - beiden werkzaam aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT).

Het was in 1972 de eerste keer dat de computer op basis van een compleet wereldmodel een scenario voor de toekomst produceerde. De invloed van het rapport Grenzen aan de Groei was enorm. Alleen al in Nederland werden driehonderdduizend exemplaren verkocht. Maar wie dertig jaar later om zich heen kijkt, ziet dat het doemscenario niet is uitgekomen, terwijl de wereld is blijven groeien en consumeren.

Kennelijk klopte het computermodel van Meadows en Forrester niet, of waren de gegevens waarmee ze hun magische rekenmodules hadden gevoed onjuist. Maar misschien ook falen computermodellen wel per definitie, zolang ze grotendeels op onzekerheden worden gebaseerd. En als dat zo is, wat betekent dat dan voor de modellen van het Milieuplanbureau RIVM en het klimaatpanel IPCC, die tegenwoordig verantwoordelijk zijn voor allerlei nieuwe doemscenario's?

Stel die vraag aan een modellenbouwer van het RIVM, en bereid je voor op een geruststellend antwoord. Fysisch chemicus dr. Bert de Vries, senioronderzoeker bij het milieu-en natuurplanbureau, kwam immers al in 1984 in contact met Dennis Meadows en werkte mee aan diens vervolgboek De Grenzen Voorbij, dat in 1991 verscheen. Daarin was de Amerikaan nog even pessimistisch als voorheen en diep in zijn hart, geeft de RIVM-man toe, durft hij hem in dat gevoel nog steeds geen ongelijk te geven.

We mogen dus wel beweren dat de Club van Rome fout zat, maar dat is nog lang niet zeker. 'Het ligt eraan wat je met fout bedoelt. Op sommige punten was de voorspelling juist en op andere niet. Dat lag vooral aan de input van de gegevens, maar dat waren in 1971 nu eenmaal de best beschikbare. Met de structuur van het system dynamics- model was weinig mis.'

Althans, op een paar zaken na. De technologische reactie van mensen op milieuproblemen zat niet in het model, terwijl die de loop van gebeurtenissen sterk heeft beïnvloed. 'Bovendien zat de wereld er in als één regio, namelijk die van de Noord-Amerikaanse wereld. Ook dat is achterhaald. Wij werken inmiddels met modellen waarin de wereld in zeventien verschillende regio's wordt onderverdeeld.'

De grootste fout lag op het terrein van de natuurlijke hulpbronnen. Daarvan zijn er minder nodig per eenheid economische groei. Maar belangrijker was de veronderstelling dat hulpbronnen in omvang strikt eindig waren, terwijl het tegendeel is gebleken. 'Niet alleen vanwege meer reserves bij hogere prijzen, maar ook omdat er substitutie plaatsvindt. Als het metaal op is gaan we plastic gebruiken, en weer iets anders als dat op raakt.'

Het waren beginnersfouten in de magische eerste dagen van het computermodelleren, oordeelt de RIVM-man. 'Meadows is een pessimist en het model dat hij en Forrester maakten, was niet waardevrij. Maar ik denk niet dat dat bewust gebeurde. Hun wetenschappelijke integriteit is niet in het geding.'

Maar als de Club van Rome fout zat, wat betekent dat voor de modellen van vandaag? Daarover wordt in de jongste generatie modellenbouwers soms iets eigenzinniger geoordeeld.

Zo begint toegepast filosoof dr. ir. Marjolein van Asselt, werkzaam bij International Centre for Integrative Studies (ICIS) aan de Universiteit Maastricht, met de nuchtere vaststelling dat zíj nog kraaiend in de wieg lag toen het milieurapport verscheen. Een mythische klank heeft de studie nooit gehad. 'Het was de eerste keer dat computermodellen het maatschappelijk debat sterk hebben beïnvloed. Dat heeft me gefascineerd, niet zozeer de reputatie van het rapport.'

Net als De Vries was Van Asselt betrokken bij de ontwikkeling van een tweede-generatie computermodel op het RIVM, Targets, dat voortbouwde op het werk van Meadows en Forrester. Beide modellen proberen de realiteit na te bootsen waarin processen elkaar voortdurend beïnvloeden. De wereld is dynamisch - dus het model ook.

Gegevens over temperatuur en neerslag bijvoorbeeld beïnvloeden de hoeveelheid geproduceerd voedsel, wat het aantal wereldbewoners meebepaalt. Dat heeft gevolgen voor het gebruik van olie en kolen, waarmee de uitstoot van broeikasgassen wordt beïnvloedt. Wat dus weer effect heeft op temperatuur en regen.

Van Asselt: 'Met de kennis van toen heeft men iets verbazingwekkends voor elkaar gekregen, maar tegelijk hebben ze het model wel degelijk naar hun hand gezet. De eigen, niet-wetenschappelijke zorgen als burger klonken door in de formules. Het model spuugde vrijwel automatisch pessimistische toekomstbeelden uit.'

Meer dan de RIVM-man vindt ze dat niet alleen op de input van het Club van Rome-model valt af te dingen, maar ook op de modelstructuur zelf. En helaas is dat geen uitzondering: 'Het is nog steeds de gewoonte om modellen te maken waarin maar één manier van denken zit.'

Wetenschappelijk integer was de methode van Meadows niet, oordeelt de onderzoekster, en het zou de Amerikaan gesierd hebben wanneer hij ondertussen afstand van zijn model had gedaan. 'Het is jammer dat hij ervoor gezwicht is te gaan profiteren van zijn roem, zoals een topsporter wiens tijd voorbij is. Dat is voor mijn generatie makkelijker te constateren, zonder zich af te zetten tegen de inhoud van het rapport.'

Van de fouten van de Club van Rome is overigens veel geleerd, zegt De Vries van het RIVM. 'We hebben oog voor veel méér effecten. We definiëren grondstoffen niet meer als een doos die leeg kan raken, maar als een hoeveelheid die bij een bepaalde prijs in een bepaald tempo wordt gebruikt en die in een andere vorm eventueel weer kan toenemen. Land is niet meer één voorraad die erodeert en dan geen voedsel meer voortbrengt. Er zijn nu tussen de tien en vijftien categorieën.'

Met de huidige modellen is subtieler te bepalen wanneer de grenzen van de groei in zicht komen. Bovendien leveren de nieuwste varianten, zoals het Image-model, even gemakkelijk scenario's volgens de wereld van Greenpeace, van Bush, van de anti-globalisten als van het duurzame groeimodel van Brundtland. Echte rampen spuwt de computer niet gemakkelijk meer uit, is zijn ervaring. 'Het model bevat meer terugkoppelingen en is dus veerkrachtig, net als de echte wereld.'

Maar Marjolein van Asselt is nog niet tevreden. 'In de maatschappelijke discussie blijft het idee van voorspelbaarheid dominant. Daarmee houd je het probleem van de rapportenoorlogen, terwijl je ondertussen ook strategieën zou kunnen ontwikkelen voor het geval één van de mogelijke toekomsten uitkomt.'

Het probleem is dat moderne samenlevingen zich geen raad weten met onzekerheid, weet ze. Meervoudige antwoorden zijn verdacht.

Zo had het klimaatpanel IPCC er verstandig aan gedaan om tenminste in één paragraaf uiteen te zetten welke wetenschappelijke argumenten er pleiten tégen klimaatverandering, ook al toont het overgrote deel van het bewijs het tegendeel.

Maar sinds het rapport van de Club van Rome zijn we gewend geraakt om in één milieuwaarheid te geloven, ook al is die niet uitgekomen.

Van Asselt: 'Zo'n extra paragraaf zou wetenschappelijk meer integer zijn geweest, maar politiek onhandig. Omdat we niet kunnen omgaan met pluralisme worden tegengeluiden opgeblazen. Dat verlamt onze mogelijkheden om op te treden, en dus blijft de wetenschap quasi-zekerheden produceren terwijl men die eigenlijk niet heeft.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden